Hilary Mantel – De spiegel & het licht

Als de pasteitjes opraken wordt de val van Troje zichtbaar

Recensie door Adri Altink

Hendrik VIII is in de overlevering een vorst die er zijn hand niet voor omdraaide om mensen in zijn omgeving, waaronder twee van zijn vrouwen, het schavot op te sturen. Hij trok zich van de executies weinig aan en ontspande zich liever elders op het moment dat er weer een kop rolde. In de trilogie van Hilary Mantel over Thomas Cromwell is dat niet anders. In het slot ervan valt deze belangrijkste adviseur en vriend van de koning zelfs onder de hakbijl. Tijdens de verhoren en de voltrekking van het vonnis is Henry (de vertalers gebruiken de Engelse naam) opnieuw de grote afwezige. Compassie zijnerzijds lijkt te ontbreken. Daarom krijgt een klein zinnetje in het Nawoord van Mantel bij het derde deel van haar drieluik, De spiegel & het licht, toch ineens een diepere dimensie: ‘Toen Henry eenmaal de tijd had gehad om spijt te krijgen van Cromwells dood…’. Hij moet in zijn absentie toch in gedachten bij Cromwell zijn geweest.

Thomas Cromwell is de van smidszoon tot vice-regent van Engeland opgeklommen politicus om wie Hillary Mantel in de drie delen Wolf Hall, Het boek Henry en De spiegel & het licht een groots monument heeft opgetrokken. Dat doet ze knap. En ter geruststelling voor degenen die er als een berg tegen opzien om de totale omvang van dik 2100 pagina’s te lijf te gaan, dit derde deel van 1241 pagina’s laat zich goed zelfstandig lezen. Dat is te danken aan de vele reflecties van Cromwell op zijn eigen verleden en afkomst die in deze roman zijn opgenomen.

Maagdelijk

De spiegel & het licht begint met de executie van Anna Boleyn, Henry’s tweede vrouw, en eindigt met de ontbinding van het huwelijk met zijn vierde, Anna van Kleef. Tussen hen in heeft Jane Seymour haar opwachting gemaakt; ze stierf twee weken nadat ze Henry zijn vurig gewenste zoon (Edward) had geschonken. Hoe belangrijk is uiteindelijk de komst van Anna van Kleef geweest voor de val van Cromwell? Henry had voor haar als zijn nieuwe gemalin gekozen op Cromwells advies maar ze bleek qua aantrekkelijkheid bitter tegen te vallen (Anna op haar beurt vond Henry trouwens evenmin een begeerlijke partij). Mantel laat min of meer in het midden of Henry en zij hun huwelijk zelfs wel consumeerden (hoogstwaarschijnlijk niet). In elk geval stuurde hij haar snel weer de laan uit, Cromwell af en toe verwijtend dat hij haar zonder nauwkeurig onderzoek had aanbevolen. Want het was niet alleen haar lelijkheid. Was ze nu maagd of niet? Lutheraans of niet? Had Cromwell achter ’s konings rug een politiek spel gespeeld? Was hij er op uit zelf de hoogste macht te grijpen?

Peter Pispot

Cromwell, geheimzegelbewaarder en vice-regent en pas nog begiftigd met het graafschap Essex, is volkomen verrast als hij ineens wordt gearresteerd. Alle hiervoor genoemde verdachtmakingen komen voorbij, maar veel meer: zijn aandeel in de executie van Anna Boleyn bijvoorbeeld en zijn rol in de keuzes van Mary, de dochter uit Henry’s eerste huwelijk met Catharina van Aragon. Een bij elkaar geraapte reeks beschuldigingen die Cromwell door zijn vijanden in zijn gezicht worden geslingerd zonder duidelijk bewijs en met niet de minste belangstelling voor zijn weerwoord. Cromwell beseft al langer dat niemand blijvend zeker is van de sympathie van zo’n grillige vorst als Henry, ook al lijkt die een rotsvast vertrouwen in hem te hebben. ‘Wie zal mij nog raad verschaffen als Lord Cromwell de laan wordt uitgestuurd? Dat zootje oproerkraaiers soms? Harry Hork en Peter Pispot? Opa Oen en zijn geit (…) Ik heb de eerste minister gemaakt tot wat hij is en bij God, ik laat hem niet vallen’, zo valt Henry uit als hem berichten worden overgebracht over rellen in het noorden, aangewakkerd door edelen en papisten.

Cromwell was van lage komaf (zoon van de brute smid Walter, zoals we hem in Wolf Hall hebben leren kennen) en dat zette gedurende zijn hele carrière in delen van het rijk maar ook aan het hof kwaad bloed bij wie een lange adellijke lijn in het blazoen had staan. Maar voor de Schotten is hij bovendien de kwade genius achter de bestrijding van hun rechten en voor de bisschoppen en monniken de rover van hun kloosters en abdijen. Daarmee heb je voldoende vijanden die toe willen slaan als je positie verzwakt.

