8 juni 2017

De romantici – Konstantin Paustovski

Vertaling jeugdwerk Paustovski herzien

Recensie door Evert Woutersen

Konstantin Paustovski  (1892-1968) staat de laatste jaren weer volop in de belangstelling. In 2016 verscheen Goudzand. Verhalen, dagboeken, brieven. Begin 2017 is het eerste van drie delen van zijn hoofdwerk Het verhaal van een leven verschenen in de Russische bibliotheek van Van Oorschot. Eerder, tussen 1967 en 1984, bracht de Arbeiderspers dit werk al uit, in zes delen Privédomein. Wim Hartog is de man die Paustovski een Nederlandse stem heeft gegeven. Wim Hartog vertaalt niet alleen met grote toewijding het werk van zijn geliefde auteur, maar is ook verantwoordelijk voor annotaties en aantekeningen. Een citaat uit een artikel van Bert Wagendorp (de Volkskrant, 25 juni 2016) naar aanleiding van het verschijnen van Goudzand: ‘Als ik soms de Nederlandse Paustovski word genoemd, dan is dat voor mij geen aantasting van mijn ego, maar een geuzennaam.’

Autobiografische roman
Hartog tekent ook voor de vertaling van Paustovski’s eerste, sterk autobiografische roman, De romantici. Hij vertaalde het werk voor het eerst in 1995, een tweede druk is uit 2000. De derde herziene druk  (februari 2017) vult hij aan met aantekeningen en verwijzingen naar foto’s en brieven in Goudzand. 

De oorspronkelijke titel van De romantici luidt Romantiki, roman. Bij de Nederlandse vertaling ontbreekt de ondertitel roman. Het boek bestaat uit drie hoofdstukken – Het leven, Hoe het begint en hoe het eindigt en Grauwe oorlogsdagen. Ter afsluiting een nawoord van Paustovski’s zoon Vadim en aantekeningen van de vertaler.

Zwerversbende
In Het leven maken we kennis met de studenten, Aleksej, Stasjewski, Garibaldi en Maksimov. Zij brengen het advies van hun leraar Duits op het gymnasium, ‘de oude Oskar’ in praktijk: ‘Conformeer je niet! Ga rondtrekken, wees een zwerver, bemin vrouwen, maar loop in een grote bocht om gevestigde burgers heen.’ Zij trekken als een ‘zwerversbende’ van stad tot stad. Uit hun lijflied: ‘Ons leven gaat van kroeg tot zee / van zee tot nieuwe havens. / In roezemoezige cafés, / Aan wodka overgoten tafels, / Verzuipen we ons wel en wee, / De nacht verscheurt aan ochtendrafels.’

Maksimov is de schrijver van het stel, ‘de personificatie van Paustovski’, aldus Vadim Paustovski. Deze Maksimov beschrijft de havens, de zee, de oude kapiteins en hun verhalen en de kroegen van bekende en onbekende plaatsen op de Krim aan de Zwarte Zee.  Het is de tijd van stoomboten en straten met gaslantaarns, kort voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Maksimov noteert zorgvuldig zijn indrukken van de stadjes en de zee. ‘De zee aan het einde van de tuin was als met melk volgegoten. De bladeren vielen. In de schemering van de grauwe hemel begonnen de gloeikousjes van de lantaarns te sissen en op de schepen gingen sobere lichten aan. De avond was duifgrijs, droevig en erg vochtig.’

Op een avond ontmoet de schrijver in een van de kroegen een ‘wonderschoon’ meisje. Hij kende haar al van toen zij nog ‘een jong meisje’ was. Via haar krijgt de lezer een beeld van Maksimov: ‘Aan alle mannen zit wel een hoekige kant. Als je je eraan stoot, dan doet het pijn. U heeft zo’n kant niet. U bent anders. Iedereen voelt dat in u. Het komt maar zelden voor dat mensen echt kijken. Of ze staren je aan of hun blik glijdt langs je heen. Maar uw blik is rechtuit en kalm, alsof u iets zoekt wat anderen niet zien.

Maksimov schrijft dat het lijkt alsof hij van haar begint te houden. Op een bijzondere avond, als er ‘zodiakaal licht’ boven de zee te zien is, vraagt hij haar of zij weet wanneer er eerder zulk licht te zien was… Ze moet hem het antwoord schuldig blijven. Maksimov: ‘In de nacht dat Dante Beatrice ontmoette.’ Chatidze noemt hem daarop een ‘mooiprater’. Maksimov verbaast zich erover dat er liefde in zijn leven is gekomen: ‘Op de een of andere manier vloeide alles dooreen: de lege tuinen, de zon boven de zee, het blauwe water, de rode bakken van de schoeners, de vreugde voortdurend zilte mist in te ademen… Boven dat alles rees de steeds sterker wordende liefde voor Chatidze uit.’  

De combinatie nabije liefde en schrijven is voor hem geen gelukkige. Hij voelt dat hij afscheid van haar moet nemen: ‘Ik moet weg. Dan wordt mijn smartelijk verlangen naar Chatidze nog sterker en zal zij mij helpen met schrijven. Ik vraag mijzelf af of ik al voldoende heb geleden om schrijver te kunnen zijn.’ Daarop vertrekt hij naar Moskou. Chatidze blijft achter op de Krim.

