Leo Hermens – Vleermuis in het ziekenhuis

Verplichte kost voor viruswappies

Recensie door André van Dijk

De tijd waarin lockdowns en versoepelingen elkaar afwisselen lijkt voorbij, terwijl het coronavirus een ellendige gast blijkt te zijn die niet van plan is te vertrekken. In een samenleving die zich steeds meer verzet tegen de opgelegde regelgeving is het nauwkeurig balanceren tussen het gewenste en het noodzakelijke. Er ontstaat weerstand, wantrouwen en onverschilligheid als het gaat om ‘met z’n allen tegen corona’. De urgentie is verdwenen en zelfs nieuwe, onvoorspelbare virusmutaties worden met schouderophalen begroet. Het wordt steeds duidelijker dat het allemaal draait om de zorgsector: te weinig plek, te weinig ic-bedden, te weinig personeel. Een cruciale bottleneck in onze welvaartsmaatschappij. 

Leo Hermens werkt aan het front van deze crisis. Hij is fysiotherapeut op de IC-afdeling van een ziekenhuis in het midden van het land. Daarnaast is hij schrijver en dichter met inmiddels drie dichtbundels op zijn naam. In het eerste coronajaar schrijft Hermens regelmatig op facebook over de toestand in het ziekenhuis en zijn ervaringen op de ic. Stukjes die de aandacht trekken door de openhartige toon en de bevlogen empathie. Teksten die voor veel lezers een onbekende wereld openen.

Dat eerste coronajaar

De reacties waren overweldigend. Er kwamen veel verzoeken om deze bijzondere woorden in een blijvende vorm te laten voortbestaan. Dat vond ook de kersverse uitgeverij Kwakman & Smet die er een kloeke, 176 pagina’s dikke bundel van maakte. In een flinke lettergrootte zijn Hermens teksten per maand geordend en krijgen we dat eerste, bizarre coronajaar in volle hevigheid weer voor onze kiezen. Het is de bijzondere pen en nuchtere blik van Leo Hermens die ons, met terugwerkende kracht, met de neus op de verwarrende en bedreigende feiten drukt. De eerste coronamaanden van 2020 beginnen met afstand houden en het aanleren van een nieuwe begroeting.

‘Hoe ingebakken is een handdruk. Symbool van goede bedoelingen en de afwezigheid van wapens. En hoe taboe. Mijn hand schiet al naar voren in een geconditioneerde reflex voordat ik hem terugtrek. Een hand met een eigen wil (…) 

Ik ga een nieuwe gewoonte aanleren. Ik ga mij trainen in het namasté-gebaar. Altijd al mooi gevonden. Ik ga het niet zeggen, wel ga ik de handpalmen ter hoogte van mijn hart tegen elkaar houden met de vingers naar boven en dan een kleine buiging maken. Zonder oogcontact te verliezen.’

Nieuwe looproutes, nieuwe instructies

Vervolgens gaat Hermens dieper in op zijn dagelijkse werk in het ziekenhuis. Dat doet hij door telkens korte impressies te geven van de situaties waarin hij belandt op de verschillende afdelingen. Het ziekenhuis moet zich telkens aanpassen aan de omstandigheden: looproutes, nieuwe ingangen, waar mogelijk extra IC-bedden, een aparte corona-afdeling en doorlopend nieuwe instructies voor het personeel. Hij schrijft over zijn collega’s die, hoewel altijd professioneel, in een haast moedeloze depressie belanden die zo nu en dan in zuivere paniek uitmondt.

‘In de gang van de schone IC kom ik Ingrid tegen, verpleegkundige. Normaal is het hee
 en hoi en een grote glimlach. Nu staat haar gezicht strak.
 – Was je vanochtend beneden? vraag ik.
 Ze knikt.
 – En?
 – Ze gaan allemaal dood.
 Ik ga haar blik nooit vergeten.’

De episodes over het ziekenhuis worden afgewisseld – soms ook vermengd – met stukjes uit de privésituatie van de schrijver. Het is een dramatische tweedeling, de wereld van de intensieve zorg tegenover die van het gezin, de supermarkt of gewoon op straat. Hermens laat zijn frustratie doorschemeren als de optimistische of argeloze buurman zijn caravan klaarmaakt voor de komende vakantie. Als hij op tv mensen hoort praten over het virus ‘dat niet meer dan een griepje is’ valt hij uit tegen het toestel.

