26 november 2013

Wolfskwint – Bibi Dumon Tak

Wie is hier nou gek?

Recensie door Angèle van Baalen

‘Als mijn moeder belde uit het gesticht en ik wist dat mijn vader ons gesprek kon horen zei ik dat we geen tijd hadden voor haar en legde de hoorn weer op de haak. Ik wist dat mijn vader goedkeurend zou knikken, ook als de telefoon opnieuw rinkelde en ik hem schouderophalend liet gaan. (…) Het was veiliger om de kant van mijn vader te kiezen dan de kant van een wrak.’ (p. 21)

De geschiedenis van dit gestoorde gezin wordt opgetekend door Steffie Mons (de ik-persoon in deze roman), nadat zij er eindelijk in geslaagd is alle muren waartegen zij veilig dacht te kunnen leunen en waarachter zij zich kon verschuilen tegen oprukkende schuldgevoelens, neer te halen. Tijdens het schrijven ‘ben ik begonnen aan de bouw van een nieuwe muur, eentje die steviger is dan de vorige, eentje waartegen te leunen valt. Ik bouw hem niet alleen, want Damian die helpt mee.’ (p. 202). Damian is haar latere levenspartner, een blinde pianostemmer.

Vanaf haar derde levensjaar, toen de door haar moeder gegooide suikerpot haar vader vol tussen de ogen raakte, heeft Steffie niets anders gedaan dan proberen het haar vader naar de zin te maken. Loyaliteit aan de vader betekende dat haar moeder consequent moest worden verraden. Kwam de moeder met kort verlof thuis, dan werd zij min of meer ‘weggepest’.
Wat voor Steffie jaren later het moeilijkst te verteren is, is dat zij zelf in deze houding bleef volharden, terwijl haar twee jaar oudere zus Gerdi, zodra dat kon, het contact met haar vader verbrak, ‘en ik had na mijn eindexamen hetzelfde kunnen doen, maar ik bleef mijn vader de hand boven het hoofd houden. Wanneer begin je met zelfstandig denken?’ (p. 187)

Steffies moeder was de jongste dochter van een strenge militair; toen haar oudere zusjes het huis uit gingen, zorgde zij voor haar vader. Op haar tweeëndertigste trouwt zij met Steffies vader, die vijf jaar jonger is. Hoewel deze simpele slagerszoon normaal gesproken geen partij voor de veel intelligentere en beschaafde moeder van Steffie zou zijn, krijgt hij het wèl voor elkaar deze fijngevoelige vrouw binnen de kortste keren het gekkenhuis in te werken, haar daar te houden, en iedereen, inclusief gezinsleden, thuishulpen, artsen en psychiaters gedurende zo’n twintig jaar naar zijn pijpen te laten dansen en zich grote sommen geld (erfenissen) van zijn vrouw toe te eigenen om die bijna elke avond in hoeren te steken.

Steffie studeert af in het Griekse en Romeinse krijgswezen. Een promotie ziet zij op dat moment niet zitten, omdat ze bang is met haar gedachten alleen te zijn. Ze trouwt vervolgens vrij snel zonder verliefd te zijn met een oudere oersaaie man. Tegelijkertijd komt zij bij toeval terecht bij de zeer begripvolle meneer Starink die haar het vak van pianostemmen leert. Op de kruk tussen de piano’s voelt ze zich veilig en gelukkig. Wanneer zij drie maanden na haar eerste stembeurt bij iemand thuis een vleugel aan het stemmen is, raakt zij zó van slag doordat een ‘gek’ de kamer binnenstormt, dat zij het huis uitvlucht. ’s Avonds keert zij terug om het stemmen af te maken; daar ziet zij dat ‘de gek’ (‘Maar hij is niet gevaarlijk, hoor.’) liefdevol bejegend wordt door zijn vrouw en begrijpt ze wat pianospel betekenen kan voor een gestoorde.

Hoewel Steffie het gevoel heeft dat er iets niet klopte, verdringt ze elke gedachte aan haar moeder door keihard te werken. Dat kost haar steeds meer moeite, vooral door bepaalde opmerkingen van vrienden. Op de begrafenis van haar vader noemt de vroegere buurvrouw haar moeder een ‘lieve moeder’ en haar vader een ‘man met heel veel verschillende gezichten’. En dan neemt Steffie een moedig besluit: al moet de onderste steen boven komen, zij moet weten of haar moeder wel zo gek was als zij altijd gedacht heeft en waarom haar moeder thuis niet gewenst was.
Het lukt haar het dossier van haar moeder in handen te krijgen. Te moeten lezen hoe haar moeder haar hele opgesloten leven wanhopig gevochten heeft om haar kinderen te mogen zien, hoe zij tegengewerkt is, hoe zij eenzaam van alles en iedereen beroofd nu juist smeekt om een electroshock (‘”Om alles te vergeten, dokter.”’), hoe hulpverlenende instanties keer op keer gefaald hebben, welke beschamende rol tenslotte het gezin bij dit alles gespeeld heeft is, een ware helletocht voor Steffie.