Moskou
Het contrast met het zuiden had niet groter kunnen zijn. In Moskou is het winter. ‘Alles was onvriendelijk’, schrijft Maksimov, ‘In plaats van menselijke gezichten zag je bivakmutsen, in plaats van vrouwelijke lichamen vormeloze sleetse overjassen. Dit riep een gevoel van droefenis op maar daar groeide ik van en er schoten mij steeds vaker nieuwe, sterke ideeën te binnen.’ In zijn eenzaamheid komt hij weer tot schrijven. Hij werkt aan zijn boek dat Het leven moet gaan heten. Aan zijn vriend Semjonov legt hij uit waarover het moet gaan: ‘In het leven van eenieder – van onbekend tot groot, van ongeletterd tot gecultiveerd – schuilt altijd een schrijnend verlangen naar een ander, vreugdevoller bestaan. Daardoor wordt het verlangen naar het paradijs, naar het beloofde land geboren en ontstaan de droombeelden van dichters, de stelsels van filosofen en een van tijdperk naar tijdperk overlopend smachten naar onbereikbare oorden.’ 

Chatidze is op afstand. Ze onderhouden weliswaar briefcontact, maar hij is desondanks bang haar te verliezen. Die angst lijkt bewaarheid te worden als hij Natasja, het zusje van Semjonov ontmoet. Zo komt Maksimov tussen twee vrouwen in te staan – Chatidze in het zuiden en Natasja in het noorden. Voor beiden koestert hij een sterke liefde. Aan Chatidze schrijft hij vanuit Moskou dat hij van zijn anker is geslagen: ‘Ik hou van u en van haar en begrijp niets van dit leven.’

Polen
Het laatste hoofstuk speelt zich af tijdens de Eerste Wereldoorlog. De vriendengroep is uit elkaar gevallen. Maksimov weet niet of hij hen zal terugzien. Hij is als ziekenbroeder gedetacheerd aan het front in Polen. Hij ziet de verschrikkingen van de loopgravenoorlog, de lijken van soldaten en paarden in de rivier. De oorlogsbeelden zijn ook zichtbaar in zijn natuurbeschrijvingen: ‘Verkoolde wilgen staken hun zwarte reusachtige armen naar de regenachtige hemel op.’  En: ‘De opgezwollen verstijfde lijken van paarden verhieven al hun vier poten hemelwaarts, alsof zij om genade smeekten.’ En: ‘In het westen smeulde de zonsondergang als een bloedige wond.’ Het zijn droefgeestige grauwe dagen. Tijdens een beschieting noteert hij: ‘Ik ben op het kruis geslagen van deze vervloekte grauwe oorlogsdagen, deze lange entractes voordat er totale verstandsverbijstering optreedt.’  Een van zijn romanfiguren laat hij verzuchten: ‘Wie heeft in hemelsnaam die oorlog bedacht? Daar heeft toch zeker niemand iets aan!’

Dorst naar het leven
Liefde en schrijverschap zijn de belangrijkste thema’s in De romantici. De liefde voor het leven en voor twee vrouwen. Deze liefdes, het lijden en de af en toe opduikende melancholie, heeft hij nodig voor zijn schrijverschap. Uit de briefwisseling met Chatidze blijkt dat ze hem aanmoedigt te schrijven. Hij kan verwoorden wat zij niet kan. Ze schrijft: ‘U schrijft over de dorst naar het leven. Hetzelfde overkomt ook mij nu, alleen ben ik niet in staat het te beschrijven.’ Natasja zegt iets soortgelijks over zijn schrijven: ‘Jij moet honderden mensen vreugde schenken.’

In het nawoord schrijft zoon Vadim over de biografische achtergronden van De romantici. Alle hoofdpersonen hebben echt bestaan. Paustovski heeft heel zijn leven gebalanceerd tussen ‘echt en verzonnen.’

In deze autobiografische roman zijn de natuurbeschrijvingen het sterkst. Hierin is de latere Paustovski al zichtbaar, de schrijver die vooral bekend is geworden door zijn natuurevocaties. In dit jeugdwerk blijft schrijver Maksimov enigszins op de achtergrond; alle gebeurtenissen lijken hem te overkomen. Vadim wijst erop dat zijn vader niet ingaat op de ‘psychologische complicaties’ van de liefde voor de twee vrouwen. Hij gebruikt deze liefdes als ‘stimulans voor zijn creativiteit.’

Fijn dat Paustovski-vertaler Wim Hartog De romantici heeft herzien. Zijn vertalingen zijn goed verzorgd, met verrassende vondsten, zoals rinkinken (‘De trein stoof voort terwijl de koppelingen rinkinkten’), sproos, betekenis: ruw, gebarsten (‘Mijn lippen waren sproos’) en sit / sitsen (‘jurken van sits’ / ‘sitsen jurken’). Het boek is een welkome aanvulling op de eerdere Paustovskivertalingen.

Tot slot een advies van Natasja: ‘Stop nooit brieven van geliefde vrouwen tussen de bladzijden van een boek.’

 

 

De romantici
Konstantin Paustovski
Verschenen bij: Uitgeverij G.A. Van Oorschot
ISBN: 9789028261945
160 pagina's
Prijs: € 11,99

Meer van Evert Woutersen:

31 augustus 2017

Overleven dankzij religie, vriendschap en hoop

Over 'Mijn gevangenissen' van Silvio Pellico
16 februari 2017

Clarice – de Braziliaanse Kafka

Over 'Clarice Lispector' van Benjamin Moser

Recent

21 november 2017

Reizen in een binnenwereld

Over 'en toen aten we zeehond' van Nicoline Timmer
20 november 2017

Het leven ontwijken

Over 'Kraaien tellen' van Lucas de Waard
17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef
14 november 2017

Diepe emoties in weloverwogen zinnen met originele beelden

Over 'Binnenplaats' van Joost Baars

Verwant

8 juni 2017

Oogst week 25

8 juni 2017

Schilder van de tinten van de menselijke ziel

Over 'Goudzand' van Konstantin Paustovski