Rudy Kousbroek

Herman Rudolf (Rudy) Kousbroek, geboren 1 november 1929 te Pematang Siantar, Sumatra, is een schrijver en essayist en belangrijk voorvechter van De Vijftigers. Als essayist besprak hij uiteenlopende zaken, zoals de Japanse interneringskampen, spellingshervorming, pornografie en melancholie.

Persoonlijk

Rudy Kousbroek wordt in 1929 in Indonesië geboren. In de oorlog  wordt hij geïnterneerd in een Jappenkamp en in 1946 verhuist hij naar Nederland.
In Amsterdam volgt hij de HBS van het Amsterdams Lyceum en gaat aansluitend wis- en natuurkunde in dezelfde stad studeren. Deze studies maakt hij niet af.
Hij leert Remco Campert kennen en samen richten ze in 1950 het literaire tijdschrift Braak op, dat een belangrijke rol speelt in de doorbraak van De Vijftigers, waarvan Kousbroek en Campert belangrijke vertegenwoordigers zijn.
Kousbroek verhuist in 1950 naar Parijs, waar hij Japanse en Chinese letteren studeert. Ook deze studies voltooit hij niet. Een jaar later trouwt hij met de schrijfster Ethel Portnoy, ze krijgen twee kinderen, maar de relatie houdt geen stand.
In 1953 debuteert hij met de dichtbundel Begrafenis van een keerkring.
Vanaf de jaren zestig publiceerde hij essays in onder meer Hollands Maandblad, NRC Handelsblad en Vrij Nederland, waarin hij fel van leer trok tegen waandenkbeelden in uiteenlopende vakgebieden: filosofie, politiek, natuurwetenschap en geschiedschrijving.
In 1975 krijgt hij de P.C. Hooftprijs voor zijn essayistische werk.
In 1989 komt Kousbroek terug naar Nederland. Hij woont kort bij vrienden in Amerongen en vestigt zich dan in Leiden.

Rudy Kousbroek woont in Leiden en is getrouwd met de Ierse schrijfster Sarah Hart.

 

Bijzonderheden

  • In 2006 stond Kousbroek, voor de verkiezingen voor de Tweede Kamer, als lijstduwer op de lijst van de Partij voor de Dieren.
  • Kousbroek verdiepte zich in Toergenjev. In 2005 maakte hij een bedevaart naar diens graf in Petersburg.
  • Rudy Kousbroek schreef in Vrij Nederland onder het pseudoniem Leopold de Buch.
  • Arnold Heumakers: ‘In Kousbroeks borst huizen twee zielen: de ene behoort aan een geharnast rationalist, die alles wat naar religie, mythologie of metafysica zweemt, met de grond gelijk maakt; de andere verraadt een romantische ontvankelijkheid voor emoties en sentimenten, die zelfs voor onvervalste sentimentaliteit niet terugschrikt. Eigenlijk is dat altijd al zo geweest, maar in de loop van de tijd heeft Kousbroek zijn gevoelige ziel duidelijker op de voorgrond geplaatst (Arnold Heumakers, de Volkskrant, 23 april 1993).’
  • Werken
  • De begrafenis van een keerkring (1953, poëzie)
  • Revolutie in een industriestaat (1968)
  • De aaibaarheidsfactor, gevolgd door Die wacht am IJskast (1969)
  • Anathema’s 1 (1969)
  • Het avondrood der magiërs (1970)
  • Anathema’s 2 (1970)
  • Het gemaskerde woord. Anathema’s 1, 2 en 3 (1970)
  • Een kuil om snikkend in te vallen (1971)
  • Anathema’s 3 (1971)
  • Ethologie en cultuurfilosofie (1973, Huizingalezing)
  • Een passage naar Indië (1978)
  • De aaibaarheidsfactor (1978, uitgebreide herdruk)
  • Anathema’s 4, De waanzin aan de macht (1979)
  • Vincent of het geheim van zijn vaders lichaam (1981)
  • Wat en Hoe in het Kats (1983)
  • De logologische ruimte (1984)
  • Anathema’s 5. Het meer der herinnering (1984)
  • Het rijk van Jabeer. Getransformeerde sprookjes (1985, met bijdrage van Joost Roelofsz.)
  • Lief Java (1987)
  • Nederland: een bewoond gordijn (1987, boekenweekessay)
  • Een zuivere schim in een vervuilde schepping (1988, over het werk van Konstantinos Kavafis)
  • Dagelijkse wonderen (1988, budgetboek-serie)
  • Anathema’s 7, De onmogelijke liefde (1988)
  • Morgen spelen wij verder (1989)
  • De archeologie van de auto (1989)
  • Einsteins poppenhuis, Essays over filosofie 1 (1990)
  • Het Paleis in de verbeelding (1990)
  • Lieve kinderen hoor mijn lied (1990)
  • Anathema’s 6, Het Oostindisch kampsyndroom (1992)
  • Anathema’s 8, De vrolijke wanhoop (1993)
  • Varkensliedjes (1993)
  • Terug naar Negri Pan Erkoms (1995)
  • Hoger honing (1997)
  • Verloren goeling (1998)
  • In de tijdmachine door Japan (2000)
  • Opgespoorde wonderen: fotosynthese (2003, fictie; fotografie)
  • Die Winterreise (2003, audio-boek, verhalen)
  • Dierentalen en andere gedichten (2003, poëzie)
  • Verborgen verwantschappen: fotosynthese (2005, fictie; fotografie)
  • Het Oostindisch kampsyndroom (2005, vijfde, uitgebreide druk)
  • De archeologie van de auto (2006, uitgebreide herziene uitgave)
  • Het raadsel der herkenning: fotosynthese 3 (2007, fictie; fotografie)

 

Prijzen

  • 1969 Essayprijs van de gemeente Amsterdam voor Revolutie in een industriestaat
  • 1975 P.C. Hooft-prijs voor zijn beschouwende oeuvre.
  • 2005 Jan Hanlo Essayprijs Groot voor Opgespoorde wonderen

 

Benoemingen

  • 1994 Eredoctoraat in de wijsbegeerte van de Rijksuniversiteit Groningen.

 

 

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

27 oktober 2011

Recensie door: Albert Hogeweij 

Na De zeven laatste zinnen levert Dimitri Verhulst met De intrede van Christus in Brussel (in het jaar 2000 en oneffen ongeveer) een tweede titel in korte tijd die niet enkel iets met het christendom heeft uitstaan, maar ook met Ensor. Want zat bij eerstgenoemde titel niet een cd van het Ensorkwartet dat het gelijknamige muziekstuk van Joseph Haydn uitvoerde? En dit nieuwe boek verwijst natuurlijk naar het beroemde schilderij van de Belgische schilder James Ensor ‘De intrede van Christus in Brussel in 1889’.

Lees meer