3 mei 2016

Oberhausen – Maarten Moll

Verbleekte vader

Recensie door Anky Mulders

Geven ontelbare feitjes uit iemands leven een helder beeld van die persoon? En is dat eigenlijk wel wat de schrijver wil? Gaat dit boek over de vader, of vooral over de zoon? De lezer die denkt in Oberhausen de vader van de ik, Martin Müller, of van de schrijver Maarten Moll te leren kennen, komt bedrogen uit. Het is onmogelijk de vader een onweerlegbare persoonlijkheid toe te kennen. Vader Hermann Müller heeft zijn zoon Martin gevraagd zijn biografie te schrijven. Hij is echter niet bereid vragen te beantwoorden en over zijn leven te vertellen, zijn zoon moet zelf maar nadenken en opschrijven wat hij weet. Jarenlang stelt Martin dat uit of doet slechts halfslachtige pogingen om zijn vader op papier te krijgen. Pas als vader en zoon in Helsinki zijn, de vader voor een naderende auto stapt en daarna in het ziekenhuis in coma ligt, begint zijn zoon op te schrijven wat hij van Hermann weet.

Oppervlakkige relatie
En dat zijn feitjes, heel veel feitjes. ‘Ik was helemaal niet in mijn vader geïnteresseerd’, verontschuldigt hij zich in het begin omdat hij nauwelijks invulling kan geven aan wat hij van zijn vader weet. Zo neemt hij het zichzelf bijna kwalijk dat hij niet weet wat Hermann tussen zijn 22e en 23e levensjaar heeft gedaan, een wel erg vergaande vermeende omissie. Ondanks de wekelijkse bezoeken aan zijn vader na de dood van zijn moeder en de vele films die ze op die avonden samen keken, ondanks de reisjes die ze jaarlijks maakten en het frequente telefonische contact, is de relatie aan de oppervlakte gebleven. Martin weet weinig van zijn vader te duiden.

Vermoeiende vermeldingen
Net als in zijn dichtbundel Lichaam (2012) met hetzelfde vader-zoon thema, mengt Moll feit met fictie, met de nadruk op fictie, vertelt hij in een interview. Zijn vader leeft nog en ligt niet in coma. Ergens schrijft hij in Oberhausen: ‘Omdat ik dat had verzonnen.’ Door de talloze – al of niet reële – feiten gaat het je al snel duizelen. Iemand is niet aangereden door een vrachtwagen, maar ‘aangereden door een vrachtwagenchauffeur uit Krefeld’. Ergens gaat het over een oude vrouw in een verzorgingshuis. ‘Het was mevrouw Moddejonge (de enige vrouw die ik heb zien vissen, de vrouw van de beste turfsteker uit Drenthe, tevens een dief van bijenkorven).’ Krefeld, vissen, turfsteker, dief van bijenkorven, het zijn volstrekt overbodige details die het verhaal waar het om gaat onnodig belasten. Namen van bijfiguren en toevallige passanten plus wat aan hen kleeft, het wordt allemaal genoemd. Deze vermoeiende, aan de ‘biografie’ toegevoegde vermeldingen geven de man die geportretteerd wordt geen reliëf. Mogelijk refereert Moll met zijn uitweidingen aan verhalen of gedichten van andere schrijvers (hij is literair redacteur/journalist bij Het Parool), maar, al of niet het geval, hij weet er geen maat mee te houden.

Hij had een boeiend personage kunnen zijn
Wat overblijft is een man in een blauw pak die met paarden zwom, op zich een prachtig gegeven. Deze man, ‘die de horzel die zo hard tegen zijn brillenglas was gevlogen dat het brak op het gras legde en wachtte tot hij weer wegvloog’ en die over een vrouw met wie hij kortstondig omging opmerkte: ‘Ze had een stem die ik niet in huis wilde’, had kunnen uitgroeien tot een boeiend romanpersonage als de zoon zich niet zo had uitgeput in wat hij meende te moeten opvullen. Met soms aardige vondsten, dat wel. Zo laat hij zijn vader vertellen dat deze zich had ingeschreven voor twintig gram as van Momo Lady (een paard, AM) en laat hij hem een enkele keer extreem ontevreden zijn: ‘Terug in de eetzaal trof ik mijn vader in een slecht humeur. Om zijn bord lagen, ik moest even goed tellen, elf onthoofde eieren. […] Ik had hem een dergelijk geintje ook zien uithalen in Bilbao, waar hij veertien koppen koffie liet komen voor hij tevreden was met de sterkte van de koffie.’

