Jane Smiley – Een winter in Parijs

Het boek dat beter een kerstfilm had kunnen zijn

Recensie door Stefanie Katzenbauer

De uitspraak ‘het boek was beter dan de film’ is er een die menig boekliefhebber meermaals geuit zal hebben. In het geval van Jane Smiley’s Een winter in Parijs zal deze mening echter niet van toepassing zijn. Dit boek lijkt geschreven om bewerkt te worden tot kerstfilm dankzij dieren als hoofdpersonages, hun vriendschap met een kleine jongen en het zoete plot met een klassiek happy end.

Peres is een Frans renpaard dat na een wedstrijd te hebben gewonnen op een onbewaakt moment besluit op avontuur te gaan. Het paard ziet altijd wel iets wat haar nieuwsgierigheid wekt en zodoende duurt het niet lang voordat de racebaan uit het zicht verdwijnt en Peres zich plotseling midden in Parijs bevindt. Daar ontmoet ze de zwerfhond Frida, die tot voor kort aan een straatmuzikant behoorde maar sinds diens dood rondzwerft door de stad. Frida kent het klappen van de zweep als eigenaarloos dier in Parijs en helpt Peres zich te verstoppen voor de mensen, terwijl ze er ook voor zorgt dat beide dieren genoeg te eten krijgen. Later in het verhaal voegen een eendenkoppel genaamd Sid en Nancy zich toe aan het gezelschap, en de raaf Raoul.

Een perspectief op de mens

De dieren hebben de hoofdrol in Een winter in Parijs. Ze hebben alle hun eigen karakter en staan allemaal model voor een archetype. Zo is de jonge merrie Peres de onschuldige van de groep die met onbevangen nieuwsgierigheid elk avontuur aangaat. Zij wordt beschermd en op het rechte pad gehouden door de zorgende Frida en beide dames ontvangen advies van de wijze en alwetende raaf. Het eendenkoppel Sid en Nancy snateren de hele dag door en scheppen een hoop onrust in het gezelschap, waarmee zij de rol van rebel vervullen. Hierover heeft de raaf Raoul, die in reïncarnatie gelooft, wel iets te zeggen: ‘En kijk naar Sid en Nancy. Verschrikkelijk bezorgd, zelfs voor wilde eenden. Ik vermoed dat zij in een vorig leven impulsief en roekeloos waren…’

Dit is een leuke knipoog naar de popcultuur van de mensenwereld, waar de dieren vanzelfsprekend niets vanaf weten, waarnaar regelmatig wordt verwezen, zoals in dit geval naar roemruchte koppels als het punk-koppel Sid en Nancy of de net zo beroemde Bonnie en Clyde.
De toevoeging van Sid en Nancy in het verhaal doet er eigenlijk niet veel toe. De eenden zijn namelijk erg op zichzelf en een voorbeeld van hoe de dialogen tussen de dieren – en de vele omschrijvingen van hun activiteiten – vaak weinig bijdragen aan het daadwerkelijke verhaal. Bijvoorbeeld in de volgende passage, waarin Frida Nancy opzoekt bij de vijver.

‘Ze zocht de treden op, liep naar beneden, rustte een poosje uit, maar bleef op haar hoede tot alles rustig was, en liep tenslotte weer naar boven, de straat in die langs de rivier liep. Niet lang daarna was ze terug bij de vijver. “Lieve hemel!” zei Nancy. “Je bent terug!” Frida zei: “Klopt. Hoe voel je je?” “Hoe denk je dat ik me voel? Wat een ellende allemaal. Het water is tot helemaal hier gestegen…” ze gebaarde met haar bek, “en ging toen weer omlaag. Het was een nachtmerrie. Maar ik kan Sid dit soort dingen proberen uit te leggen tot ik een ons weeg, hij gaat niet eens lúísteren, let op mijn woorden.” “Dat zal ik doen,” zei Frida.’

