Perhat Tursun – De achterstraten. Een roman uit Xinjiang

Helemaal alleen in een mistige stad

Recensie door Evert Woutersen

De Oeigoerse auteur Perhat Tursun (1969) werd in 2018 door de Chinese autoriteiten opgepakt. Sindsdien is er niets meer van hem vernomen. Hij zou tot zestien jaar gevangenisstraf zijn veroordeeld. De details van zijn veroordeling en gevangenschap zijn nooit openbaar gemaakt. Wellicht was een vroege versie van zijn roman De achterstraten die eerder op internet verscheen de aanleiding. Tursun schreef zijn boek in 1990-1991. In 2005 heeft hij de roman herzien en in 2015 voltooid. In een lange inleiding legt de Amerikaanse antropoloog Darren Byler uit dat hij lang gewacht heeft met het publiceren omdat aandacht voor het werk van Tursun de kans op arrestatie van Tursun en zijn anonieme Oeigoerse vertaler zou vergroten. Maar nu er al zo lang niets meer van hen is vernomen, heeft hij besloten tot publicatie over te gaan. Byler: ‘Ze verdienen het te worden gehoord.’

De achterstraten speelt zich af in de Oeigoerse stad Ürümqi, een stad die bekend staat om zijn zware industrie en luchtvervuiling. Tursun laat zijn naamloze hoofdpersoon door deze vieze stad dwalen: ‘Het zou nog even duren voordat de zon onderging, maar in Ürümqi komt de zon nooit echt op. Hij lijkt altijd weg te vallen in een allesoverheersende duisternis.’ Eindeloos dwaalt de man door de stad met dichter wordende mist: ‘Ik keek aandachtig naar silhouetten van mensen in de mist. Sommige van hen, gekleed in het wit en één of twee meter bij mij vandaan, leken te flikkeren als weerspiegelingen in troebel, stromend water, alsof ze op lucht liepen. De mensen die in het zwart gekleed waren zag je pas als ze recht voor je stonden.’

Vriend of vijand

De hoofdpersoon vindt na zijn studie in Beijing in Ürumqi een baantje met een proeftijd op een stinkend en slecht verlicht gemeentekantoor, geleid door Han-Chinezen. Een sleutel krijgt hij niet. En een woonplek hoort niet bij de functie, ondanks dat er meerdere ruimtes in het gebouw leeg staan. Zijn collega’s kijken niet naar hem om. Zijn leidinggevende voelt zich ver boven hem verheven: ‘Met mij praten was niet alleen zonde van zijn eigen tijd, maar was eigenlijk een misdaad, omdat hij de tijd van zijn volledige etnische nationaliteit verdeed (…) Hij vroeg me uit te leggen waar ik goed voor was.  Ik zei hem dat ik in staat was te leven. Want ja, het mooiste ter wereld is leven. Er is niets mooiers dan leven! Wat hem het meest dwarszat, was dat ik leefde.’

Als hij niet op kantoor zit, dwaalt hij door de mistige stad. ‘Vanuit het niets rende er een rat voor me uit, hij verdween als een kogel in het vuilnis. (…) Zoals de rat door het afval schoot, zo bewoog ik me door de stad. Net als hij was ik zoek naar eten, en als mijn maag gevuld was, wilde ik niets anders dan slapen.’

De behandeling als tweederangsburger maakt dat de hoofdpersoon zich alleen voelt. Ontmenselijking is het thema van het boek. Op meerdere plaatsen komt de volgende bezweringszin terug: ‘Ik ken niemand in deze vreemde stad, dus ik kan onmogelijk iemands vriend of vijand zijn.’ De leidinggevende Han-Chinees beschouwt hem als inferieur door zijn uiterlijk en de taal die hij spreekt. Zo leeft hij in een sociaal isolement. Hij is helemaal op zichzelf aangewezen. Toch lukt het hem om te overleven in smogstad Ürümqi, door gebruik te maken van soms irreële, maar voor hem belangrijke en doelmatige overlevingstechnieken.

Ontmenselijking

In de inleiding vertelt Byler hoe de Chinese autoriteiten al jaren bezig zijn de Oeigoeren te ontmenselijken. Sinds 2017 zijn er honderdduizenden Oeigoeren ‘verdwenen’ in interneringskampen in Noordwest China – een gebied dat in het Chinees bekend staat als de provincie Xinjiang, of ‘Nieuw Grensgebied.’ De eveneens verdwenen Perhat Tursun schreef vijftien jaar aan De achterstraten. Hij observeerde hoe de beeldvorming van Oeigoeren als lagere diersoort ontstond, zoals religieuze Oeigoeren afbeelden als ratten die door mensenmassa’s achterna gejaagd worden. Byler vertelt over zijn gesprekken met Tursun. In de roman treedt de mist in de stad op als een soort personage. De mist zorgt voor een verstikkende sfeer. In zijn boek wil Tursun uitleggen hoe vervreemding verbonden is aan mentale gezondheid en etnisch nationalisme. Hij vertelt ook dat hij graag Albert Camus las: ‘Ik ben heel erg beïnvloed door De pest. Ik las het steeds opnieuw en nog steeds voelt het alsof elke zin iets belangrijks zegt.’

Dit boek maakt invoelbaar hoe Tursun zich gevoeld moet hebben. In De achterstraten beschrijft hij een leven in de marge en een gebrek aan medemenselijkheid. In breder perspectief vraagt het boek aandacht voor het lot van duizenden verdwenen Oeigoeren. Dat we niet weten hoe het met de schrijver is, maakt het lezen van deze roman zeer intens.

 

 

Omslag De achterstraten. Een roman uit Xinjiang  - Perhat Tursun
De achterstraten. Een roman uit Xinjiang
Perhat Tursun
Vertaling door: Irwan Droog (uit het Engels)
Inleiding door Darren Byler
Oorspronkelijke titel: The Backstreets
Verschenen bij: Uitgeverij Jurgen Maas (2023)
ISBN: 9789083344119
192 pagina's
Prijs: € 22,95

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Evert Woutersen:

Recent

Den Ouden lees je kwispelstaartend
27 december 2023

Den Ouden lees je kwispelstaartend

Over 'Visioenen' van Martijn den Ouden
Beste boeken van 2023
26 december 2023

Beste boeken van 2023

Een oeverloos bestaan
26 december 2023

Een oeverloos bestaan

Over 'oeverloos' van Nisrine Mbarki
Over leugens en verwerking
25 december 2023

Over leugens en verwerking

Over 'Terug naar de Stichtstraat' van Paul Gellings