Niet van de straat
En passant wordt duidelijk gemaakt dat de vader niet van de straat is. Want de geschiedenis moet ook gewicht krijgen. De familie Müller heeft een legendarische achtergrond, met een stamboom en Müller-dagen. Alle familieleden geven namen aan de bomen in hun tuin. Alleen Hermann niet, vermoedelijk omdat zijn zus op jeugdige leeftijd uit een boom viel en overleed, een trauma dat hij op hoge leeftijd nog steeds niet te boven is.
Hij maakt talloze reizen en reisjes, een feit dat nog eens opgevijzeld wordt met de vermelding dat de zoon verwekt is in Florence en de vader zelf in een hotel in Groningen. Hermann draagt goed gekozen kleding, is belezen – zo suggereert Martin / Moll – en bemint de alcohol.

Mooie zinnen maar wat veel ‘mijn vader’
Het boek is opgezet in kleine hoofdstukken met titels in alfabetische volgorde, volgens de abc-spelletjes die vader en zoon geregeld speelden waarbij de ander steeds een naam binnen dezelfde categorie moet noemen, bijvoorbeeld van sporters of filmacteurs. Er staan mooie formuleringen in zoals ‘Eenzaamheid is de drank met niemand kunnen delen. Ik wil het liefst de fles in kruipen, maar er is niemand die de dop erop kan draaien.’ En ‘Mijn vader probeerde dat wel, maar zijn moeder snauwde hem af en zijn vader keek alleen maar hardnekkig uit het raam in de hoop Mexico te zien liggen.’ Daarnaast moet de lezer moet wel erg veel ‘mijn vader’ verduren. Soms dertien keer op een pagina. ‘Mijn vader was graag […] de dertiende man op de maan geweest. […] Mijn vader houdt van lange schaduwen. […] Mijn vader vindt dat er te veel bewaard blijft. Mijn vader heeft Caruso gezien.’ Mijn vader dit en mijn vader dat. Bovendien is door het vele heen en weer springen in de tijd soms niet te volgen over wie en waar het precies gaat. En dan komt Moll ook nog af en toe met niet-bestaande dubbelgangers op de proppen.

Eer aan de vader
Aan het bed in het ziekenhuis in Helsinki leest Martin zijn vader voor wat hij over hem heeft geschreven. En hoopt dat hij er tevreden mee zal zijn. Waarom Hermann midden in de nacht voor een auto is gestapt blijft in het duister gehuld. Martin vraagt het zich niet af. Hij denkt over voorbije tijden, inventariseert en schrijft. Alles wat hij over zijn vader aan taferelen kan bedenken schrijft hij op. Het lijkt alsof Moll een aantal uitgangspunten in een schema heeft gezet, dwarsverbanden heeft aangebracht en het raamwerk met leuke invallen heeft ingevuld. Juist daardoor is Hermann verbleekt. Maar om dezelfde reden, het vastleggen van de vele kleine wederwaardigheden, is de vader met dit boek toch ook geëerd.

 

Oberhausen
Maarten Moll
Verschenen bij: Uitgeverij Querido
ISBN: 9789021400303
288 pagina's
Prijs: € 18,99

Meer van Anky Mulders:

4 oktober 2017

Overval op de westerse mens

Over 'De ontscheping' van Jean Raspail
21 september 2017

Waar het surrealisme binnen dendert

Over 'Duizend vaders' van Nhung Dam
6 juni 2017

Een literaire betovering

Over 'Het uur van de ster' van Clarice Lispector

Recent

17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef
14 november 2017

Diepe emoties in weloverwogen zinnen met originele beelden

Over 'Binnenplaats' van Joost Baars
13 november 2017

Een aaneenschakeling van mislukkingen?

Over 'We haten elkaar meer dan de Joden' van Els van Diggele
9 november 2017

Verlangen in vele variaties

Over 'Het raadsel van de liefde' van Andre Aciman

Verwant

3 mei 2016

Op zoek naar een onvoltooid verleden

Over 'De laatste hand ' van Maarten Moll
3 mei 2016

De vier vrouwen van Hemingway

Over 'Mevrouw Hemingway ' van Maarten Moll