24 december 2018

Uit het archief – Rascha Peper en Maria Stahlie

door Vic Veldheer

Vijftien jaar geleden verschenen er twee boeken die het nog steeds waard zijn om te worden gelezen: Wie scheep gaat van Rascha Peper en De lijfarts van Maria Stahlie.
Waarom deze twee. Welnu, ze verdienen meer aandacht dan ze over het algemeen gekregen hebben. Rascha Peper is een meester in de vertelkunst en Maria Stahlie is één van de beste prozaschrijvers die ik ken.
Hoewel beiden inmiddels een indrukwekkend oeuvre hebben geschreven, heb ik pas relatief laat kennis genomen van hun werk. Misschien is dat voor mij wel de reden waarom ik meer aandacht vraag voor hun boeken; mijn enthousiasme voor hun werk dateert van niet zo lang geleden en is anders dan bijvoorbeeld voor de boeken van de Grote Drie.

Recent las ik voor het eerst Dooi van Rascha Peper, nu lees ik Wie scheep gaat en dat doe ik met veel plezier. Wat mij in Rascha Peper aantrekt is de krachtige manier waarop zij een verhaal vertelt. Met ogenschijnlijk eenvoudige taal, weet ze de lezer tot het einde te boeien en mee te nemen in het verhaal. Op trefzekere wijze schetst ze de karakters van haar personages. Zoals de recensent ook schrijft: ‘Wie scheep gaat is een sublieme vertelling.’
Na Wie scheep gaat schreef Rascha Peper nog acht boeken. Ze overleed in 2013.

Recensie van 4 augustus 2003 van Wie scheep gaat. Naam van de recensent niet bekend.

‘Zeeblauwe badeendjes van onverwoestbaar plastic, met al even onverwoestbare glimlachjes, omringen de nieuwe roman van Rascha Peper. Niet alleen als aandachtstrekker in de boekhandel: Wie scheep gaat begint en eindigt met de diepzinnige overpeinzingen van zo’n badeendje. Dit wijsgerige kinderspeelgoed komt misschien wat al te gemaakt over, maar speelt desalniettemin een niet te verwaarlozen rol in Pepers sublieme vertelling. Wie scheep gaat verhaalt over de verlangens, angsten en herinneringen van een oude Haagse kleermaker, een Lolita-achtig pubermeisje, een vereenzaamde oceanograaf in New York en een stoere duiker.’ Lees meer…

 

Wie scheep gaat
Rascha Peper
Verschenen bij: Nieuw Amsterdam
ISBN: 9789046813515
480 pagina's
Prijs: € 10,00

Toen ik voor Literair Nederland in 2015 Egidius van Maria Stahlie recenseerde, was dat mijn eerste kennismaking met haar werk. Daarna heb ik De lijfarts gelezen, waarvan ik nog steeds onder de indruk ben. Na De lijfarts schreef Stahlie nog zeven boeken.
Het knappe van Maria Stahlie vind ik haar veelzijdigheid als romancier. Ze schrijft prachtig, componeert consciëntieus, met veel oog voor detail (schept er een genoegen in om met getallen te spelen en er een symbolische betekenis aan te geven) en tekent in heldere stijl scherpe psychologische portretten van haar personages, die tot op zekere hoogte worstelen met het leven.

Recensie 12 januari 2003: De lijfarts door Menno Hartman:

‘Minuut na minuut, uur na uur, dag in dag uit was ik de juiste persoon op de juiste plaatsen de tijd vloog en ook ik kreeg vleugels en minuut na minuut, uur na uur, dag na dag voelde de leugen, mijn zwendel, aan als een gevleugelde waarheid. Niet geschapen voor het moederschap was ik, niet voor het dochterschap, niet voor het eegaschap, ik was geschapen voor het lijfartsschap.’ Het sterke aan de roman De lijfarts van Maria Stahlie is dat het zich ergens onttrekt aan de typisch Nederlandse verwachtingen ten aanzien van de roman: een hecht gecomponeerde tekst die voortdurend naar zichzelf verwijst en grote verhalen en bewegingen schuwt, omdat er gezocht wordt naar eenheid. Lees verder:

 

De lijfarts
Maria Stahlie
Alleen nog tweedehands verkrijgbaar
Verschenen bij: Uitgeverij Prometheus
ISBN: 9789044604689
594 pagina's

Recent

20 september 2019

Ode aan het leven

Over 'Alles waait' van Frans Kuipers
19 september 2019

'Weg met de boeven en dieven aan de macht'

Over 'De toekomst die nooit kwam' van Marc Jansen
18 september 2019

Een spannende avonturenroman

Over 'De Dolfijn' van Mark Haddon
17 september 2019

De natuur in verweer

Over 'De grote angst in de bergen' van Charles-Ferdinand Ramuz
16 september 2019

Tussen overtuiging en onverschilligheid

Over 'Ontweten' van Menno van der Veen