Sylvie Marie – Houdingen

Het Koplandsiaans minuscule is de kracht in deze bundel

Recensie door André van Dijk

De Vlaamse dichter Sylvie Marie brengt in haar nieuwste bundel Houdingen grote bewegingen van het gemoed terug naar uiterst kleine beschrijvingen. Met de zorgvuldigheid van een horlogemaker weet ze minimale woordconstructies samen te stellen die een wereld van verborgen drama ontsluiten. In het eerste deel ‘Toestanden’ wordt in drie gedichten de basis gelegd voor het verdere verloop. Een niet vrolijkstemmend vers dat begint met: ‘veel vaker dan ik wil, wacht ik op bloed, / slijt er dagen aan (…)’

Of het tweede gedicht dat aanvangt met: ‘terwijl we weer vrijen schuift een kleine, / bange rat onder de deken (…)’
Het derde gedicht in het deel ‘Toestanden’ laat de huidige situatie zien: ‘los als vandaag liggen we / almaar vaker. lakens scheuren / langs de drift van onze continenten. (…)’

In metaforische schetsen laat Sylvie Marie een somber beeld zien van een vrouw in een ongelukkige toestand. Vreemd genoeg wordt die somberte nergens echt tastbaar, omdat de dichter zo omfloerst mogelijk haar taal behandelt. Geen grote woorden, geen drang naar heftige conclusies, maar slechts lichte aanrakingen die de tragiek benoemen en die tegelijkertijd bedekken onder een deken van vloeiende regels. Dat maakt de zwaarte eerst draaglijk, gevangen in schoonheid, maar bij herlezing van de verzen komt zij steeds harder binnen.

Het tweede deel ‘Houdingen’ is een uiteenzetting van de verschillende stadia waarin de vrouw zich bevindt. Haar wezen uit zich in een reeks gedichten over eenzaamheid, verlatenheid en het verlangen naar liefde. Met een treurig zelfbeeld als dieptepunt, waarmee ze zichzelf de maat neemt:

ik kan dat niet, de vrouw uithangen,
wijd en traag ben ik, was ik
hout, dan had ik brede groeven, lomp
val ik als omgehakt, ik kraak mijn takken stug.
het is ook altijd winter hier. (…)

Het drama wordt alleen maar groter als er over pillen gedicht gaat worden. Hier wordt de loodzware boodschap ook allereerst verpakt in prachtige zinnetjes die heel gedetailleerd beschrijven hoe zo’n proces in zijn werk gaat. De ernst van de zaak lijkt voor zichzelf te spreken, maar neemt aan het eind van het vers een wending als er iets te nadrukkelijk verwezen wordt naar een andere functie van de pillen:

om kalm te blijven druk ik
geconcentreerd de pillen uit een strip

en meer nog dan het doel van die dingen,
gaat het om het drukken, zorgvuldig,
de beide duimen voorwaarts
en de nagels tegen elkaar.

dan het zilvervlies dat knapt,
het plastic dat ineenstuikt
als een bolle buik tenietgedaan met een veeg
van tafel, brekend water, spanning die lost,
de pil die in mijn palm valt, achteloos
als een kinderhoofdje.

Dood en nieuw leven, beiden door de dichter aangeraakt in een omhulsel van lastige relationele kwesties. Voor een hele bundel is dat iets teveel van het goede, maar Sylvie Marie komt ermee weg omdat haar sprankelende en precieze stijl het lezen tot een bijzonder avontuur maakt. De tragiek mag dan verpakt zijn in té opgelegde metaforen, zinnen als: ‘de nacht is een kofferbak, waarin ik klaarlicht liggen moet’ zijn kleine pareltjes waarin de subtiele alliteratie een groot effect teweegbrengt.

In het laatste deel ‘Uitkomsten’ wordt in één gedicht de zogenaamde uitkomst van alle misère toegelicht. Hier blijft weinig te raden over: goed geschreven maar veel te expliciet verwijzend naar een goede afloop. Terwijl nog geprobeerd wordt de boodschap te verdoezelen, spreekt de verzuchting van de dichter boekdelen: ‘jij liet niets vallen,/ jij hebt iets neergezet.’
Het dichterschap van Sylvie Marie is vooral af te lezen aan de kleinheid van haar verzen, waarbij ze soms de verbeelding te letterlijk laat plaatsvinden. Het haast Koplandsiaanse minuscule – tot in detail een grote beweging beschrijven en daar zo min mogelijk woorden aan vuil maken – is haar grote kracht. Dat wordt benadrukt door het beste gedicht uit deze bundel:

we zouden kunnen gaan zitten
in een koffiekopje.

je weet wel,
een klassiek,
met schuine wanden,
zodat we telkens naar elkaar toe schuiven.

geen mok, dat niet.
geen grote cilinder
met platte bodem

maar zo’n kleintje,
bol.

misschien dat we daarin
moeten investeren:
van alle kamers kopjes maken.

 

Omslag Houdingen - Sylvie Marie
Houdingen
Sylvie Marie
gedichten
Verschenen bij: Vrijdag
ISBN: 9789460016257
55 pagina's
Prijs: € 16,50

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *





 

Meer van André van Dijk:

Recent

17 juli 2018

Legenden en leven

Over 'De vrouw met het rode haar' van Orhan Pamuk
13 juli 2018

Een oer-Vlaams bestaan, maar dan anders

Over 'Kroniek van een verzonnen leven' van Charles Ducal
11 juli 2018

Een ongrijpbare Kretenzische vrijheidsstrijder

Over 'Kapitein Michalis' van Nikos Kazantzakis
9 juli 2018

Nederland komt uit het buitenland

Over 'Rivierenland' van Sunny Jansen (auteur), Martin van Lokven (fotograaf)
6 juli 2018

Kaf maar gelukkig ook koren

Over 'De geur van miljoenen' van Merijn de Boer

Verwant