6 oktober 2011

Meesterwerk – Jan Rot

Speelse (ver-)taalvondsten en goedlopende teksten

Door Sheila van Rheenen

Voor Nederlandse klassiek geschoolde zangers is het zingen in vreemde talen aan de orde van de dag. Juist het zingen in het Nederlands is voor de meesten van hen een exotische bezigheid.
In Meesterwerk zijn de vele Nederlandse ver- en hertalingen gebundeld die Jan Rot gedurende tien jaar maakte van klassieke liederen, opera-aria’s en natuurlijk de Mattheüs Passion. Aanvankelijk hertaalde hij voor zichzelf, pas later in opdracht van anderen.

Dat zingen in zijn moedertaal stelt de Nederlandse zanger voor een behoorlijke uitdaging. In het Nederlands zijn vooral de diftonen berucht, de dubbelklanken zoals au en ei, of zelfs ee. Zing je te nadrukkelijk op beide delen van de dubbelklank, dan krijg je algauw een ander genre: Ik zit hier hee-jul allee-jin Kerstfeest te vieren.
Stel je het tweede gedeelte van de dubbelklank zo lang mogelijk uit  – een gebruikelijke techniek in de klassieke zang omdat hiermee de klank homogener blijft – dan klinkt het lied al snel bombastisch, zoals de bariton Maarten Koningsberger ook opmerkte na een repetitie van de Nederlandse Winterreise. Dat bombastische komt niet alleen door de klankkleuren maar ook door de nauwgezette articulatie van onze taal die inmiddels nogal afwijkt van het Nederlands dat we doorgaans met elkaar spreken.

Voor de verstaanbaarheid van klanken worden de resonanties in het spraakkanaal (het akoestische pad dat van de stemspleet naar de neus/mondholte loopt) gemanipuleerd. Hoe hoger een zanger zingt, hoe meer taal er sneuvelt. Bij een klassieke zanger is ‘de klank die taal is’ het gevolg van een geavanceerde resonantiestrategie: zijn klinkergebruik staat in dienst van de schone klank en in het gunstigste geval levert zijn arbeid een grotendeels verstaanbaar verhaal op.

Bij het beluisteren van een aantal Nederlandse zangers die de teksten van Rot zongen (Op You Tube is aardig wat materiaal te vinden), bleken sommigen hier en daar toch te kiezen voor verstaanbaarheid ten koste van de klankwijdte. Kort gezegd: zij zongen minder klassiek.

De belangrijkste drijfveer voor Jan Rot bij zijn hertalingen was het ‘slopen van de barrière van tijd en taal’, zo staat er in de inleiding van zijn boek. Maar uiteindelijk zijn het vooral de zangers die met een aantal vocaal-technische aanpassingen hun uiterste best doen verstaanbaar hedendaags Nederlands te zingen zonder het oorspronkelijke kleurenpalet van de composities onrecht te doen. Daarmee zijn er niet zozeer barrières geslecht als wel verschoven.

Eigenlijk komen de hertalingen van Jan Rot nog het meest tot zijn recht in de interpretaties van Jan Rot zelf.  Zichzelf begeleidend op een beduimelde gitaar zag ik hem een Schubertlied zingen, waarbij hij de melodie ondergeschikt maakte aan de tekst. Het Schubertgehalte nam navenant af en er bleef vooral veel Jan Rot over, maar zijn ongegeneerdheid veroorzaakt geen plaatsvervangend ongemak, wat bij sommige van de klassieke zangers nog wel eens kan gebeuren.

In De Mattheus Passie deed de mezzo-sopraan Tania Kross met haar aandeel verreweg de minste concessies. Ze klonk schitterend en was heel af en toe verstaanbaar, eigenlijk precies zoals de luisteraar het meemaakt wanneer hij luistert naar de oorspronkelijke Duitse versie. Tenor Marcel Beekman zong in een uitzending van Vrije Geluiden liederen uit Schuberts Die Schöne Müllerin, door Rot vertaald als Zomerreis. Hij deed dat erg fraai en vaak goed verstaanbaar in keurig jaren vijftig Nederlands. Ik hoorde hem zingen over een afgelikte boterham en moest opeens aan Ronnie Tober denken. Daarmee gebeurde het tegenovergestelde van wat Jan Rot beoogde: je werd juist teruggeworpen in de tijd.

