Moya De Feyter – Massastrandingen

Meedrijven op de woordenstroom van De Feyter

Recensie door Hettie Marzak

Moya De Feyter (1993) is een Belgisch dichter en schrijver. Ze studeerde theaterwetenschappen en debuteerde in 2018 met de dichtbundel Tot iemand eindelijk, daarbij verschenen haar gedichten ook in diverse literaire tijdschriften. Ze won in 2017 de poëziewedstrijd van de universiteit van Antwerpen en bereikte tweemaal de finale van Write now!, een schrijfwedstrijd voor jong talent. Met het theatergezelschap Zuidpool gaf ze aan haar laatste bundel Massastrandingen ook zelf gestalte op het toneel, samen met vijf andere spelers. 

Die vijf spelers komen overeen met de vijf verhaallijnen die in de bundel te ontdekken zijn en die aangegeven worden door het consequente gebruik van verschillende lettertypes en typografische kenmerken: donkergrijze balken over de regels, doorhalingen van woorden, inspringen in de marge, kleine en grote letters. Sommige bladzijdes zien eruit alsof de bundel in de modder heeft gelegen. Dat past bij de titel: ‘Massastrandingen’ doet allereerst denken aan walvissen die op het strand geworpen zijn. Maar ook brengt dat het thema ‘vastlopen’ in gedachten, gestrand zijn, niet verder kunnen. 

Pop in sinaasappelboom

De eerste verhaallijn staat in een schreefloze letter en gaat over een dode pop die in een sinaasappelboom hangt. Niemand weet wat daarmee moet gebeuren, maar heeft er wel een mening over: ‘er staan nu zeven mensen rond de sinaasappelboom / de pop is duidelijk dood’. Pas in het allerlaatste gedicht zal er iemand een oplossing aandragen die op zijn zachtst gezegd nogal verrassend is.
In cursief grijs beschrijven de gedichten van de tweede verhaallijn de spanning in een gezin  voordat er een grote een overstroming plaatsvindt. Ieder lid van het gezin is uitsluitend met zichzelf bezig en niemand ziet de zondvloed aankomen voor het te laat is: ‘de eerste druppels hadden ze nochtans aangenaam gevonden. een gezellig getik op koud glas’.

Een derde verhaallijn is een dialoog tussen twee personen, waarbij de sprekers naast elkaar worden gezet in hun eigen letterkleur, maar beide sprekers lijken deel uit te maken van één enkele persoonlijkheid, waarbij de tweede stem die van de nuchtere realiteit is: ‘hier is nog nooit iemand geweest / ik toch’. Zij geven beiden commentaar op de gebeurtenissen. In de vierde verhaallijn zijn de gedichten lichtgrijs gehouden: zij gaan over de grootmoeder en haar veroudering. Het zijn liefdevolle, humoristische gedichten, die het meest de realiteit benaderen. 

Spoorzoeken langs verhaallijnen

De vijfde lijn bevat een verzameling losse gedachten, invallen en kernachtige spreuken. Deze vijf lijnen zijn echter niet altijd even duidelijk van elkaar te onderscheiden. Gedichten uit deze vijf lijnen staan als losse fragmenten op elke bladzijde afgedrukt. Je zou deze bundel dus op verschillende manieren kunnen lezen: of je leest bladzijde voor bladzijde de verschillende gedichten achter elkaar, of je volgt het spoor van één enkele verhaallijn door de hele bundel.
Spoorzoeken wordt het sowieso, want veel van de gedichten lijken associatief te zijn ontstaan vanuit de fantasie van de dichter, waardoor het lastig wordt een verhalende lijn vast te houden. In de bonte verzameling van gedichten moet de lezer zelf zijn weg zoeken: patronen ontdekken, verbanden leggen en structuren aanbrengen. Dat wordt wat bemoeilijkt doordat er heel veel gedichten in deze experimentele bundel staan: 111 dichtbedrukte pagina’s zijn opmerkelijk veel voor een bundel. Een index ontbreekt, maar het zou ook ondoenlijk zijn om de gedichten daarin onder te brengen.

De zee en al wat daarin leeft vormt een thema en een bron van inspiratie voor De Feyter: walvissen, dolfijnen, haaien, kwallen, zeesterren en plankton bevolken de gedichten. Onder water kan het leven mooi zijn, als je een walvis bent, maar de zee vormt een bedreiging voor het leven daar buiten: ‘oh en als je thuiskomt, zal je vader er niet zijn / hij werd door een walvis opgeslokt’. 

Wonderlijk geheel

Er staan rampen te gebeuren, maar er is niemand die een besluit neemt: de gezinsleden gaan ieder in zichzelf op en hebben nauwelijks in de gaten dat er een vloedgolf aankomt; niemand doet iets aan de dode pop die in de sinaasappelboom hangt en ieders aandacht trekt; de veroudering van de grootmoeder gaat onvermijdelijk verder. De dialoog tussen de twee sprekers levert hierop commentaar als het koor in een Grieks drama uit de oudheid:‘we sluiten onze ogen want we weten dat het daar in het leven vaak op neerkomt / je ogen sluiten, hopen dat er in tussentijd / iets verandert’

Het valt niet mee alle stemmen uit deze bundel met elkaar in verband te brengen, maar ook zonder een verband leveren de gedichten samen een wonderlijk geheel op. Als je meedrijft op de woordenstroom van De Feyter, wordt allengs duidelijk dat alles met elkaar te maken heeft. De gedichten over de grootmoeder zijn de meest traditionele van vorm en inhoud:

als je dood bent heeft het geen zin om mooie kleren te dragen

‘de moeder van mijn moeder slaapt met haar bril op haar buik
 ik staar onafgebroken naar de pootjes
 wanneer de avond valt, gaan ze nog altijd op en neer

 de volgende ochtend deppen we haar droge lippen
 drinken en eten hoeft niet meer, zegt de dokter’

De losse gedachten en invallen zijn niet altijd even sterk en soms doen ze zich voor als tegeltjeswijsheden of tekst op een poster van Loesje: ‘als je met je voorhoofd de grond raakt, kun je niet meer vallen’. Daarentegen zijn de hallucinerende beelden die De Feyter gebruikt doordringend en verontrustend. Een intrigerende bundel die veel vragen opwerpt, de antwoorden zal de lezer zelf moeten zien te vinden.

 

Omslag Massastrandingen  - Moya De Feyter
Massastrandingen
Moya De Feyter
Verschenen bij: Uitgeverij Vrijdag (2019)
ISBN: 9789460017865
112 pagina's
Prijs: € 19,95

steun-ons

Jaarlijks publiceert Literair Nederland ruim vierhonderd boekrecensies en literaire berichten mede dankzij donaties van lezers. Uw hulp om boekrecensies, interviews, columns en essays in de toekomst te laten verschijnen is nodig. Klik voor een bijdrage. Onze dank is groot!

Meer van Hettie Marzak:

Recent

21 oktober 2020

Een aardig plot in een opsommerige stijl

Over 'Een vrouw van de wereld' van Thomas van Aalten
20 oktober 2020

Reconstructie van ingrijpende gebeurtenissen

Over 'In sluitertijd' van Adriënne Schouw
19 oktober 2020

Een dunne lijn tussen feit en fictie

Over 'Eenzaam, de dapperen' van Olga Majeau
16 oktober 2020

Een lied van hoger honing

Over 'Winterbijen' van Norbert Scheuer
15 oktober 2020

Detective over verlies en ouder worden

Over 'Zo tedere schade' van Hans Vervoort

Verwant