17 augustus 2016

Welkom in de eenentwintigste eeuw

Door Rob van Dam

Een collega, docent maatschappijleer, liet leerlingen een opdracht over Anne Frank maken. Groot was zijn schrik toen hij ontdekte dat sommige werkstukken doorspekt waren met neo-nazistische narigheid. Wat bleek? De zoekterm ‘Anne Frank’ had de kinderen op Google een reeks treffers opgeleverd waarin betrouwbare en leugenachtige websites als ogenschijnlijk gelijkwaardige alternatieven werden aangeboden. Het Verzetsmuseum of ‘White Power’-malloten, het was één pot nat.

Zelf zocht ik ooit op YouTube het filmpje van cantor Azi Schwartz, voorzanger van een New Yorkse synagoge, waarop hij zingt bij een 9/11 herdenking op Ground Zero. Hartverscheurend mooi, u zou eens moeten luisteren. Wat zag ik toen de YouTube-pagina verscheen, op dat tableau van fotootjes met titel en tijdsduur? Ik zag een filmpje van een holocaust-ontkenner. Een filmpje over de waarheid omtrent 9/11, dat de Mossad en de Amerikaanse overheid als daders noemde. Ik kon filmpjes aanklikken van ultra-orthodoxe rabbi’s. Ik zag Israëlische soldaten het volkslied zingen. Allemaal vanwege mijn zoekopdracht ‘Kaddish’.

Het hoeft niet te verbazen dat scholieren kopje-onder gaan in de informatie-overdaad van het internet. Het ís ook moeilijk daarin je weg te vinden, er zijn vast en zeker veel volwassenen die het evenmin kunnen. Voor hen staat het feit dat iets op internet te vinden is al gauw gelijk aan het bewijs van de waarheid ervan. Zoals ouderwetse gelovigen zeggen: ‘Het staat geschreven’, zo vermeldt menig leerling ‘Google’ als hem of haar wordt gevraagd in zijn werkstuk een bron te vermelden.
Zo goed als het internet een formidabel hulpmiddel is voor communicatie en informatievoorziening, is het internet een ongekend krachtig middel tot massa-manipulatie en grootschalige verdomming.

In verband met de uitslag van de referenda over Oekraïne en het Britse lidmaatschap van de EU is wel gewezen op de oogkleppen die gebruikers van de sociale media en de zoekmachines zichzelf opzetten. Niet alleen vertrouwt menigeen voor zijn informatievoorziening op onkundige of tendentieuze bronnen. Maar bedrijven als Google en Facebook selecteren uw nieuwsaanbod mede op grond van eerdere zoekopdrachten en eerder bezochte websites. Daar dienen de befaamde algoritmes voor. De gebruiker krijgt daardoor allengs een steeds uniformer en vooroordeel-bevestigend aanbod.
Het resultaat? Torenhoge misvattingen. Oogkleppen. Oplaaiend wantrouwen. De ‘Illuminati’ beheersen de wereld, weetjewel. Israël zit achter I.S. Onze voorouders joegen op dino’s. Vaccinatie tegen baarmoederhalskanker is een gevaar voor de volksgezondheid, snap dat nou toch.

De vertrouwde mantra ‘Hier ligt een taak voor het onderwijs’ is in dit geval volkomen terecht. De grootste uitdaging voor scholen in onze tijd ligt, paradoxaal genoeg, in het bijbrengen van een bij uitstek traditionele vaardigheid: kritisch omgaan met ‘informatie’. De internetvaardigheid bij uitstek!
Dat is een bijna onmogelijke opgave. Het gezag van het onderwijs is niet groot genoeg. Het aanzien van degelijke kennis is klein. De concurrentiepositie tegenover het internet als bron van kennis is zwak. En het besef van de urgentie van deze onderwijstaak is niet groot. Maar o wee, lukt het de scholen niet, dan zullen we nog wat beleven.

Helaas luidt een veelgehoorde opvatting over het schoolcurriculum: parate kennis is van weinig belang. ‘We zoeken het wel op’. Uitgerekend Paul Schnabel, voorzitter van de ‘Onderwijs 2032’-club, heeft het onlangs nog gezegd. Alle aandacht gaat uit naar twenty-first century skills, een begrip dat vooral tot uitdrukking moet brengen dat de gebruiker helemaal van deze tijd is. Zowel staatssecretaris Dekker als Paul Rosenmöller, voorzitter van de VO-raad, lijken me buitengewoon eenentwintigste-eeuws. Ze dwalen.

‘Skills’. Vaardigheden dus. Maar nodig zijn kritische vaardigheden én kennis. Het ene is waardeloos zonder het ander, en je kunt niet leren het kaf van het koren te onderscheiden zonder een fundament van degelijke kennis.
Mijn grootouders zeiden: ‘je moet je geen knollen voor citroenen laten verkopen’. Niets moderns aan dus, maar moeilijker dan ooit, vanwege dat onafgebroken bombardement van nieuws en quasi-nieuws, meningen en verzinsels. En daar stel ik me dan ook nog eens vrijwillig en onmatig aan bloot. Junkiegedrag.
Misschien toch maar censuur van het internet? O, geef ons minder ‘informatie’ en meer kennis, parate kennis!

Docenten van Nederland, het nieuwe schooljaar staat voor de deur. We hebben niets te verliezen dan de last van ondoordachte modepraatjes. Ontwaak!

 

 

Recent

25 september 2017

Een waardig gedragen ongeluk

24 september 2017

What's in a design

22 september 2017

Modiano's spel met de lezer

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

Literair Nederland - 10 jaar geleden

08 oktober 2007

Noeste gelovigen die de Texaanse prairie trotseren tegen beter weten in. Wrede indianen die hun voormalig territorium verdedigen. En de Amerikaanse burgeroorlog op de achtergrond. De nieuwste roman van Arthur Japin is een prachtig geschreven historische roman met een sympathieke maar chagrijnige oude vrouw in de hoofdrol. Een vrouw die dingen heeft moeten doorstaan die je niemand toewenst. Het moment dat de laatste indianenstam zich besluit over te geven wordt voor haar een reis naar het verleden.

Sallie “Granny” Parker en haar man, kinderen, schoonzonen en kleinkinderen trekken er rond 1835 op uit om een fort te bouwen in Texas. Als pioniersfamilie hebben ze een stuk grond gekregen midden in het leefgebied van een indianenstam: de Comanche. Deze staan bekend als een van de wreedste stammen van het land. Binnen de hoge muren van hun fort wanen de Parkers zich echter veilig. Tot die ene dag aanbreekt waarop de indianen haar halve familie doden en de rest ontvoeren.

Lees meer