Los van deze observaties ontstond er verbazing over de hoeveelheid meesterwerken die Rot door de jaren onder handen heeft genomen. Er zijn vertaalde aria’s van Puccini, cycli van Mussorgsky en Mahler en zelfs een hele opera van Mozart, De Toverfluit. Iedere componist waarvan Rot werken vertaalde, krijgt een apart hoofdstuk dat begint met een korte introductie of  anekdote. Vooral die anekdotes over de totstandkoming van sommige vertalingen bieden gezellig leesvoer.

Niet alle tekstdichters waren even begaafd als Heine en Goethe, en niet alle componisten maalden om literair hoogstaande teksten. Hierdoor is bijvoorbeeld de grootste attractie van Bellini’s Casta Diva vooral de hertaling van die aanhef: ‘Arme Diva’ maakt Rot ervan en het is grappig hoe zo’n operahit door dat ene woord direct van zijn heilige sokkel valt. Erg leuk is de vertaling van Mussorgsky’s Kinderkamer. Het Nederlands moet het helaas doen zonder die lekkere molligheid van de Russische taal, maar in deze versie blijft de oorspronkelijke knusheid van de tekst wel bewaard:

Njanja, njanjushka, moet je horen!
Njanja luister nou
Zat ik net nog lief te spelen
Bij de glasbak lief te spelen
Hutje bouwen lege limonadekratjes
Echt, mocht van mama
Mamma’s Gamma bouwprogramma
Koekjeskikkers koekjeswinkel
“Koekjeskikkertjes, koop bij mij je koekjes!”

( uit: Hommeles)

Voor zijn hertaling van Die Schöne Müllerin koos Rot een nieuw decor. De zanger is niet langer een molenaarsknecht maar staat bij de draaimolen op de kermis in de Jordaan. Dat levert luchtige, goedlopende teksten op die nog maar lichtjes tegen het origineel aanschurken. Wat blijft is de strekking: Man wordt verliefd, wordt afgewezen, is boos.

Wat raas je nou, mijn waterval
Mijn schuimbekbeek?
Je wilt dat ik die hartenjagers benen breek
Bedwing! Bedwing!
En licht eerst je prinsesje in
Dat zoete liefde meer is dan een suikerspin
Bedwing! Bedwing! Bedwing!

(uit:  Trots en Nijd, oorspronkelijk: Eifersucht und Stolz)

Ook de Winterreis van Rot draagt een eigentijds jasje. ‘Vergeet die hoed en die zwarte jas’, spoort hij de zanger Maarten Koningsberger aan bij de eerste repetitie. ‘Het is een winterreis in bomberjack, met een muts van de Unox op. Maar het verdriet is er niet minder om!’
De cultuurpessimist die met heimwee terugdenkt aan de nieuwjaarsduik van vóór de grote worstenmaker, zal misschien geen behoefte hebben aan de verzamelde hertalingen van Jan Rot. Maar voor liefhebbers van speelse (ver-)taalvondsten is Meesterwerk een leuk boek om in te grasduinen.

 

(Alle genoemde zangers en stukken zijn op You Tube te beluisteren. Voor de uitleg over de werking van de zangstem heb ik veel gehad aan Analyse van de zangstem: geluiden in beeld (Koen Eneman en Tom Francart, KUL 2008).

 

Meesterwerk
Jan Rot
Verschenen bij: Singel Uitgeverijen
ISBN: 9789038894263
373 pagina's
Prijs: € 19,95

1 reactie





 

Meer van :

17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef
14 november 2017

Diepe emoties in weloverwogen zinnen met originele beelden

Over 'Binnenplaats' van Joost Baars

Recent

13 november 2017

Een aaneenschakeling van mislukkingen?

Over 'We haten elkaar meer dan de Joden' van Els van Diggele
9 november 2017

Verlangen in vele variaties

Over 'Het raadsel van de liefde' van Andre Aciman
8 november 2017

Biografie Herman de Coninck gedicteerd door De Coninck zelf

Over 'Toen met een lijst van nu errond' van Thomas Eyskens
7 november 2017

De dreiging van het duister

Over 'Wol' van Aart Taminiau
6 november 2017

Het licht gaat uit

Over 'Laatste dagen op Ellis Island' van Gaëlle Josse

Verwant