Mohammed Khaïr-Eddine; Asis Aynan – Leven en legende van Agoun'chich

Eerste deel Berberbibliotheek was tot 2005 verboden in Marokko

Recensie door Ingrid van der Graaf

Mohammed Khaïr-Eddine wordt beschouwd als een van de grondleggers en het enfant terrible van de Marokkaanse literatuur. In 1965 werd hij verbannen naar Frankrijk waar hij jarenlang fabriekswerk verrichtte. Zijn eerste boek Agadir (1967) werd in Marokko geweigerd vanwege de kritische toon. Khaïr-Eddines boeken zijn een tijdlang verboden geweest, pas sinds 2005 mogen ze weer gelezen worden.

Mohammed Khaïr-Eddine keerde in 1979 terug naar Zuid-Marokko. Met een soortgelijke terugkeer als uitgangspunt begint het boek. Een man keert na twintig jaar afwezigheid terug naar zijn land. Door de ogen van deze remigrant wordt de lezer  het verhaal binnen geleid. Er volgen beschrijvingen over het landschap en over de teloorgang van de Berbervrouw die, ‘immer hoedster is geweest van de verborgen betekenissen van de wereld. Zij was het die de kleine kinderen de voorouderlijke cultuur inprentte en niet de man, want die was te lui (…).’ Volgens de verteller waren deze vrouwen zich niet bewust van de paradijselijke staat waarin zij leefden, tot ze met hun mannen mee emigreerden naar Europa. ‘Zij waren toen nog vrij om waar dan ook te gaan in de vallei en de bergen; (…) Nu laten ze zich opsluiten in villa’s of benauwde appartementen, komen ze alleen onder begeleiding buiten (…).’

Opnieuw beginnen

De remigrant is in eerste instantie teleurgesteld door wat hij ziet en levert kritiek op de veranderingen in zijn dorp. Maar zo gauw hij herkend wordt als de lang geleden vertrokken jongeman, wordt hij overrompeld door de gastvrijheid van zijn dorpsgenoten. Hij raakt hierdoor zo ontroerd dat hij op onderzoek uitgaat naar het bestaansrecht van zijn volk, de Berbers.

Dan verweeft  Khaïr-Eddine de terugkeer van de remigrant met de legende van Agoun’chich en begint het boek opnieuw met het sprookjesachtige:
Er was eens… . We maken kennis met een herder die met zijn omvangrijke familie en enorme kudden geiten en schapen op de vlucht slaat voor een verwoestende natuurramp. Ze trekken door onherbergzame gebieden waar ze belaagd worden door wilde dieren en strijdlustige stammen. De afstammelingen van deze herder ontwikkelen zich tot een moorddadig en strijdlustig volk. Ze leven van plunderingen en ze gaan uiterst gewelddadig de strijd met elkaar aan. Het is een tijd van desperado’s: bandieten voor de eer die niets anders bezitten dan een muilezel, een patroongordel, geweer en een dolk. Een van die desperado’s is Lahcen Agoun’chich.

De legende van Agoun’chich speelt zich af ten tijde van de Franse bezetting (1912-1925) in Marokko. Agoun’chich had nog nooit een mens gedood dan alleen uit zelfverdediging. Maar wanneer zijn zus door een bandiet wordt vermoord, raakt hij vervuld van wraak en onderneemt een strafexpeditie door de bergen en dorpen van de Anti-Atlas. Als een ware (geweldadige) Don Quichot trekt hij ten strijde met als enig gezelschap zijn dierbare muilezel waar hij een liefdevolle relatie mee onderhoudt.

Naamloze bandiet

Na enige tijd ontmoet Agoun’chich ‘de verkrachter’, een naamloze bandiet die elke vrouw die hij tegenkomt als zijn bezit beschouwt. Hij laat zich door de verkrachter overhalen hem te vergezellen naar het Noorden om moderne geweren te kopen. Dan wordt het een haast mythische vertelling waarbij ze bezocht worden door de doden, verleid door vrouwelijke demonen en gekweld door honger en kou. Wanneer Agoun’chich uiteindelijk arriveert in Taroudant, een stad aan de voet van de Hoge Atlas, ontmoet hij een kaïd (stamhoofd) die uit de gevangenis van de Franse bezetter is ontsnapt. Samen met deze man trekt Agoun’chich ten strijde tegen de bezetter. Hij is getuige van de gevolgen van een luchtbombardement op een dorp en van de executie van een zwakzinnige man die ten onrechte wordt verdacht van verkrachting en moord op de vrouw van een Franse officier. Op dat punt in het verhaal veranderd er iets in Agoun’chich’. ‘Alles wat hij had gekend en waarvoor hij vol overgave had gestreden zou verdwijnen. Ik heb niets meer te zoeken in deze wereld, dacht hij.’

