Sebastian Barry – Duizend manen

Met de moed die ze erfde van haar moeder

Recensie door Isabelle van den Heuvel

‘Ik ben Winona.’ Zo begint de nieuwe roman van de Ierse schrijver Sebastian Barry (Dublin, 1955), de huidige Irish Laureate for Fiction oftewel Schrijver des Vaderlands. Duizend manen is de opvolger van Dagen zonder eind (2016) en speelt zich af in West-Tennessee, in de nadagen van de Amerikaanse Burgeroorlog. Het boek maakt deel uit van een reeks romans waarin Barry fictioneel verhaalt over zijn voorouders, die het verarmde Ierland verlieten om een leven op te bouwen in America. De Ierse diaspora is dan ook een terugkerend thema in zijn werk. 

Winona Cole, een zeventienjarig Lakota meisje is de verteller van het verhaal. Nadat haar familie tien jaar eerder is afgeslacht tijdens de American Indian Wars wordt ze geadopteerd door de soldaten en minnaars Thomas McNulty en John Cole die haar liefdevol groot brengen op een afgelegen boerderij. Daar wonen ook oud strijdmakker Lige Magan en twee vrijgemaakte slaven, broer en zus Rosalee en Tennyson.  

Complexe relatie

Samen vormen ze een hechte familie. De relatie van Winona met Thomas McNulty en John Cole heeft echter een complexe oorsprong aangezien de mannen zowel ooggetuigen van als deelnemers aan de slachtingen van Indianen waren, mogelijk hebben ze zelfs familieleden van Winona omgebracht. ‘Mijn wond was dat ik een verloren kind was. Gek genoeg hebben ze mij genezen, Thomas McNulty en John Cole. Ze hebben hun uiterste best gedaan, geloof ik. Dus ze hebben me zowel de wond toegebracht als hem genezen, wat in zekere zin een ingewikkeld feit is.’ 

De boerderij biedt Winona een veilige haven waar racisme en geweld steevast buiten de deur worden gehouden. Ook op het kantoor van de opgewekte advocaat Briscoe waar Winona werkt, wordt ze als volwaardig beschouwd. Maar buiten de boerderij en het kantoor is ze ‘minder dan de zwarte vliegjes die iedereen in de zomer plaagden. Minder dan de ouwe stront die tegen de achterkant van de huizen werd gesmeten.’ Winona leeft in een wereld waar het geen misdaad is een indiaan te mishandelen, een wereld waarin men ‘wil dat indiaanse meisjes nare dingen overkwamen.’ De constante dreiging van buitenaf, van bendes, aan lager wal geraakte soldaten en mannen ‘met juten zakken op hun hoofd’ teisteren het boek van begin tot eind. 

Ondoordringbare eenzaamheid

Ondanks de liefde en waardering die Winona ontvangt, is haar eenzaamheid pijnlijk voelbaar. Ze heeft vage herinneringen aan de slachtpartij die haar moeder, beroemd binnen de stam om haar grote moed, zus, nichten en tantes uitroeide. ‘Ver in mijn achterhoofd was een zwart schilderij met bloed en geschreeuw erop en bloed dat eruit barstte. (…) Blauwjassen die boven op ons naar binnen tuimelden en bajonetten en kogels en brand en zielen die gewelddadig werden gedood.’ Thomas McNulty en John Cole weten zich geen raad met haar lijden. Wanneer Winona een van haar sombere buien heeft kan John Cole slechts een arm om haar schouder slaan. Meer is niet nodig, er zijn toch geen woorden voor wat haar overkomen is.

Toch krabbelt Winona zich keer op keer omhoog. ‘Zelfs als je voortkomt uit bloedvergieten en rampspoed moet je uiteindelijk leren leven.’ Dan keert ze op een avond zwaar gehavend terug na een bezoek aan het dorp. Ze blijkt te zijn mishandeld en verkracht. Rosalee onttrekt haar aan het zicht van de mannen om haar te verzorgen. ‘Ze was danig bedroefd terwijl ze mij schoonmaakte. Ze moest tussen mijn benen naar binnen. Ze zal veel ellende van vrouwen hebben gezien toen ze slavin was.’ Winona vermoedt dat Jas Jonski, een blanke jongen die verliefd op haar is en haar zijn verloofde noemt, de dader is.  Uit angst dat John Cole de dader opspoort en doodschiet en daarvoor wordt opgehangen, besluit Winona zelf op zoek te gaan naar gerechtigheid. 