Gerrit, therapeut in een inrichting voor geesteszieken, waar Steffie de piano’s stemt, helpt haar om wat zij onder ogen krijgt beter te begrijpen en te verwerken. Tussen Steffie en haar moeder kan het echter op dat moment niet meer goed komen: haar moeder is dan al een aantal jaren dood. Niemand zal ooit de schuldgevoelens van Steffie kunnen wegnemen, maar na het optekenen van het ware verhaal van haar moeder kan Steffie aan haar leven beginnen. En de wolfskwint? ‘(Gerrit:)”Ik zou op een van beide piano’s namelijk graag een wolfskwint hebben.” (…) “Waarom eigenlijk?” vroeg ik. “Vanwege de therapeutische werking.”’ Hoewel niet iedereen de term wolfskwint kent, zal het de lezer gaandeweg duidelijk worden dat de schrijfster geen betere titel had kunnen kiezen dan de titel Wolfskwint.

De lezer die niet terugdeinst voor isoleercellen, electroshocks, tranquillizers en spanlakens en voor het onthutsende beeld van een verwoest moederleven, krijgt met dit op waarheid gebaseerde verhaal een onvergetelijke ervaring. Woede over het aangedane leed, ontroering en meeleven met het meisje Steffie dat in deze afschuwelijke situatie moet opgroeien, plaatsvervangende schaamte- en schuldgevoelens: de lezer ontkomt er niet aan. Taal en stijl van de schrijfster zijn van een schitterende eenvoud: (wanneer Steffie in een inrichting piano’s stemt terwijl ‘gekken’ in- en uitlopen: ‘”Uiteindelijk went het, hoor,” zei Gerrit. Ik knikte, maar wist dat hij geen gelijk had.’). Gevoelens worden meesterlijk verbeeld, bijvoorbeeld wanneer Steffie overweegt haar man Marius te verlaten: ‘en ook al was het mijn grootste angst alleen te zijn, ik moest Marius verlaten wilde ik de onverschilligheid die als mist in onze kamers hing bestrijden.’ (p. 33) En deze: ‘Het gesprek met de professor was verontrustend geweest. Ik voelde hoe er weerhaakjes zaten aan zijn woorden, en hoe ik die woorden vergeefs van mij af probeerde te slaan toen ik eenmaal weer buiten stond.’ (p. 75)
Iedere zichzelf respecterende leesclub zou dit boek met zijn onvoorstelbare geschiedenis, weergaloos mooi beschreven, onmiddellijk bovenaan de leeslijst moeten plaatsen. Je raakt er niet snel over uitgepraat. Hulde aan de schrijfster!

 

Wolfskwint
De geschiedenis van een gestoord gezin

Auteur: Bibi Dumon Tak
Verschenen bij: Uitgeverij Athenaeum
Aantal pagina’s: 176
Prijs: € 17,50

Wolfskwint
Bibi Dumon Tak
ISBN: 9789025300364

1 reactie

  • Joke Ruchti-Brouwer schreef:

    Beste Bibi,

    Het boek heb ik in 1 1/2 in een keer uitgelezen.
    Ik ben zelf ook eens ruim 1 jaar opgenomen geweest, maar mijn kinderen waren volwassen. Zij vonden het heel moeilijk. Het is ook erg als je ergens bent, waar je niet wilt zijn. Ik heb erg mijn best moeten doen om weer naar huis te kunnen.
    Heb ook electroshocks en de isoleer meegemaakt.
    Het is nog een wereld waar men liever niet mee te maken heeft., maar je wilt zelf er wel over vertellen. Ik vond het een heel goed geschreven boek en zou aan Steffie willen zeggen dat zij zich beslist niet schuldig hoeft te voelen, ze was een kind. De vader heeft het gedaan en Steffie heeft het helemaal goed gemaakt
    door zich te verdiepen in hoe haar moeder was. Het moet heel moeilijk voor haar zijn geweest. Maar een moeder wil alleen maar dat het goed gaat met haar kinderen

    mvrgr Joke.





 

Meer van Angèle van Baalen:

22 juni 2015

Hoe overleef ik mijn slaven?

Over 'Handboek slavenmanagement ' van Marcus Sidonius Falx
18 maart 2015

Schrijnende roman over het leven van contractkoelies

Over 'Njai Inem ' van Barney Agerbeek
19 februari 2015

Treurnis, weemoed en melancholie in adembenemend proza

Over 'Een avond bij Claire ' van Gajto Gazdanov

Recent

16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

Over 'De Tanimbar-legende' van Aya Zikken
13 oktober 2017

Leven zonder moeder

Over 'Het intieme vreemde' van Jente Jong
12 oktober 2017

Een antikrimi

Over 'De rechter en zijn beul' van Friedrich Dürrenmatt
11 oktober 2017

De stijl tekent de man

Over 'Mijn grote appartement' van Christian Oster
10 oktober 2017

Eindeloos gepieker

Over 'Parttime astronaut' van Renée van Marissing

Verwant

26 november 2013

Wie dit leest, die is een zot!

Over 'Ferdydurke' van Bibi Dumon Tak
26 november 2013

De moeizame overgang naar een nieuw wereldbeeld

Over 'Dialoog ' van Bibi Dumon Tak