Een trauma als een veenbrand

Recensie door: Adri Altink

Wie volkomen onbekend met het werk van de Oostenrijker Kaiser-Mühlecker begint aan diens Brandende velden, zou aanvankelijk de indruk kunnen krijgen een familiesaga te lezen waarin zich blijkbaar ernstige tragedies hebben afgespeeld, maar die zich ontwikkelt langs een verhaallijn die je misschien wel enigszins gezapig zou kunnen noemen. Er zijn vooral herinneringen van het hoofdpersonage Louisa Fischer aan nauwelijks uitgewerkte gebeurtenissen uit haar leven waarvan ze het slachtoffer is geworden.

Toch duurt het niet lang voordat je het gevoel krijgt dat er iets niet klopt. De eerste indruk is dat je met een alwetende verteller hebt te maken die verhaalt over Lisa in de derde persoon. Maar dan gaat opvallen dat haar herinneringen wel erg persoonlijk gekleurd zijn. Brandende velden zou net zo goed een ik-roman kunnen zijn, schrik je ineens. Het is een sterke manier van de auteur om je argwaan te wekken.

Platteland

Luisa kwam ook al voor in twee eerdere romans van Kaiser-Mühlecker. Brandende velden is namelijk de afsluiting van een trilogie over de boerenfamilie Fischer, die een belast verleden met zich meedraagt en door financiële speculaties en teruglopende opbrengsten in de landbouw nauwelijks nog het hoofd boven water kan houden. Mocht je een romantisch beeld hebben van het Opper-Oostenrijkse platteland (het bedrijf van de Fischers ligt in het fictieve Rosental aldaar) dan blijft daar niet veel van over. 
Van de andere twee delen van deze cyclus van Kaiser-Mühlecker, die zelf boer en schrijver is, is alleen het eerste in het Nederlands vertaald als Vreemde zielen, donker woud. Daarin wordt het verhaal van de Fischers verteld vanuit het perspectief van Luisa’s stiefbroers Alexander en Jakob. De boeken zijn gemakkelijk los van elkaar te lezen.

Stiefvader

Lisa is in Brandende velden een narcistische vrouw die – in haar eigen ogen – het slachtoffer is van ontrouwe mannen en in haar leven telkens weer is verraden en vernederd. Uit haar korte huwelijken met Hjalmar en Jonas heeft ze twee kinderen: zoon Eric en dochter Marie. Met beide heeft ze nauwelijks contact. De relatie met haar eigen moeder is blijvend verstoord en haar stiefbroers ontlopen haar (en zij hen). Als ze op haar vijftiende ontdekt dat Robert niet haar biologische vader is, wordt ze verliefd op hem; ze noemt hem voortaan Bob. Het wordt een relatie die haar terugbrengt naar haar geboortegrond in Rosental. Daar raakt zij betrokken in een keten van tragische ongelukken die uiteindelijk uitloopt in een relatie met Ferdinand Goldberger die volgens haarzelf de moordenaar is van Bob. Goldberger heeft op zijn beurt een autistische zoon, Anton, met wie Lisa langzaam een noodlottige band ontwikkelt.

Erfelijk

In Luisa’s universum is uiteindelijk niemand te vertrouwen. Waarom kwamen haar ouders zo rijk uit de Tweede Wereldoorlog? Wat voert haar stiefvader en latere geliefde Bob uit in nachtelijke uren? Is hij op zoek naar geroofd Joods vermogen dat ergens verstopt ligt? Maakt hij als boetedoening geld over naar een hulporganisatie in Israël? (Later zal ze te horen krijgen dat het naar een rekening ging waar Bob het zelf weer van af haalde). En doet Frederik niet hetzelfde? En is zijn achternaam Goldberger niet een verwijzing naar verborgen goud? 
Waarom al die geheimzinnigheid, vraagt ze zich af. Maar als Thomas, een oom van Frederik, zegt dat dergelijk gedrag in haar familie – en dus ook in haar –  zit, wil Luisa er niet aan dat zij deelt in dat oorlogstrauma: ‘Alsof het iets erfelijks was. Uit ervaring wist ze dat je behalve bezittingen en misschien een paar uiterlijke kenmerken helemaal niets erfde (…) Thomas daarentegen deed alsof je ook gedachten, een manier van denken kon erven’.

Vissen

Ze wordt voortdurend gekwetst. Daartegenover kan ze alleen maar haat stellen. Én een project waaraan zij zich vastklampt: het schrijven van een boek dat haar beroemd zal maken. Het zal gaan over een eenzame oude boer wiens leven verandert als er een jonge vrouwelijke postbode in zijn dorp verschijnt. Luisa doet van alles om haar schrijverschap te ontwikkelen. Ze noteert invallen en citaten en bedenkt hoe situaties die ze meemaakt haar kunnen helpen aan een plot. 
Op dit punt bevat Brandende velden grappige stukken. Zo onderneemt ze met Frederik een vistocht om te ontdekken hoe ze van de oude man in haar roman een visser kan maken. De vistrip wordt een flop die in het kader van haar romanplan tragi-komisch uitpakt. En ze knapt ook al af op De oude man en de zee van Hemingway: hoe kon zo iemand daarmee de Nobelprijs winnen, schampert ze!

Afval

Het broeit in deze roman. ‘Het is alsof de velden in brand staan’ verzucht Luisa als ze ziet dat ver weg oogstmachines door oververhitting vlam hebben gevat. Haar uitspraak levert de titel van de roman die we lezen. Brandende velden: het doet, vanwege de trauma’s van de oorlog in de familie Fischer, denken aan het ‘Schuldig landschap’ van Armando. Diens zwarte aarde is bij Kaiser-Mühlecker een voortwoekerende veenbrand geworden. 

Lisa echter zag het niet zo. Als Ferdinand haar tenslotte zijn huis uitzet stelt hij voor dat ze beetje bij beetje haar spullen meeneemt: ‘En je afval ook.’ 
‘Welk afval?’
(…) ‘De zakken die volgepropt zijn met volgekrabbelde kranten.’
‘Dat zijn de voorstudies voor mijn boek.’

Ze onderdrukt haar woede. Niemand snapt haar en ze ‘zouden nog versteld staan als haar boek eenmaal af was’. 

Het is knap hoe Kaiser-Mühlecker in Brandende velden erin slaagt de verwarde psyche van Lisa helder te maken en tegelijk compassie met haar op te roepen.

Brandende velden

Brandende velden

Reinhard Kaiser-Mühlecker

Vertaling door: Ari Hoste

Verschenen: 2026

Uitgever: Van Oorschot

ISBN 9789028262980

304 pagina's

Prijs: € 27,50

Kopen bij Libris

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meer van deze recensent

Verwant