Meerstemmige roman over de burgeroorlog in Oekraïne

Recensie door: Ronald Bos

De witte garde is het debuut van Michail Afanasjevitsj Boelgakov (1891-1940) en verscheen in twee afleveringen in het tijdschrift Rossija in de Sovjet-Unie. Het eerste deel verscheen in 1925 waarna er een tijd lang niets verscheen. Tot twee jaar later de complete roman werd uitgegeven in Parijs. Pas na ruim zestig jaar kon De witte garde in zijn geheel en ongecensureerd in Rusland verschijnen. De roman speelt zich af in Boelgakov’s geboorteplaats Kyiv (indertijd nog Kiev) tijdens de burgeroorlog en de eerste maanden van de Oekraïense volksrepubliek die van januari tot april 1918 duurde. 

Het is het dramatische en deels autobiografische verhaal van de broers Aleksej en Nikolka en hun zuster Jelena Toerbin. Boelgakov werd geboren in Kyiv en verhuisde op zijn dertigste naar Moskou. Later bewerkte hij het verhaal tot het toneelstuk De dagen van de Toerbins, dat van 1926 – met twee onderbrekingen door de censuur – tot 1941 bijna duizend keer in Moskou werd opgevoerd. Stalin zou het vaak en met enthousiaste instemming hebben gezien. Maar de andere boeken van Boelgakov konden pas jaren na de dood van Stalin verschijnen. 

Taal en cultuur onder druk

Boelgakov is vooral bekend geworden door zijn satirische meesterwerk De Meester en Margarita, waaraan hij van 1928 tot vlak voor zijn dood heeft gewerkt. Het verscheen pas in 1966/67 ook in tijdschriftafleveringen, en gecensureerd.  Hoewel Boelgakov geboren is in Kyiv, was hij geen onverdeeld voorstander van het Oekraïens. In De Witte Garde zegt één van zijn personages: ‘Het land is Oekraïens, er zijn hier elementen die in hun eigen brabbeltaal willen kletsen –laat ze toch!’ 

Hij pleitte niet voor een verbod voor de Oekraïense taal zoals dat jarenlang in de Sovjet-Unie gold, wel liet hij anderen vertellen over het ‘weldadige Oekraïne’. Na de inval van de Russen in Oekraïne op 24 februari 2022 komt de Russische taal en cultuur onder druk te staan. Zo werd onlangs onder meer het standbeeld van Boelgakov bij het aan hem gewijde museum in Kyiv ingepakt en aan de beeldhouwster teruggegeven.  

Verwarrende tijden

In het eerste deel van De witte garde introduceert Boelgakov de meeste van de drieëntwintig ‘dramatis personae’ die achter in het boek zijn opgesomd. Met name de Toerbins en hun familieleden, personeel, vrienden en buren. De vele aantekeningen en het nawoord van Hubert Smeets zijn onontbeerlijk om de politieke situatie in de Sovjet-Unie en Oekraïne in de eerste jaren na de revolutie van 1917 te begrijpen. De manier waarop Boelgakov het verhaal vertelt, is soms verwarrend door de verschillende stemmen en de soms moeilijk te volgen overgangen.

In het tweede deel is het vooral de strijd tussen de verschillende partijen – de bolsjewieken, de witten en de nationalisten met Symon Petljoera. Hij zou korte tijd aan het hoofd van de onafhankelijke republiek Oekraïne staan, en was mede verantwoordelijk voor de pogroms waarbij tienduizenden Joden werden vermoord. Boelgakov beschrijft de strijd vanuit het perspectief van meerdere kolonels van de Witte Garde, zoals Bolbotoen, waardoor de verwarring zichtbaar wordt. 

‘Bolbotoen is tegen Petljoera’ / ‘Welnee hij is: hij is voor de bolsjewieken’ / ‘Het zit helemaal anders: hij is voor de tsaar, maar dan zonder officieren.’ / ‘Is de hetman gevlucht?’ / ‘Nee toch? Nee toch? Nee toch?’ Ook de broers Toerbin mengen zich in de strijd, maar Aleksej weet ook niet goed wat hij moet doen. Zijn broer, onderofficier Nikolka vraagt zich af: ‘Waar was het detachement? Waar was de vijand? Was het niet vreemd dat achter hem geschoten leek te worden?’  

Na de strijd

Dan roept kolonel Naj-Toers van het vrijwilligersbataljon dat ze naar huis moeten gaan, dat de strijd over is. ‘Nikolka richtte een vragende blik op kolonel Naj-Toers. De kolonel reageerde vreemd. Hij sprong op een been omhoog, zwaaide met het andere alsof hij aan het walsen was, en als op een bal ontblootte hij zijn tanden in een misplaatste glimlach. Het volgende moment lag kolonel Naj-Toers aan Nikolka’s voeten.’ Zo beschrijft Boelgakov het sterven van de kolonel.

In die decembernacht in 1918 viel er een enorm pak sneeuw en  komt Nikolka Toerbin uiteindelijk thuis bij zijn zuster Jelena wier echtgenoot op de vlucht is. Broer Aleksej wordt zwaargewond thuis gebracht. 

In het derde deel vinden de Tourbins elkaar terug. ‘De Stad’ is door Petljoera ingenomen. Aleksej ligt op bed met koorts. Boelgakov schrijft vaak in beeldspraken, zo ook de gesteldheid van Aleksej:

‘Toen begonnen de spanning en de droefheid in de roze slaapkamer opeens te smelten en uit te vloeien. De droefheid had zich eerst als een grijze prop op de deken genesteld, maar veranderde nu in gele sprieten die zich als waterplanten in het water uitstrekten. De praktijk en zijn angst om wat komen ging waren verdwenen, omdat de waterplanten alles afschermden.’   

Aleksaj herstelt langzaam. Nikolka speelt een kaartspel met de anderen. In de Sofia kathedraal zal Petljoera een toespraak houden. Volgens Nikolka is Petljoera’s residentie in Belaja Tserkov (zo’n 90 km van Kyiv) maar zou hij in Vinnitsa zijn. Volgens een ander in Charkov, of in België. Er wordt een toespraak gehouden door iemand die ‘beroerd Oekraïens’ spreekt. Een volgende spreker is een ‘valse spreker’, een nieuwe spreker verschijnt op de rand van een fontein. ‘En een menigte van wel tweeduizend man schuifelde van alle kanten naderbij en schaarde zich rond het centrale punt om naar hem te luisteren.’ 

Nikolka bezoekt de familie van Naj-Toers, de kolonel die hij zag sterven. Ze halen de kolonel uit het mortuarium en brengen hem naar een kapel. Dit laatste deel eindigt met een drietal dromen en het beeld van Vladimir de Heilige aan de oever van de Dnjepr. Het kruis in zijn rechterhand was veranderd in een zwaard. Boelgakov probeert de lezer gerust te stellen door te zeggen dat alles voorbijgaat. ‘Het zwaard zal verdwijnen, maar de sterren zullen blijven.’  

De witte garde

De witte garde

Michail Boelgakov

Vertaling door: Aai Prins

Uitgever: Uitgeverij G.A. Van Oorschot B.V.

ISBN 9789028253193

416 pagina's

Prijs: € 25,00

Kopen bij Libris

Meer van deze recensent

Verwant