In memoriam Milan Kundera 1929 – 2023

Door Daan Lameijer

Sommige teksten hoopt een mens nooit te hoeven schrijven. Verliezen we een dierbare en willen we daar iets over kwijt, dan doet elk woord, elke letter afbreuk aan wat we werkelijk willen zeggen. Desondanks schreven mijn broer, zus en ik een afscheidsrede aan onze vader, vorig jaar oktober. Precies op zijn zestigste verjaardag, na een wekenlang ziekbed, overleed hij aan kanker. 

Een paar dagen geleden, 11 juli, stierf hij opnieuw: zijn favoriete schrijver, Milan Kundera, overleed namelijk in Parijs. Veel van mijn vaders romans heb ik overgenomen, bijna de helft daarvan door de Tsjech geschreven. Bovendien bespraken we vaak zijn werk, mits het over literatuur ging. Zulke gesprekken… dat zat er de laatste maanden van zijn leven niet meer in. Nee, ik bespeurde bij mijn vader een fenomeen dat Milan Kundera over de Tsjechische landsgrenzen heen de wereld in slingerde: litost

Iedere taal kent zijn eigen onvertaalbare begrip en draagt dit met trots uit. Het Nederlands kent ‘gezellig’, het Deens ‘hygge’, het Portugees ‘saudade’. Het Boheemse ‘litost’ betekent volgens Kundera: een vlaag van verstandsverlichting (over dat ‘licht’ straks meer, zoals u wel zult hebben geraden), die ons onze diepe verlatenheid doet beseffen en gevoelen. Pijn lijden, omdat we weten dat we verloren zijn. Hierover schreef Kundera in Het boek van de lach en de vergetelheid. Diezelfde radeloosheid zag ik in de ogen van mijn dappere, lieve vader. De herinnering daaraan maakt langzaam plaats voor een karaktertrek die hij deelde met de romancier: lichtvoetigheid. 

Luidruchtig lezen

Absurdisme en humor, daar zat Kundera’s werk vol mee. Denk aan Het leven is elders, waarin hoofdpersoon Jaromil alleen door te gelóven dat hij een groot dichter hoort te zijn, zichzelf de dood in jaagt. Ook Lachwekkende liefdes, De grap en Het feest der onbeduidendheid nopen de lezer er regelmatig toe het boek weg te leggen van de lachstuipen. Luidruchtig een boek lezen, het kan met Kundera. Een ander kenmerk van Kundera’s oeuvre is zijn voorliefde voor de paradox. Nu wordt deze term wel vaker lukraak van stal gehaald, als er slechts sprake is van een duffe tegenstelling. Bij Kundera versterken de binaire opposities elkaar. Wie kent niet zijn wereldberoemd geworden De ondraaglijke lichtheid van het bestaan, waarvan de titel alleen al een vuistdikke analyse verdient?

Maar ook zijn essaybundel Het doek bevat er genoeg. Zo blikt hij terug op de zoveelste politieke crisis in communistisch Tsjechië: ‘We lachten onbedaarlijk. Wat onze lachlust opwekte was de smakeloosheid van de geschiedenis.’ In de verhandeling richt Kundera onder meer zijn pijlen op ‘agelasten’: mensen die nergens meer om kunnen lachen. Wie nergens meer om kan lachen, ziet immers evenmin ergens de ernst nog van in, behoudens zijn eigen gelijk natuurlijk. Tegelijk bedankt hij hen: ‘Hun bestaan geeft het komische zijn volle betekenis, laat zien hoezeer het een gok is, een risico, en onthult de dramatische essentie ervan.’ Die essentie was banaal, vluchtig, maar het kostbaarste wat een mens heeft. Waarom streeft hij anders naar onsterfelijkheid?

Komisch sterven

In 1990 schrijft Kundera warempel Onsterfelijkheid. Hierin streven meerdere personages ernaar onsterfelijk te worden. Begrijpen zij dan niet dat hun vereeuwiging pas écht begint bij hun heengaan? Eén manier om te sterven lijkt de Tsjech fantastisch: op een komische manier. Schlemielig. Dan zou zijn dood voor altijd lachwekkend zijn, en misschien zijn leven ook. ‘Geen romanschrijver is mij dierbaarder dan Robert Musil. Hij stierf op een ochtend toen hij halteroefeningen deed.’ Kundera fitnesst zich een ongeluk, want ‘doodgaan met halters in de hand, net als mijn geliefde auteur, zou me tot een epigoon maken, zo ongelooflijk, zo waanzinnig, zo fanatiek, dat ik ogenblikkelijk verzekerd was van de lachwekkende onsterfelijkheid.’

Over die lachwekkende, ondraaglijke lichtheid gesproken… Matthijs van Nieuwkerk had het lef Kundera’s magnum opus bij DWDD te ontheiligen. Wat hem betreft ging het toiletboek Antiglamour van Halina Reijn en Carice van Houten over grote vragen des Levens: ‘Er is namelijk ook de ondraaglijke lichtheid van ons bestaan. Namelijk, wie vind je leuk? Wie vind je minder leuk? Dat verschilt misschien per dag.’ Kundera zou er vast hard om hebben gelachen. Omineuzer klinkt zijn aankondiging in Onsterfelijkheid hoe het ons allen vergaat, als we het hoekje omgaan: ‘Op een dag toont de camera ons een mond, vertrokken in een trieste parabool, als het enige dat ons van hem zal bijblijven, dat hij achterlaat als een parabel van zijn hele leven.’ In het licht van zijn indrukwekkende oeuvre is de doodsgrimas wel het laatste waarmee we Kundera zullen associëren. Ik dank mijn onsterfelijke vader dat hij mij nog altijd laat genieten van deze onsterfelijke auteur.

 

 

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Recent

26 december 2023

Beste boeken van 2023

26 december 2023

Een oeverloos bestaan

22 december 2023

Zoektocht naar Nataraja

Literair Nederland - 10 jaar geleden

02 januari 2014

Ontroerende bundel met gewaagde titel Ontroerende bundel met gewaagde titel
Recensie door Albert Hogeweij

Als er een prijs bestond voor de gewaagdste titel voor een dichtbundel zou Nog een grap, de laatste van Nachoem M. Wijnberg, die haast niet kunnen ontlopen. De verhouding tussen poëzie en grappen is immers een moeizame sinds Remco Camperts misprijzends oordeel: ‘Sinds Buddingh’/ verwachten veel mensen/ van poëzie/ een avondje lachen.// Dat is geen vooruitgang/ geloof ik/ maar eerder een stap achteruit.’