‘Dat dringt nog niet door bij sommige mensen die op tv glunderend vertellen dat ze een goede gezondheid hebben en niet bang     zijn om ziek te worden. Dus ze zullen zich niet veel van de maatregelen aantrekken.
Het gaat niet om jou, spreek ik hardop tegen. Jouw roekeloosheid heeft invloed op anderen, zoals ook jouw omzichtigheid.
– Tegen wie heb je het? vraagt mijn dochter die de kamer binnenkomt.
– Ach, zo een vent op tv.
– Trouwens, als er een totale lockdown komt, ga ik bij mijn vriendje wonen, zegt ze.’

Indrukwekkende registratie

Het is de naadloze overgang tussen emotie en relativering, tussen opwinding en nuchterheid die de teksten van Hermens zo krachtig maakt. Dat is knap gedaan, omdat daarmee de ernst van het virus en de omstandigheden in de zorg op indringende manier duidelijk worden gemaakt. Zijn taal is helder en volledig ontdaan van overbodige franje. Zoals hij schrijft over de ‘draaiteams’, de verpleegkundigen die op zorgvuldige wijze de coronapatiënten-in-coma regelmatig moeten draaien, van buik op rug en omgekeerd.

‘Het is een groot, slap, verhit, bloot lichaam in al zijn weerloosheid. Bloter kan het niet, zo overgeleverd en onmachtig. Een organisme in buiklig dat stofwisselt. Chemie aan het werk, geholpen door de moleculen die er via slangen in gestopt en uit gehaald worden.’

Maar de dood is het meest indrukwekkend in deze registratie van een periode vol onzekerheid, angst en tragiek. Het snelle overlijden van patiënten, van het ene op het andere uur, vaak zonder de nabijheid van familie, met alleen hardwerkende verpleegkundigen aan de bedrand. Dat maakt Vleermuis in het ziekenhuis tot een aangrijpend document dat, om het maar eufemistisch te zeggen, in zeer brede kring gelezen zou moeten worden. 

‘Familie is gebeld. Ze moeten snel komen want vader gaat overlijden. De intensivist en een verpleegkundige staan in hun beschermingspakken naast het bed van de man en doen het medisch noodzakelijke. Dat is niet veel meer. Ze waken vooral. Ze houden zijn hand vast en houden zijn rust in de gaten. De man overlijdt voordat de twee gezinsleden die mogen komen er zijn. De intensivist en verpleegkundige huilen achter hun duikbrillen. Nooit wordt er in het bijzijn van familie gehuild. Het is professioneel om controle te houden op de kamer. Tranen zijn voor thuis. Het is alsof de intensivist en verpleegkundige nu verdriet en rouw van de afwezige familie overnemen. Even zijn zij plaatsvervangers. Even verwanten. De verpleegkundige loopt de kamer uit en botst tegen de deurpost aan, struikelt en valt op de grond.

Machteloze tranen, zei iemand.
Ik geef de voorkeur aan machtige tranen. Machtig van medeleven.’

 

Koop hier het boek.

Omslag Vleermuis in het ziekenhuis - Leo Hermens
Vleermuis in het ziekenhuis
Leo Hermens
Verschenen bij: Kwakman & Smet uitgevers
ISBN: 9789083145310
176 pagina's
Prijs: € 23,95

Meer van André van Dijk:

Recent

5 oktober 2022

Een boek om te delen

Over 'Morris' van Bart Moeyaert
4 oktober 2022

Elizabeth Finch blijft onbekend

Over 'Elizabeth Finch' van Julian Barnes
30 september 2022

Wie we zijn

Over 'Bestaansbegeerte' van Marijke Hanegraaf
29 september 2022

De hel van Tadeusz Borowski

Over 'Hierheen naar het gas, dames en heren' van Tadeusz Borowski
27 september 2022

Het verleden blijft actueel

Over 'Dunkelblum zwijgt' van Eva Menasse