Het verzet van de Berbers wordt gebroken en Agoun’chich trekt zich in eerste instantie terug in de bergen en later in de stad Tiznit. Daar wordt zijn muilezel door een vrachtwagen aangereden. Agoun’chich verlost het dier met een dolksteek in het hart uit zijn lijden. Waarna het gevoel hem overvalt dat hij niet meer bestaat. Een grote verandering in zijn leven dient zich aan.
‘God! Moet ik net als de anderen worden, een gewone man, terwijl ik mijlenver van ze afsta?’
Een stem fluistert hem in dat hij moet opgaan in de anonimiteit van de grote stad. ‘Word koopman of misschien politieagent, maar keer niet terug naar de bergen ze zijn niet meer van jou. (…) Neem de bus en ga!’
En dat is wat hij doet. Hij begraaft zijn wapens nog diezelfde dag naast zijn muilezel en neemt de bus naar Casablanca.

Het verhaal leest als een western. Het is een ruig en woest leven dat de mannen leiden die Khaïr-Eddine beschrijft. Op drift geraakte mannen zijn het, die zich door het leven slaan door ongestructureerde paden te betreden en over lijken gaan om hun (vaak primitieve) doel te bereiken. Helemaal geloofwaardig is het niet dat Agoun’chich zijn leven van vrijheidsstrijder aan de wilgen hangt en zich ontpopt als burgerman. Maar het is een legende, dan kan een karaktermoord uitkomst bieden om de legende een wending te geven waardoor het achterliggende verhaal meer zichtbaar wordt. Want het gaat natuurlijk over de grote veranderingen die de schrijver, daardoor geschokt, aantrof in het Marokko van de jaren zeventig/tachtig van de vorige eeuw.

Eerbetoon

Er zijn meerdere verhaallijnen waarvan er niet één tot echte ontwikkeling komt (zo is de verkrachter zomaar uit het verhaal verdwenen.) Maar zonder twijfel is Leven en legende van Agoun’chich in alle opzichten een eerbetoon aan de orale traditie van Berberverhalen, die terugklinkt in de toonwisselingen van de schrijver die dan weer explosief, dan weer lyrisch poëtisch of humoristisch is.

Leven en legende van Agoun’chich van Mohammed Khaïr-Eddine is het eerste deel van De Berberbibliotheek die uiteindelijk tien klassieke, uit het Frans vertaalde Noord-Afrikaanse werken zal bevatten. Een initiatief van schrijver en columnist Asis Aynan die het NRC-feuilleton Ik, Driss schreef, en vertaalster Hester Tollenaar. Het feit dat er inmiddels miljoenen Berbers buiten Noord-Afrika wonen heeft geleid tot een wedergeboorte van de Berbercultuur buiten Marokko. Met name in Nederland ontstonden Berber muziekfestivals, is er Berbertelevisie op internet en zelfs een Berberfaculteit aan de Universiteit Leiden. Het is daarom niet vreemd dat de Berberbibliotheek in Nederland zijn oorsprong vindt en met  Leven en legende van Agoun’chich een intrigerende start maakt.

 

Omslag Leven en legende van Agoun'chich  - Mohammed Khaïr-Eddine; Asis Aynan
Leven en legende van Agoun'chich
Mohammed Khaïr-Eddine; Asis Aynan
Verschenen bij: Atheneaeum - Polak & van Gennep
ISBN: 9789025368449
166 pagina's
Prijs: € 15,99

Meer van Ingrid van der Graaf:

Recent

28 januari 2023

Wat weten mensen nu van dieren af? Minder dan niks

Over 'Vandaag houd ik mijn spreekbeurt over de anaconda ' van Bibi Dumon Tak
27 januari 2023

Zinnen als vuistslagen met waarde voor het heden

Over 'De kleine deugden ' van Natalia Ginzburg
25 januari 2023

Met geduld en liefde worden resultaten bereikt

Over 'Leven met Lidewij' van Bert Natter
24 januari 2023

De vloek van de snoek

Over 'De jacht op het snoekje' van Juhani Karila
23 januari 2023

De zaken van het hart blijven actueel

Over 'Dans om het hart' van Dola de Jong

Verwant