18 oktober 2011

‘We zijn allemaal moribundi’

Recensie door: Rosalien Koster

Recensie door Rosalien Koster

Na haar overwinning op een levensbedreigende ziekte, besloot Rascha Peper ruim twintig jaar geleden te gaan doen wat ze altijd had willen doen in haar leven: schrijven. Inmiddels heeft ze haar sporen als schrijver, met ruim tien romans op haar naam, ruimschoots verdiend. Onlangs verscheen haar nieuwe roman Vossenblond bij uitgeverij Querido, waarnaar ze recentelijk de overstap maakte.

Dat ze bij Querido blij met haar komst zijn, laat de mooie, gebonden uitgave van Vossenblond duidelijk zien. Gelijk hebben ze want met Peper hebben ze een schrijfster van formaat binnengehaald. Haar kleine, verstilde verhalen, bezitten elke keer opnieuw een soort charmante eenvoud. Daarnaast zijn haar boeken dankzij haar vloeiende, natuurlijke schrijfwijze, ook nog eens gemakkelijk leesbaar. Al betekent dit laatste niet dat Peper zich er gemakkelijk van afmaakt.

Dat kan ook niet. Pepers literaire beweegredenen, zoals ze ooit verwoordde in een interview, liegen er niet om. ‘De essentie van schrijven is schrijven tegen de dood. Je schrijft om te blijven bestaan’. Schrijven als een zaak van leven of dood. Wie zo’n serieuze opvatting erop nahoudt, kan niet anders dan een grote ernst aan de dag leggen. Niet vreemd dat ook in haar romans de dood, en daarmee samenhangend de teloorgang en verlies, altijd op de loer liggen. Of zoals het hoertje Vera in Vossenblond verwoordt: ‘.. we zijn allemaal moribundi. Het kan geen kwaad om dat te beseffen’.

‘Hij stootte zijn schouder onhandig tegen de tochtdeur en zag aan de schim achter het matglas van de voordeur al dat ze het haar in een paardenstaart droeg. Roodblond inderdaad, bleek toen hij opendeed. Een smal gezicht met wat schuingeplaatste lichtbruine ogen. Hij moest dadelijk aan een vos denken’. Voor de deur staat Vera, een meisje van het escortbureau, die Walter, een eenzame man van achter in de vijftig, voor de avond heeft besteld. Walter, hoewel geen onbekende op het gebied van de betaalde liefde, weet niet wat hem overkomt. Vera verschilt in alles van de ordinaire, volkse types bij wie hij normaal gesproken aan zijn trekken komt. Ze is slim, mooi en alles wat aan zijn grijze bestaan ontbrak.

De dagen na hun eerste ontmoeting lukt het Walter niet om Vera uit zijn hoofd te zetten. ‘Het eindigde ermee dat hij het escortbureau belde en Vera voor een week later boekte. Minstens een maand eerder dan ooit de frequentie met Trudy was geweest.’ Zonder het zelf in de gaten te hebben ontwikkelt Walter een obsessie voor Vera. Hij doet er alles aan om haar voor zich te winnen. De gedachte dat ze het bed deelt met anderen, drijft hem tot het uiterste. Zijn werk als archeozoöloog, het opgraven van doden voor wetenschappelijk onderzoek, voorheen zijn lust en leven, doet hem weinig meer. ‘Hij had nooit veel bijzondere gedachten over de dood. Dat er van een mens alleen een geraamte overblijft, deed hem weinig en wat hemzelf betrof: hij vond het juist een geruststellend idee dat hij weg van alle vlees zou gaan, net als iedereen. Maar kijkend naar dit kind sneed de gedachte door zijn brein dat ook Vera er over enige tijd zo bij zou liggen, dat er voor haar geen uitzondering gemaakt zou worden,..’

De vertrouwdheid tussen de twee neemt steeds verder toe. Walter ontdekt dat hun levens, buiten de seksuele relatie om, meer verweven zijn dan ze beiden konden vermoeden. Maar voordat hij hierover met haar kan praten, verdwijnt Vera spoorloos, de zorg voor haar hond aan Walter overlatend.

Deze hond speelt, vreemd genoeg, een grote rol in het verhaal. Afwisselend met de gedachten van Walter, wordt de lezer op de hoogte gehouden van het wel en wee van Vera gezien door de ogen van de hond. Verteltechnisch een slimme zet, want de lezer weet hierdoor meer dan de hoofdpersoon. Jammer alleen dat Peper er niet in slaagt om de woorden van de hond geloofwaardig te laten klinken.

Hoe anders is de rest van het boek. Van gekunsteldheid is hier geen sprake. Zelfs de zaken die niet tot de essentie van het verhaal horen, passen in het geheel. Het eindresultaat is een afgemeten, evenwichtig maar allesbehalve saai boek. Indruk maakt Peper eveneens door de schijnbare moeiteloosheid waarmee ze diepgang met lichtvoetigheid weet te vermengen. De dood mag dan dichtbij zijn, uiteindelijk is er ook nog altijd de hoop. Of berusting in het eigen lot. Zoals er voor ook Walter aan het einde van Vossenblond niet anders op zit. ‘En hij beseft met een zekerheid die over de rivier kwam aanwaaien en zich met kalme beslistheid bij hem onder de deken nestelde, dat hij gedoemd was om alleen te verder te gaan, zoals hij al jaren deed en waarschijnlijk nog wel jarenlang zou volhouden’.

Vossenblond

Auteur: Rascha Peper
Verschenen bij: Uitgeverij Querido
Aantal pagina’s: 260
Prijs: € 19,95

‘We zijn allemaal moribundi’
ISBN: 9789021442501

Recent

17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef
14 november 2017

Diepe emoties in weloverwogen zinnen met originele beelden

Over 'Binnenplaats' van Joost Baars
13 november 2017

Een aaneenschakeling van mislukkingen?

Over 'We haten elkaar meer dan de Joden' van Els van Diggele
9 november 2017

Verlangen in vele variaties

Over 'Het raadsel van de liefde' van Andre Aciman