Meesterlijk spel

Barry speelt meesterlijk met de verwachtingen van de lezer en laat tegelijk de dualiteit in zijn personages zien. Verkleed als jongen en bewapend met een damespistool en de moed die ze erfde van haar moeder, trekt Winona het dorp in om navraag te doen over Jas Jonski. De manier waarop ze het dorp binnenrijdt op haar muilezel doet denken aan een ouderwetse western. In het dorp verwacht de lezer rake klappen, een show-down, en ook bij haar bezoek aan de rechter Aurelius Littlefair loopt het anders dan de lezer verwacht. Daarnaast toont Duizend manen ook Barry’s lef als schrijver. Met zijn keuze voor een indiaans meisje als verteller ligt de beschuldiging van culturele toe-eigening al snel op de loer. Barry lijkt zich hier echter goed van bewust. Hij kiest voor een sterk personage met een kraakheldere stem die op de eerste bladzijde al laat weten dat haar leven door blanke mannen wordt gestuurd. Zelfs haar naam, zegt ze, is haar gegeven door Thomas McNulty omdat hij haar echte naam, Ojinjintka, niet kan uitspreken en haar dus ‘de naam van mijn dode nicht (gaf), want die ging beter over zijn tong.’ Bovendien, vertelt ze, klopt de betekenis van de naam niet, want ‘Winona betekent eerstgeboren. Ik was niet eerst geboren.’ Opvallend is dat Winona afstand van de blanke (mannelijke) personages houdt door ze consequent bij hun volledige naam te noemen. 

Gedragen door liefde

Duizend manen is een veelomvattende roman met een rijke thematiek. Racisme, identiteit, gender en homoseksualiteit, de werking van het geheugen – alle komen ze aan bod zonder dat de roman topzwaar wordt. Met een goed uitgewerkte plot en losse eindjes die stuk voor stuk aan elkaar worden geknoopt, toont Barry zich een schrijver die zijn pen feilloos beheerst. Daarnaast schuwt hij emotie niet. Hij laat Winona voelen en de familie hecht zijn zonder sentimenteel te worden. Daarnaast heeft hij weinig woorden nodig om iets als racisme hard te doen binnenkomen. Neem de dokter die een kogel uit Winona’s arm verwijdert. Uit trots en een gevoel van eer verbijt ze haar pijn. ‘Ze schreeuwt niet eens,’ zegt hij tegen de andere aanwezige, ‘weet je ze zijn niet eens menselijk, niet echt, niet zoals jij en ik.’ 

Wat Duizend manen op indringende wijze toont is wat geweld met een mens doet – het ontwricht en doet verstommen, soms letterlijk – maar ook de kracht die de mens bezit om zich te herpakken en het leven te leven, wat zich ook aandient. Het enige middel daartoe is liefde in al haar vormen en verschijningen. Met dit gegeven voert Barry de lezer naar een prachtige slotscène waarin Winona zich geliefd en gedragen weet door haar familie, zowel hier op aarde als in het spirituele rijk.

 

 

Omslag Duizend manen - Sebastian Barry
Duizend manen
Sebastian Barry
Vertaling door: Jan Willem Reitsma
Verschenen bij: Querido
ISBN: 9789021418872
248 pagina's
Prijs: € 20,00

Meer van Isabelle van den Heuvel:

Recent

24 september 2020

Verlangen naar verandering

Over 'Jouw zwaartekracht mijn veer' van Tom Van de Voorde
22 september 2020

De vreemdeling in huis

Over 'De vader van Artenio' van Frida Vogels
21 september 2020

Uitzicht op een huis met tuin

Over 'Lentetuin' van Tomoka Shibasaki
18 september 2020

Zelfspot in menselijk onvermogen

Over 'Hoe harder ik loop, hoe kleiner ik ben' van Kjersti Annesdatter Skomsvold
17 september 2020

De Jules Deelder van het proza

Over 'Keukendrinkers' van Rein Hannik

Verwant