Yves Petry – De Geesten

Indringende vragen over goede bedoelingen

Recensie door Adri Altink

Van Linda Polman verscheen al eerder De crisiskaravaan (2008). Als onderzoeksjournalist schreef Polman een boek dat heel wat heilige huisjes afbrak over de hulpverlening aan derde wereldlanden, vluchtelingenkampen en rampgebieden. Polman toonde de rauwe werkelijkheid van de ngo’s die niet in wervings-spotjes te zien zijn: organisaties die elkaar verdringen om in de gunst van sponsoren te komen, humanitaire middelen die in zakken van foute regimes verdwijnen en een woud van politieke belangen. De crisiskaravaan, non-fictie, was geen opwekkende kost. Evenmin vrolijk stemmend is het onlangs verschenen De Geesten, de nieuwste roman van Yves Petry. Hij gaat een stap verder en duikt in de drijfveren van de individuele hulpverlener met als kernvragen: waarom willen we zo graag goed doen en wat willen we daarmee aan onszelf of de ander bewijzen?

Duisternis

Petry schrikt er niet voor terug verontrustende thema’s aan te pakken. Het meest bekend waarschijnlijk, is zijn roman De maagd Marino waarvoor hij in 2011 de Libris Literatuurprijs kreeg. Die knoopte aan bij de beruchte zaak waarin de Duitser Armin Weimes zijn landgenoot Brandes, die zich daarvoor had aangeboden, vermoordde en opat. Maar meer dan een aanleiding tot het boek is die gruweldaad niet. In werkelijkheid gaat De maagd Marino over wat bewustzijn eigenlijk is: wie is degene die zichzelf ‘ik’ noemt?

De Geesten is gesitueerd in een fictief West-Afrikaans land waarvan alleen de namen van de havenstad Port-au-Bout en het in het binnenland gelegen vluchtelingenkamp Bilonga genoemd worden. Het is een gebied waar twee stammen en religies elkaar naar het leven staan, de islamitische Hiromwe en de christelijke N’gali. De setting doet in zijn gruwelijkheden sterk denken aan de strijd tussen de Hutu’s en de Tutsi’s in Rwanda en Burundi in de jaren ’90 van de vorige eeuw, maar ook aan het Congo uit Heart of Darkness, waarin Joseph Conrad een pijnlijk beeld van de menselijke beschaafdheid schetste. Niet voor niets is de duisternis een decor dat prominent aanwezig is in de jongste roman van Petry. ‘Een botsing der duisternissen’ is dan ook de titel van het laatste hoofdstuk waarin de hoofdpersoon, de arts Mark Oostermans, dichtbij zijn, wat je zijn loutering zou kunnen noemen, komt na zijn mislukte liefdesleven en zijn werk in het kamp Bilonga. Daarover later.

Artsen zonder Kleur

We koesteren graag een idealistisch beeld van Artsen Zonder Grenzen (AZG), werkend met vrijwilligers in probleemgebieden en medische zorg verlenend aan elk slachtoffer. Ongeacht afkomst, politieke kleur of religieuze gezindheid en desnoods tegen de zin van de regering van het betreffende land. Op grond van De Geesten kan niet geconcludeerd worden dat Petry zijn reserves heeft bij dergelijke organisaties, maar het belet hem niet fundamentele menselijke en existentiële vragen over hulpverlening op zich op te werpen.

Mark Oostermans, die we door de roman heen volgen, gaat vijf keer naar het vluchtelingenkamp Bilonga van Artsen Zonder Kleur om er goed werk te doen. De benaming van die organisatie is niet zomaar een woordspelige parafrase op AZG. Het zal misschien duiden op de neutraliteit van de organisatie, maar zeker ook op de persoonlijkheid van Oostermans. Die wordt in de roman herhaaldelijk te meegaand genoemd, kleurloos zou je kunnen zeggen. Tekenend is hoe de relatie met zijn vriendin Kristien is geëindigd. Mark is er volkomen van in de war:
‘ik probeerde haar een brief te schrijven. Die poging maakte vooral duidelijk hoe weinig fantasie ik inderdaad bezat. Het ontbrak me, denk ik, aan vechtlust in de liefde. Mijn inspiratie werd niet geprikkeld door de heilige wil om te winnen’.
Het is de relatiebreuk die naar de stap leidt om naar Afrika te vertrekken. Het heeft er veel van dat hij Kristien zal bewijzen dat hij durft en een ruim hart heeft.

Illusies

Op dat moment is nog niet duidelijk welke betekenis Kristien heeft in de roman. De Geesten lijkt grotendeels een verhaal van een ik-verteller die zich tot de lezer richt. In het laatste hoofdstuk echter blijkt de hele roman een verslag te zijn van Mark aan Kristien. Hij heeft zich al die tijd tot haar gericht. Het is een tournure die werkt, want ineens worden wij in haar schoenen gezet: we zijn geen afstandelijke lezers meer, maar worden gedwongen met de vragen die Mark opwerpt aan de slag te gaan.

