Theo Thijssen-prijs voor kinder- en jeugdliteratuur toegekend aan Daan Remmerts de Vries

Door Ingrid van der Graaf

De jury van de Stichting P.C. Hooft-prijs voor Letterkunde heeft de driejaarlijkse Theo Thijssen-prijs 2021 toegekend aan Daan Remmerts de Vries.

Daan Remmerts de Vries (1962) debuteerde in 1990 met het kinderboek Zippy en Slos, waarna er meer dan zestig boeken volgden. In 2003 ontving Remmerts de Vries de Gouden Griffel voor Godje en in 2010 voor Voordat jij er kwam. Vier van zijn boeken werden bekroond met een Zilveren Griffel en Tijgereiland won de Gouden Lijst 2014 voor het beste jeugdboek. Ook schreef Remmerts de Vries onder het pseudoniem R.N. Ryst het autobiografische boek De nadagen. Naast schrijver is Remmerts de Vries illustrator, schilder en muzikant.

De jury, bestaande uit Annemiek Neefjes (voorzitter), Marjon Kok, Ted van Lieshout, Matijs Lips, en Veerle Vandenbosch oordeelde mooi over zijn oeuvre: ‘Zijn boeken gaan diep en voelen licht, ze zijn actueel en hebben een universele kracht. Remmerts de Vries levert al een oeuvre lang een unieke bijdrage aan de Nederlandse jeugdliteratuur.’

Aan de prijs is een geldbedrag verbonden van € 60.000. De prijsuitreiking, die in december in theater Diligentia plaatsvindt, wordt georganiseerd door het Literatuurmuseum. Afhankelijk van eventuele beperkingen die de coronapandemie mogelijk nog oplegt is nog niet bekend hoe de prijsuitreiking eruit zal zien. 

 

De Theo Thijssen-prijs werd voor het eerst uitgereikt aan Annie M. G. Schmidt (1964), en later onder meer aan Guus Kuier (1979) en Wim Hofman (1991). Recentere laureaten zijn Bibi Dumon Tak (2018), Sjoerd Kuyper (2012) en Ted van Lieshout (2009).

 

Foto: Keke Keukelaar

 

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

27 april 2011

Rudy Kousbroek - schrijver die zich niet tussen twee kaften liet dwingen
Recensie door Ingrid van der Graaf

In het derde nummer van De Gids aandacht voor de – op 4 april 2010 – overleden essayist, polemist en dichter Rudy Kousbroek. Annet Mooij in het inleidende stuk Bij dit nummer : ‘Het essay vormt  samen met de poezie en het verhalend proza het hart van De Gids’

Lees meer