Maaike Neuville – Zij.

Als je niet weet hoe je zelf moet vliegen

Recensie door Michiel van Diggelen

Zij. is het romandebuut van de Belgische theater- en filmactrice en filmregisseur Maaike Neuville. Romanpersonage Ada Peeters, een bijna veertiger, schrijft over haar eigen leven een roman in de vorm van een innerlijke monoloog. Het is noodzakelijk dat zij haar verhaal doet, omdat zij zoveel dingen heeft meegemaakt en haar trauma’s wil uitspreken, niet alleen voor zichzelf, maar ook voor jonge vrouwen die uit schaamte en schuldgevoel hun mond niet durven open te trekken tegen kerels die misbruik maken van hun onzekerheid. Ada is actrice en geeft les op een theaterschool. We volgen haar gedurende bijna vierentwintig uur. Ze bereidt zich voor op een solovoorstelling in Antwerpen.We  volgen haar op de fiets en in de trein daar naartoe en in de vijftien minuten voorafgaande aan de voorstelling. Na afloop van de voorstelling, die niet in de roman voorkomt, volgen we haar ’s nachts in een taxi op weg naar haar huis in Brussel.

Ada lijdt aan podiumangst en is erg onzeker. Op weg naar haar solovoorstelling in Antwerpen vraagt ze zich af, waar dat vandaan komt: ‘Welke nacht heeft zich ongemerkt kunnen plooien rondom alles wat ik doe zodat ik, als vrolijk opgevoede volwassen vrijgevochten vrouw, alsnog met strakke boeien in deze trein zit?’ De boeien zijn volgens haar verbonden met de affaire die ze had met de regisseur met de rode sjaal en de mooie slanke, grote handen, die in Antwerpen woont en die zij in de zaal verwacht. De naamloos blijvende oudere man werkte in de Studio Herman Teirlinck, waar zij als jonge vrouw studeerde. De herinnering aan hem veroorzaakt stress bij haar, alsof er een donker bolletje op haar borstbeen zit. Dat bolletje keert vele malen in deze roman terug. De man fascineerde haar, vanaf de eerste kennismaking, door zijn autoriteit en vermeende zelfverzekerdheid.  

Oudere mannen

Nu ze negenendertig is en op weg naar de voorstelling, denkt ze erover na wat er in haar relatie met deze man fout is gegaan: ‘Ik wilde zijn kennis, ik mikte op zijn hart.’ Ze zette haar lichaam, haar vrouw zijn in om bij die zelfverzekerde autoriteit in de buurt te komen. Ze kregen een liefdesaffaire. Zij was nog geen twintig, hij ruim twintig jaar ouder. De regisseur wordt niet als een monster, die haar als jong onzeker meisje gedwongen heeft, afgetekend. Ze erkent haar eigen rol in de affaire. Hij kon haar grenzen overschrijden omdat zij die zelf opzocht. Het enige wat ze de man verwijt is dat hij inging op haar verlangen. Hij had haar als een vader tegen zichzelf moeten beschermen.
Omgang met oudere mannen is een terugkerend aspect in haar leven: ‘Onvermoeibaar haakte ik, met mijn lange blonde haren, mijn karretje vast aan de verlossers met autoriteit.’ Ze constateert nu met spijt dat ze haar halve leven geen vrouw was, maar een ‘mannenwens’. Mede daardoor is ze tot op de dag van vandaag onzeker. Dat donkere bolletje op haar borstbeen is nooit verdwenen. 

Toneelspelen is voor Ada een manier om haar trauma’s te verwerken, ook al weet ze zelf niet precies wat toneelspelen voor haar betekent. Speelt ze om een boodschap over te brengen of is het spelen zelf de boodschap? Toneelspelen houdt haar in balans, maar brengt ook iedere keer bijna ondraaglijke spanning met zich mee. 

Keuzes maken

In andere romans vinden trauma’s vaak een voedingsbodem in familieverband, de relatie met vaders en moeders en met broers en zusters. Op dit punt geeft Ada enkele, soms tegenstrijdige, signalen aan de lezer. Van geen van haar beide ouders heeft ze geleerd zich uit te spreken. Haar moeder zei nooit veel, ‘omdat zij mij niet wilde belasten met haar eigen gevecht met het geweld van een onberekenbare moeder’. Haar vader was er altijd, al heeft ze hem nooit begrepen, omdat ook hij zich nooit echt uitsprak, terwijl hij toch dichter was. Ada leerde als jonge vrouw een zin van buiten die in dit opzicht verhelderend is: ‘Als mensen zich gekrenkt voelen door de stilte van een ander, dan heeft het stilzwijgen niets anders gedaan, dan zich vasthaken aan het eigen gevoel van minderwaardigheid.’ Tegelijkertijd verwijt zij haar ouders niets en mist ze vooral haar vader. Ze beseft dat haar nooit geleerd is om nee te zeggen, dat ze zichzelf zichzelf te vroeg weggaf. En dat ze nooit geleerd heeft om zich af te vragen wat ze zelf wilde.