Het perspectief van de dieren schept afstand tot de voor de lezer zo bekende wereld. De dieren zien de mensen, hun gedrag en hun spullen met andere ogen. Zo is een handtas een object dat de dieren fascineert en heeft vooral de raaf Raoul zijn eigen gedachten over de mens, bijvoorbeeld als de dieren een carrousel ontdekken in de stad en zich daarover verbazen: ‘Ik vermoed dat jullie dames er geen notie van hebben hoe veeleisend nakomelingen zijn. Ze moeten vermaakt worden, in het bijzonder die van mensen, die er jaren over lijken te doen voordat ze eindelijk in hun eigen onderhoud gaan voorzien, en wat moeten ze dan in de tussentijd doen? Wij aves bespreken dit mysterie dikwijls, de luiheid die endemisch is onder mensen, en dat ze niettemin gedijen…’

Mensen als randpersonage

Er komen ook mensen voor in het verhaal van de dieren, al fungeren deze voornamelijk als randpersonages die ervoor bedoeld zijn de dieren gevoed en verzorgd te houden. Een vriendelijke groenteverkoper kijkt er niet gek van op als hond Frida op eigen houtje boodschappen komt doen en de eigenaresse van een bakkerij staat ’s ochtends vroeg klaar met een bak haver voor Peres.
Zo komt langzaam maar zeker ook het 9-jarige jongetje Étienne in beeld dat samen met zijn stokoude overgrootmoeder in een grote villa in het centrum van Parijs woont. Hier leidt hij een beschut en eenzaam bestaan. Hij gaat niet naar school, heeft geen vrienden en zijn enige bezigheden zijn het verzorgen van zijn blinde en dove overgrootmoeder en het lezen van boeken.

Dit laatste zorgt ervoor dat hij over een flinke dosis fantasie beschikt. Zijn motto lijkt te zijn: als het in een boek kan, kan het vast ook in de echte wereld. Deze gedachtegang leidt ertoe dat hij een voorzichtige vriendschap sluit met Peres en Frida en uiteindelijk Peres in huis haalt. De overgrootmoeder merkt de aanwezigheid van het paard niet op. Met de nieuwe aanwinst van dit ‘huisdier’ krijgt Étienne ook het gezelschap van de raaf en de hond erbij.

De mensen die in het boek betrokken zijn bij het leven van de dieren delen een paar eigenschappen met hen, namelijk dat zij in wezen vriendelijke mensen zijn met een groot bewustzijn van hun omgeving en de veranderingen daarin. Daarmee lijkt de boodschap van het boek te zijn dat als je vriendelijk met de wereld om je heen omgaat, je beloond zult worden met een goed verhaal, zoals het oplossen van het mysterie van een paard in Parijs, met natuurlijk een goede afloop.

Eind goed, al goed

Als de overgrootmoeder van Étienne uiteindelijk sterft, werken de dieren en de mensen samen om voor Étienne een passend nieuw thuis te vinden. De speciale band die de jongen met het paard heeft opgebouwd werpt vruchten af. Hij lijkt een training als jockey te kunnen beginnen vanwege zijn natuurlijke aanleg voor paardrijden.

Zo maakt Jane Smiley het verhaal rond met een klassiek eind goed, al goed, dat nog eens bevestigt dat dit boek het beter zou doen als kerstfilm. Er gebeurt namelijk verder weinig in Een winter in Parijs, buiten lange en vaak zinloze dialogen tussen de dieren of beschrijvingen van hun activiteiten. “Vriendelijkheid” is het thema waar dit verhaal op gestoeld is. Dit had echter meer kracht gehad wanneer de dieren ook blootgesteld zouden worden aan onvriendelijkheid en de harde wereld om zich heen. Omdat Smiley ervoor kiest alleen de zoete en zachte kant van het verhaal te vertellen, is Een winter in Parijs meer een kerstsprookje dat zich te lang rekt. Als geschreven verhaal voelt het daardoor langdradig, maar als kerstfilm voor het hele gezin zou dit een prima keuze zijn.

 

Omslag Een winter in Parijs - Jane Smiley
Een winter in Parijs
Jane Smiley
Vertaling door: Nan Lenders
Verschenen bij: Nieuw Amsterdam 2021
ISBN: 9789046829028
240 pagina's
Prijs: € 22,99

Meer van Stefanie Katzenbauer:

Recent

27 juni 2022

Uit het script geschrapt

Over 'Bijrollen' van Ninni Holmqvist
24 juni 2022

Ode aan een daadkrachtige vrouw

Over 'Annette, een heldinnenepos' van Anne Weber
23 juni 2022

Nostalgie als inspirator voor nationalisme

Over 'Schuilplaats voor andere tijden' van Georgi Gospodinov
21 juni 2022

Nog even geduld

Over '42 vensters op Warten auf den Fluss' van Barbara Köhler
18 juni 2022

Techniek tot kunst verheffen

Over 'De visionair' van Anja Sicking