In totaal gaat Mark Oostermans vijf keer naar Bilonga. Hij loopt daar op allerlei manieren tegen zichzelf aan in scènes in het kamp en in verwikkelingen tussen artsen. De belangrijkste onder hen zijn het hoofd Jeroen Ullings, de Belgische arts Margot en de Afrikaan Ibrahim. Opvallend is dat alle artsen (met uitzondering van Ibrahim) in het kamp terecht zijn gekomen na verwarrend verlopen liefdesrelaties die hen teruggeworpen hebben op de vraag naar hun diepere motieven om iets te betekenen in de wereld.
Het meest cynisch daarover is Jeroen Ullings. Hij heeft een tijd lang de wereld achter zich willen laten door Jezuïet te worden. Die stap bracht hem vooral tot nadenken over dood en leven en de zin van hulpverlening. Hij maakt zich geen illusies; hij is voor zichzelf in Bilonga. Niets is dan ook zo ‘manifest hopeloos als dit eeuwig oplappen van mensen die nergens heen gaan en van zichzelf ook weten dat ze dat niet doen. Het is werk dat me verlost van mijn zelfzucht, maar dat betekent in de verste verte niet dat de wereld er beter van wordt.’
De dialogen van Ullings maken door hun breedvoerigheid en rationele constructies overigens de roman niet altijd even sterk. Zoals Petry de gesprekken soms ook wat gekunsteld invoegt: het is niet altijd duidelijk waarom verschillende figuren hun bokkige zwijgen ineens doorbreken.

Manipulaties en levens redden

Enigszins duister zijn de manipulaties van de arts Margot die aan de stoelpoten van Ullings zaagt. We komen er als lezer niet achter of zij werkelijk een integriteitsprobleem aan de orde stelt of dat ze op eigen gewin uit is. Of is het de politiek, misschien wel de lafheid, van het hoofdkantoor van Artsen Zonder Kleur die hier te kijk wordt gezet. En wie is er schuldig als het een aanval op het kamp gruwelijk afloopt: het hoofdkantoor, de arts die onverantwoorde risico’s nam of degene die niet ingreep.
Oostermans blijft in het kamp Bilonga in zekere zin de slappeling die hij in zijn liefdesrelaties was. Hij trekt in de machtsstrijd tussen Margot en Ullings geen partij en maakt geen duidelijke keuzes. Zo grijpt hij niet in als hij ontdekt dat Ibrahim een pistool bij zich draagt hoewel wapens in het kamp verboden zijn.

Oostermans hoeft zich geen illusies te maken als hij onderhouden wordt door Jeroen Ullings: ‘Wat doen wij hier, Mark? Dag in, dag uit spannen wij ons in om levens te redden vanuit het idee dat deze mensen net zo goed als wij recht op leven hebben. Heel nobel van ons. Maar bekijk het ook eens van hun kant. Zij hebben niet het gevoel mensen te zijn als wij (…) In feite begrijpen ze hun belagers beter dan ze ons begrijpen. Onze motieven zijn hun duizend keer vreemder dan die van hun vijanden. We zien hen sterven, bij dozijnen, maar zien zij ons ooit sterven?’

Wat in het licht van die laatste opmerking de rol van Ullings zelf bij het dramatische einde van de aanval op het kamp is, is een vraag voor de lezer. Die mag zich meteen ook de vraag stellen wat er met Oostermans is gebeurd na het lezen van deze roman. Want terug in België stopt Mark Oostermans zijn verslag bij Kristien in de bus. Het eindigt met ‘Laat dat voor nu het antwoord zijn op de vraag wat eigenlijk mijn probleem is. Later meer. Eerst moet jij dringend dit verhaal lezen, Kristien. Hooguit nog een uur of twee en dan sta ik bij jou voor de deur.’
Zal Kristien open doen? Zouden wij, staande in de schoenen van Kristien, het doen?

 

Omslag De Geesten - Yves Petry
De Geesten
Yves Petry
Verschenen bij: Das Mag (2019)
ISBN: 9789492478818
356 pagina's
Prijs: € 23,99

steun-ons

Jaarlijks publiceert Literair Nederland ruim vierhonderd boekrecensies en literaire berichten mede dankzij donaties van lezers. U  hulp om boekrecensies, interviews, columns en essays in de toekomst te laten verschijnen is nodig. Klik voor een bijdrage.  Onze dank is groot!

Meer van Adri Altink:

Recent

18 september 2019

Een spannende avonturenroman

Over 'De Dolfijn' van Mark Haddon
17 september 2019

De natuur in verweer

Over 'De grote angst in de bergen' van Charles-Ferdinand Ramuz
16 september 2019

Tussen overtuiging en onverschilligheid

Over 'Ontweten' van Menno van der Veen
11 september 2019

In wankel evenwicht tussen twee talen en twee ideologieën

Over 'De engel van het vergeten' van Maja Haderlap
10 september 2019

Verontrustende gedichten als weerslag van het leven van een Portugees dichter

Over 'Een spoor van mezelf, een keuze uit de orthonieme gedichten' van Fernando Pessoa

Verwant