Zwarte spiegels

Recensie door: Els van Swol

Het boek Vriendschap van Chris Keulemans (Tunis, 1960), de reizende schrijver, journalist, moderator, leraar en debatvoorzitter, begint ‘keurig’ met een definitie van het begrip vriendschap. Allereerst als motto (‘Vriendschap is een vorm van radicale hoop’, Nadia Bouras) en in de lopende tekst die van de Romein Cicero: ‘Een tweede ik.’ Keulemans is het niet met Cicero eens en komt met het woord ‘aantrekkingskracht’. Drie korte definities, die gaandeweg het boek uitdijen en worden genuanceerd. Plezier in iemand hebben, heet het dan bijvoorbeeld. Of houden van muziek (De Dijk), ‘een echte vriend’ die hij graag inruilt voor sommige vrienden, dood of levend in zijn ‘geheugenkoffer’. Degenen die hij in zijn hoofd op al zijn reizen meeneemt, of – liever gezegd – waarin het leven waarin hij ze tegenkwam voorbijkomt. Sommige vrienden hebben nu geen rol meer, zegt de utilitaristisch ingestelde Keulemans. ‘Al die internationale scholen en de constante verhuizingen, van het ene continent naar het andere, ze leerden me dat iedereen verdwijnt.’

Het stellen van vragen en meer dan dat

Chris correspondeert met Halid, een Palestijnse cameraman en editor die voor Al Jazeera in Gaza werkt. Halid stelt vragen die Chris beantwoordt. Zoals: ‘Hoe zijn jij en je vrienden voor het leven elkaar krijtgeraakt?’ Of: ‘Hoe praat jij over vrienden die je verloren hebt?’ En in gebiedende vorm: ‘Schrijf me over Amsterdam’, de stad waar Keulemans van houdt. Het zijn wat Agnes Callard in haar boek Open Socrates. Een filosofisch leven ‘ongelegen vragen’ noemt, wezenlijke vragen die de basis van ons bestaan raken. Zij heeft het ook over hoop, het motto van Bouras: ‘Hoop is moeilijk vol te houden, omdat hij gepaard gaat met het vooruitzicht van verdriet en een gevoel van verlies.’ Iets wat in het boek van Keulemans ook daadwerkelijk plaatsvindt.

Er gebeurt ook iets dat meer is dan vragen stellen. Halid noemt de familie Keulemans ‘koloniaaltjes’, gezinnen die wat komen halen: verhalen, land. Chris vraagt zich bij sommige vriendschappen af of hij ‘werkelijk nieuwsgierig [is] naar hoe het sommige mensen uit zijn jeugd is vergaan’, of toch vooral naar wat ‘ze over zijn kleine zelf [kunnen] vertellen’. Weer een utilitaristisch trekje, het nut dat een mens voor een ander kan hebben.
Chris voelt zich betrapt wanneer hij over Indonesië denkt in termen van krotten en niet over mensen die bijvoorbeeld in Den Haag medicijnen en viool studeerden en een zoon hebben (Saud, Keulemans’ held die hem inwijdde in de wereld van de popmuziek), een jongen die economie had gestudeerd en een bijbaantje als chauffeur had, ‘gewoon, een baantje’.

Saud en Chris hadden een gemeenschappelijk verleden, een heden zonder gezag of afhankelijkheid, maar geen toekomst. Halid vindt dat hij een mooi verhaal over Saud heeft opgeschreven. Een verhaal over vergevingsgezindheid. Hij kijkt naar die verhalen uit. ‘Het is’, schrijft hij, ‘niet iets wat ik onder vriendschap versta, maar elke stap buiten de werkelijkheid [van Ramallah, EvS] is welkom.’

Vriendschap

Chris stelt geen vragen aan Halid terug, maar schrijft hem over mensen die hij niet kent. ‘Dat mag je’, vindt Halid, ‘een vriend niet aandoen. Je doet het toch (…). Je verschuilt je erachter alsof het zwarte spiegels zijn (…). Daarom blijf ik je vragen stellen.’  Een ‘ongelegen vraag’ die Halid niet stelt gaat over Sarajevo. Chris vertelt het toch. Om ze – hem parafraserend – ‘aan de oppervlakte te houden’. Pas als er geen verhaal meer van kan worden gemaakt, is iets of iemand dood. In de geheugenkoffer opgeborgen.

Het zijn zinnen die voorkomen in een van de indrukwekkendste hoofdstukken uit het boek over zijn vriend David, die kanker heeft. Het woord ‘nabijheid’ komt hier bij de lezer op als een andere definitie van vriendschap. Zoals andere kopjes boven de paragrafen die de lading ook kunnen dekken: Warmte, Aandacht, Vertrouwen, Liefde.

Ontmoetingen tussen mensen

Of een omschrijving als ontmoeting, werkelijke ontmoeting. Een woord op de achterflap van een ander boek van Keulemans: Verzet (2024) dat samen met Gastvrijheid (2021) en dit laatste boek een trilogie vormt. Harris uit Gastvrijheid is net zo goed een vriend als Adam in Verzet en Halid in Vriendschap. Het zijn vriendschappen die de rode draad tussen de drie boeken vormt.

Misschien is het ook wel hetzelfde, zijn het synoniemen van elkaar: gastvrijheid krijgen of bieden aan een vriend is een vorm van verzet tegen mensen die die vriend eventueel kwaad zouden willen doen. In Amsterdam, in Bagdad en waar Keulemans dan ook vertoeft om zijn verhalen, inzichten en analyses over de drie thema’s c.q. dat ene overkoepelende, universele thema op papier te zetten. Uitwaaierend en de thematiek van alle kanten belichtend.

Of die vrienden allemaal echt hebben bestaan of (deels) aan zijn fantasie zijn ontsproten, doet er dan eigenlijk niet toe. Fictie en werkelijkheid rijken elkaar in deze trilogie de hand.

Vriendschap

Chris Keulemans

Uitgever: Uitgeverij Jurgen Maas (2026)

ISBN 9789493397163

232 pagina's

Prijs: € 22,90

Kopen bij Libris

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meer van deze recensent

Verwant