Mark Boog – Het lot valt altijd op Jona

Het lot valt altijd op Jona – Mark Boog

Vanaf 2000 publiceert Mark Boog (1970) met een niet aflatende regelmaat (zes) dichtbundels en romans. Met Het lot valt altijd op Jona schreef hij zijn vijfde roman. Boog won o.a. de C. Buddingh’-prijs (2001) voor zijn poëziedebuut, in 2008 schreef hij de gedichtendag- bundel De encyclopedie van de grote woorden.
Het lot valt altijd op Jona is een aangrijpend verhaal over de kwetsbaarheid van een kind, en hoe een goede relatie door een ernstig ziek kind onder grote druk komt te staan.

Op een dag in april arriveren Sandra en Daan met hun zoon Jonas in het ziekenhuis. De dag ervoor keek de zevenjarige jongen nog uit naar de voetbalwedstrijd met zijn club, nu voelt hij zich niet lekker, valt voortdurend in slaap, spreekt wartaal en heeft last van zware, raadselachtige aanvallen. Geen van de specialisten begrijpt wat Jonas mankeert.

Er volgen roerige weken, waarin het kind op het randje van de dood balanceert. Zijn moeder, Sandra blijft dag en nacht aan zijn zijde en begint het ziekenhuis meer en meer te zien als een levend wezen, een monsterlijke walvis die haar en haar zoon heeft opgeslokt.

De raadselachtige aanvallen die Jonas te verduren krijgt en de grote gevolgen daarvan, de artsen en verpleegstersmet hun goedbedoelde clichétaal, rare patiënten, het labyrintische interieur van het ziekenhuis: dit alles zorgt ervoor dat Sandra ongemerkt vervreemdt van de buitenwereld en onvermijdelijk ook van haar man Daan.

Hieronder een klein fragment uit het boek:

‘Sandra zuchtte voor ze de draaideur instapte. Het kinderziekenhuis scheen haar op een of andere manier te leven. Een dreigende, immense gestalte die haar net wat te gretig verwelkomde – opslokte, eigenlijk. Ze gebruikte beide handen om haar zevenjarige zoon Jonas, die slap tegen haar aanhing, te ondersteunen. Hij was zwaar. Zijn hoofd dreigde voortdurend van haar rechterschouder te glijden. Met een korte, schokkende beweging, alsof ze een rok of een broek optrok die net niet paste, corrigeerde ze de houding van de jongen.
Voor haar – hij was met een sprintje van twee passen net één gelegenheid eerder de draaideur binnengegaan – liep haar man Daan. Hij hield zijn schouders hoog, verkrampt, en zijn handen waren, waarschijnlijk zonder dat hij het zelf wist, tot vuisten gebald. Hij stapte zo snel de draaideur uit dat het ding automatisch blokkeerde, waardoor Sandra bijna tegen het glas botste. Daan draaide zich om, zijn mond tot een dunne streep geperst, en wachtte. De deur kwam weer op gang, en Sandra betrad op haar beurt de grote hal van het ziekenhuis.
“Moet ik hem dragen?”
Sandra schudde haar hoofd. Ze knikte in de richting van de ronde glazen lift die ze enkele tientallen meters voor zich zag.
“We moesten ons melden op de eerste verdieping.”
Daan liep naar de lift. Sandra volgde voorzichtig.
“Rustig maar,” fluisterde ze tegen Jonas, die allesbehalve onrustig was. Haar lippen raakten zijn nek. Hij voelde warm aan.’

De bezorgdheid en de pijnlijke onmacht van de ouders wordt even indrukwekkend verwoord als de vechtlust en onverwoestbaarheid van het zieke kind. In deze roman laat Mark Boog zien hoe mensen in staat zijn, zelfs in de moeilijkste omstandigheden, nieuwe (levens)krachten op te roepen en te gebruiken.

De roman is deels gebaseerd op de gedetailleerde ziekenhuisverslagen naar aanleiding van de opname van het zoontje van Mark Boog. Hij heeft voor dit onderwerp een toon en een taal gevonden die betoverend werkt en enthousiast maakt.

In HP/De Tijd staat deze week een groot interview met Mark Boog, afgenomen door Raymond de Haan.

 

Omslag Het lot valt altijd op Jona - Mark Boog
Het lot valt altijd op Jona
Mark Boog
Verschenen bij: Uitgeverij Cossee (2011)
ISBN: 9789059363205
282 pagina's
Prijs: € 0,00

steun-ons

Jaarlijks publiceert Literair Nederland ruim vierhonderd boekrecensies en literaire berichten mede dankzij donaties van lezers. Uw hulp om boekrecensies, interviews, columns en essays in de toekomst te laten verschijnen is nodig. Klik voor een bijdrage. Onze dank is groot!

Recent

29 mei 2020

Moord als voltooiing van de mens

Over 'De straffeloze' van Huub Beurskens
28 mei 2020

Zwaarmoedige vertelling over depressie

Over 'Met iedere regendruppel huilt mijn mislukte leven in de natuur' van Gerardo Soto Y Koelemeijer
27 mei 2020

Tragisch einde van een lang verwachte Messias

Over 'Baron Wenckheim keert terug' van Laszlo Krasznahorkai
26 mei 2020

Als kind in voortdurende angst geleefd

Over 'Het kind' van Christine Lavant
25 mei 2020

Verzamelbundel met aansprekende en originele liefdesgedichten

Over 'Allerliefste' van Breyten Breytenbach

Verwant