Taal – Het Bildt

Waddenblog door Hans Muiderman

Geke Postma-Postma heeft het Bildts dictee gewonnen, herinner ik me terwijl ik vanaf de Oude Bildtsedijk het land in kijk. Rechts een enorm gebouw met sierlijke letters op de gevel: ‘Openbaar Lager Onderwijs Anno 1898’. Wellicht leerden daar de kinderen het Bildts. Of juist niet, dat kan ook, wat je spreekt hoef je niet meer te leren. Geke had één fout. Haar naam is gegraveerd in de wisselbeker. Het eerste Bildts dictee was in 2017.
De aandacht voor de Bildtse taal – de mensen die hier wonen heten Bilkerts – is plotseling toegenomen. Oude en Nieuwe Bildtzijl zijn verdwenen. Niet van de kaart natuurlijk en het blauwe naambord met witte letters, aan het begin van de dijk, blijft ook bestaan. Maar ze zijn gefuseerd met andere gemeenten. Gemeente Waadhoeke heet het nu. Hoek bij het wad, een mooie naam voor deze plek.

De samenleving wordt groter en globaler en bijna als vanzelf vraag je je dan af hoe het kleine blijft bestaan.
Waar een Bildts dictee is, wordt ook een Bildts woordenboek gebruikt. Jonge mensen app-en in het Bildts en er is een Bildtse krant met een hoofdredacteur die aanvankelijk een loopbaan bij de NRC of Volkskrant voor zich zag. Maar toen zijn grootvader stierf (de hoofdredacteur tot dat moment), nam hij uit volle overtuiging het stokje over.

‘Die taal maakt wie ik ben,’ zegt een oudere man. We staan op de brug over de sluis uit 1505. Hij neemt me mee naar een woonhuis – ooit een kerkje vermoed ik – en wijst naar een tekst op de gevel. ‘Zijt daders des woords en niet alleen hoorders’. ‘Dat nemen we hier letterlijk, meneer,’ zegt hij met een knipoog. Een vader en zoon rijden met een steekkarretje een wasmachine de dijk af, de zoon betrekt een huisje onderaan de dijk. Een ribcord fauteuil blijft verweesd achter op de aanhangwagen.
De oudere man is me gevolgd. ‘Het is niet zomaar uit te leggen, meneer, u komt uit de grote stad, dat zie ik zo. Maar de taal is mijn landschap, mijn gebied. Daar hou je van, net als van je vrouw en kind. Da’s niet uit te leggen, da’s gevoel.’ Hij kijkt even weg.
‘Je woont niet in Het Bildt meneer, maar op Het Bildt. Dat hebben we te danken aan de slikwerkers.’

Het woord Bildt is ontstaan uit opgetild, opgebild worden door slik uit zee. Die werkers kwamen uit alle streken en wat ze samen maakten was niet alleen nieuw land, maar ook een nieuwe taal. Een mengtaal. Als je die niet spreekt ben je geen echte Bilkert.
‘En weet u meneer,’ zegt hij terwijl ik in mijn camper stap,’ zonder de slikwerkers hadden wij hier niet bestaan en hadden er nu geen zesduizend Bilkerts gewoond. Dat moet u onthouden, meneer, dat moet u opschrijven in dat boekje.’
Er hangt een lage mist. Voor mijn camper langs lopen twee jonge stellen met rolkoffers.
‘Niet tegen te houden, Airbnb,’ mompelt de man.
Ik sluit het portier, doe het raam open en steek mijn hand op om hem te bedanken. ‘Vergeet dat monument niet, meneer, ter herinnering aan die slikwerkers. Hier gewoon rechtdoor en aan het einde links, en dan als maar, als maar rechtdoor.’

In 1505 begonnen achthonderd slikwerkers hier te bouwen, ze groeven vaarten en legden wegen aan in een patroon dat gebaseerd was op de idealen van de Renaissance. Elk menselijk werkstuk of het nu een schilderij betrof of de inrichting van een stuk land moest voldoen ‘aan normen van gelijkmatigheid, symmetrie en harmonie, die gelijk richtsnoer waren voor het menselijk handelen.’ Het Bildt was het eerste grote polderwerk in Nederland waarbij dit nieuwe denken zichtbaar werd.
Mooie woorden. De mist trekt op.

Ik heb wel een uur op de dijk gestaan en gelopen, ik overdrijf niet. Uitkijkend over de Waddenzee en het terugtrekkende water. Het landschap laat je als vanzelf mediteren. In een langzame slingerbeweging gaat een geul de zee in. Dé geul, moet ik zeggen, want vanaf de 16eeeuw tot aan 1948 vertrok hier de boot naar Ameland.
Een slikwerker in brons van kunstenaar Frans Ram staat onderaan de dijk. Eeuwen hebben ze hier gewerkt. Ik lees de tekst op de sokkel. ‘I hemne wel ’n standbeeld ferdiend.’

 

 

Deze maand verscheen: Ofskaid en útsicht door Hein Jaap Hilarides bij uitgeverij Louise.
Prijs: € 15,00


Hans Muiderman bezoekt graag de eilanden en de kustgebieden tot waar de zeeklei ophoudt en het hogere land begint. Zijn reizen gaan van de Kop van Noord-Holland tot het midden van Jutland in Denemarken. Hij reist niet in die volgorde maar ‘springt heen en weer’.

 

foto: Anneke van Kroonenburg

 

 

Recent

12 november 2018

Zwanger van dood

Literair Nederland - 10 jaar geleden

19 november 2008

Wolf Solent - John Cowper Powys

De boeken van John Cowper Powys (1872 – 1963) zijn in Nederland niet zo populair, misschien door hun volume. Het vergt dan ook behoorlijk wat uithoudingsvermogen om een werk als bijvoorbeeld A Glastonbury Romance van maar liefst 1120 bladzijden, of Porius uit te lezen. Het door Jacob Groot prachtig vertaalde werk Wolf Solent uit 1929 is in vertaling 745 pagina’s, een dunnetje dus in het oeuvre van Powys.

John Cowper Powys werd in het Engelse Derbyshire geboren.

Lees meer