Het enige wat Ada verlangt is dat de mannen in haar leven ‘sorry’ zeggen. Maar dat hebben de heren nooit gedaan, en dat neemt ze hen kwalijk. Taxichauffeur Eron doet dat wel, niet in woorden, maar in daden. Nadat hij Ada na de voorstelling bijna van de sokken rijdt, verontschuldigt hij zich niet, maar brengt hij haar gratis helemaal terug naar haar huis in Brussel. Een impliciete vorm van sorry-zeggen.

De naam Eron betekent ‘brengt licht’ en dat is heel treffend, want de nachtelijke rit na de voorstelling, is heilzaam voor Ada. Ze verbeeldt zich dat naast haar in de taxi haar jonge zelf zit, een huilend meisje van zestien met blonde haren, lichte jeans en een wit T-shirt. Ada troost haar in een ontroerende scene. Ze beschermt haar jongere zelf en daarmee omarmt ze letterlijk haar eigen verleden.

Autoriteit tegenover onzekere meisjes

Als ze thuiskomt pakt ze haar laptop om haar verhaal op te schrijven. Door het verleden opnieuw te beleven kan ze haar hart in het heden deels helen. Ze schrijft haar verhaal voor zichzelf en ook voor meisjes of vrouwen ‘met een bevlogen held, die zelf niet weten hoe ze moeten vliegen’. Voor jonge mensen met een lichtend voorbeeld ‘die zelf niet weten hoe ze moeten stralen’. In de hoop dat ze hun mond zullen opendoen, ‘wars van schaamte en zelfverwijt.’ In de hoop dat al of niet vermeende autoriteiten zichzelf bewust zijn van hun positie tegenover jonge onzekere meisjes.

Maaike Neuvilles roman is in een mooie, met Vlaamse woorden (gekend, stilaan) doorspekte, taal geschreven. De thematiek is actueel en haar invalshoek origineel. Het is geen litanie tegen monsters van mannen, maar laat zien dat er in de opvoeding van meisjes ook het een en ander moet gebeuren. De roman staat vol uitdrukkingen die je graag wilt onthouden, zoals: ‘Er is één stukje van ons lichaam waar we maar met moeite zelf bij kunnen, het is de achterkant van ons hart.’ Ada doet veel moeite om daar toch bij te ‘geraken’. Af en toe schrijft ze iets te nadrukkelijk wat ze bedoelt, alsof ze bang is dat de boodschap niet wordt begrepen. Daardoor wordt het een soort hulpboek tegen grensoverschrijding, maar dat neemt niet weg dat het een belangrijk boek is.



Omslag Zij. - Maaike Neuville
Zij.
Maaike Neuville
Verschenen bij: De Bezige Bij (2023)
ISBN: 9789403111520
144 pagina's
Prijs: € 21,99

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Michiel van Diggelen:

Recent

Enorme liefde voor de natuur in al haar verscheidenheid
27 mei 2024

Enorme liefde voor de natuur in al haar verscheidenheid

Over 'Iemand moest het doen' van Sanne Huysmans
Meekijken van proloog tot bezemwagen
25 mei 2024

Meekijken van proloog tot bezemwagen

Over 'Het grote wielrenboek' van Susanne Roos
Literatuur als instrument voor zelfontdekking
22 mei 2024

Literatuur als instrument voor zelfontdekking

Over 'Hij/hem – Een ABC van regenboogboeken' van Redactie: Eric de Rooij, Coen Peppelenbos en Doeke Sijens
Hedendaags liefdesverhaal gebaseerd op een mythe
21 mei 2024

Hedendaags liefdesverhaal gebaseerd op een mythe

Over 'Meisje ontmoet jongen ' van Ali Smith
Zwijgen als vorm van zelfbehoud
20 mei 2024

Zwijgen als vorm van zelfbehoud

Over 'Wat wij verzwijgen' van Aisha Dutrieux

Verwant