22 november 2011

Vallende bladeren verzonken in het slik der vergetelheid

Recensie door: Lodewijk Lasschuijt

Recensie door Lodewijk Lasschuijt

Adoe, Willem, hij heeft een tak, hij springt erop, hij springt eraf. Mannen die hun jeugd hebben doorgebracht in Nederlands Indië bedienen zich soms, als ze onder elkaar zijn, van een grappig taaltje dat is doorspekt met Maleise woorden en waarbij dan ook nog eens spreekwoorden en zegswijzen worden verhaspeld, het zogenaamde petjoh. Willem Nijholt springt dus van de hak op de tak in zijn brieven aan Hella Haasse maar hij doet dat op een buitengewoon onderhoudende wijze. Natuurlijk, hij heeft een kist vol met sporen die hij allemaal heeft verdiend als acteur en voordrachtskunstenaar maar nu blijkt dat hij ook een boek kan schrijven. Maar wat is het voor een boek? Is het een roman in brieven en gaan hiermee de tijden van Sara Burgerhart herleven? Is het een dagboek? Allebei niet, het is een boek zoals alleen Willem Nijholt het kan schrijven waarin hij herinneringen ophaalt aan het land waar Hella en hij hun jeugd hebben doorgebracht.

Niet alle herinneringen zijn even mooi, ook de afgrijselijke belevenissen in het jappenkamp worden in meerdere brieven gememoreerd. Willem schrijft de narigheid van zich af, de brieven hebben misschien een therapeutisch karakter.
Vanaf het moment dat hij toelatingsexamen doet voor de toneelschool wordt de toneelcarrière gevolgd en komt de verhouding met een aantal collega’s uitvoerig aan de orde. Er waren eeuwigdurende vriendschappen maar er was ook wel eens sprake van onverenigbaarheid van karakters, echter nooit van een echte vijandschap. Willem is niet haatdragend want zelfs wanneer Japan wordt getroffen door rampen en overstromingen gaat zijn mededogen uit naar de mensen die er ook niets aan konden doen dat hun grootvader misschien wel had behoord tot de Japanse horde die destijds Indië onder de voet had gelopen.

Interessant is ook de discussie die ontstaat wanneer er een vriend op bezoek komt die geen enkele empathie op kan brengen voor het leed dat de Indische Nederlanders is overkomen tijdens de Japanse bezetting. Het woord Auschwitz valt als een hakbijl. Het Indische leed wordt vergeleken met het Joodse leed. De herdenking op 4 mei op de Dam wordt gekenmerkt als een samenkomst waar de slachtoffers van de Holocaust worden herdacht, en de Indische samenkomsten in Den Haag op 15 augustus zouden meer het karakter hebben van een reünie. Nu heeft Willem de grootste moeite om zijn boosheid te verbergen, hij blijft netjes en houdt zijn mond stijf dicht, maar God hoort zijn gebrom. De volgende morgen belt de vriend, die eigenlijk geen vriend meer is, Willem op met de vraag of hij nog steeds boos is. Het antwoord luidt: ‘Als praten over Jappenkamp met Joodse mensen, adoe, jij vangt bot. Nu soeda dese’.

Steeds opnieuw komen er herinneringen naar boven en die worden dan uitvoerig opgeschreven in de brieven aan Hella. De beschrijvingen in de brieven zijn vaak poëtisch van aard, zij zijn als vallende bladeren neergedaald in een vijver, om daar langzaam te verzinken in het slik van de vergetelheid en komen soms boven drijven wanneer er een steen in de vijver wordt gegooid. Een dergelijke steen valt in de vijver als Willem in een boek leest over de onthoofding met een botte klewang van een gevangene aan de Birma spoorweg en hij herinnert zich heel goed dat zijn vader nooit wilde praten over dergelijke gebeurtenissen. Hij vertelt wel een nogal cynisch grapje dat Wim Kan ooit maakte. Hij vroeg zich af, tijdens zijn verblijf in Birma: ‘Wat zal ik vandaag eens aantrekken? Tja wat’. Ter verduidelijking, het Maleise woord tjawat betekent schaamlap en dat was zo ongeveer het enige kledingstuk dat de gevangenen aan de Birmaspoorweg droegen.

Willem Nijholt heeft als acteur altijd getracht zijn publiek te verheffen uit de smurrie van het dagelijks bestaan en dat is hem gelukt. Zelf heeft hij zichzelf uit de smurrie van de kampherinneringen omhoog getrokken en de brieven aan Hella waren daar een belangrijk hulpmiddel bij.

 

Met bonzend hart

Auteur: Willem Nijholt
Verschenen bij: Uitgeverij Querido
Aantal pagina’s: 288
Prijs: € 19,95, als E-boek: € 15,95

 

Vallende bladeren verzonken in het slik der vergetelheid
ISBN: 9789021442471

Meer van Lodewijk Lasschuijt:

2 augustus 2013

Stof tot nadenken

Over 'Schatplicht ' van Nelleke Noordervliet
4 maart 2013

Is het een somber boek?

Over 'In de schaduw van toekomstige rampen ' van Max Niematz
10 januari 2013

Een schuldbelijdenis

Over 'Hotel Linda ' van Arjan Visser

Recent

18 oktober 2017

‘Een luchtig sprookje’

Over 'Waterscheerling' van Rascha Peper
17 oktober 2017

Van poldercrimineel tot godfather in Frankrijk

Over 'Ondijk/Punt' van Barry Smit
16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

Over 'De Tanimbar-legende' van Aya Zikken
13 oktober 2017

Leven zonder moeder

Over 'Het intieme vreemde' van Jente Jong
12 oktober 2017

Een antikrimi

Over 'De rechter en zijn beul' van Friedrich Dürrenmatt

Verwant

22 november 2011

Maatje, zag je mij?