Laatste snufjes

Cromwell leefde van 1485 tot 1540. De spiegel & het licht bestrijkt zijn laatste jaren in dienst van Henry VIII vanaf 1536. Onder de handen van Hillary Mantel worden die beschreven in een taal die overloopt van speelsheid, spot, woede, achterdocht en cynisme. Ze slaagt er (opnieuw) in alle dramatis personae vlees en bloed te geven en een eigen stem. ‘Het gewone Engelse volk gedijt op liederen, verhalen en bierhuisgrappen’, laat ze Henry zeggen. En elders hoor je Cromwell denken hoe de kronieken van het koningschap pas echt zullen worden geschreven door ‘onze kleinkinderen of door schrijvers in een ander land’. Mantel voldoet aan beide: ze is een verhalenverteller in optima forma en is – al komt ze dan niet uit een ander land – de beste kroniekschrijver die Cromwell zich kon wensen. Het vertelplezier spat van de pagina’s. Dat is vooral te merken bij de talrijke humoristische beschrijvingen van gesprekken, gedachten (de roman bestaat grotendeels uit dialogen en monologues intérieurs van Cromwell), incidenten en het dagelijkse hofleven.

Zoals in de weergave van een gesprek vol spot over de bemoeienis van de geestelijkheid met seksualiteit: ‘Incest plegen is zondig, daar zijn we het allemaal over eens, maar ja, dat is elk standje dat niet door priesters is goedgekeurd ook. Net als gemeenschap hebben op vrijdag (…) of op zondag, zaterdag en woensdag (…) Zodoende ligt er op meer dan de helft van het jaar een banvloek. In feite is het een wonder dat er nog mensen worden geboren’. Of zoals in: ‘De Howards zijn natuurlijk ook van de oude stempel. Die zouden niet willen sterven door middel van de laatste snufjes’. Bijna hilarisch zijn scènes als die waarin het koninklijke bed wordt opgemaakt (er komen vier slaapkamerlakeien en vier linnenkamerlakeien aan te pas die eerst de stromatras moeten beprikken en er vervolgens zelf over heen moeten rollen om de laatste scherpe stukjes plat te walsen).

Onvoorspelbaar

Mantel schept prachtige beelden. Zo laat ze het hofpersoneel na de dood van Anna Boleyn alle zalen, kleden, meubels enzovoort ontdoen van de symbolen met de letters H-A (Henry Rex – Anna Regina) als zij is onthoofd, om die later weer opnieuw te laten aanbrengen als Anna van Kleef – weer een A immers – de koninklijke sponde bezet. Prachtig is ook het beeld van de ontmoeting waarin Thomas Cromwell de kritiek op hem bespreekt met zijn zoon Gregory terwijl beiden zich te goed doen aan pasteitjes. Als ze bijna op zijn blijkt op de schaal waarop ze lagen een afbeelding van de val van Troje zichtbaar te worden – enkele weken later zal het vonnis worden geveld.

Thomas Cromwell weet hoe lastig hij zelf in de omgang is. ‘Ik ben vol ontzag voor mezelf’ vertrouwt hij zijn Antwerpse dochter Jenneke (een door Mantel ingevoegde fictieve figuur) toe: ‘Ik vind mezelf volkomen onvoorspelbaar’. Het maakt hem blind en doof voor de signalen van zijn onontkoombare val. Of is het hoogmoed? Al in het begin van de roman – we zijn dan amper dertig pagina’s onderweg – is het Cromwell zelf die denkt: ‘Laat je niet in de luren leggen. Oompje Norfolk is niet onze kameraad, onze bondgenoot of onze vriend. Hij klopt ons enkel op de schouder om te zien hoe stevig we in elkaar zitten’. Het is dezelfde hertog van Norfolk (Thomas Howard) die in de verhoren één van zijn grootste kwelgeesten is.

Toneelspeler

Ooit heeft Cromwell in een brief de oordeelkundigheid en het strategisch inzicht van Henry geroemd, ‘de spiegel en het licht van alle koningen en andere vorsten der christenheid’, waarbij hij denkt dat, als Henry de spiegel is, hij, Cromwell, ‘de bleke toneelspeler [is] die zelf geen luister verspreidt, maar rondgaat in weerspiegeld licht. Zodra het licht zich verplaatst is hij verdwenen’. Dat werd sneller bewaarheid dan hij durfde vermoeden.

Tegen gevangenbewaarder Martin in de Tower heeft Cromwell zelf al eens over Thomas Wyatt (één van zijn vrienden, maar ook één van de mannen die werden verdacht van overspel met Anna Boleyn) gezegd: ‘Als Wyatt je iets vertelt is het net of je er zelf bij bent geweest’. Hetzelfde geldt voor Hillary Mantel. Als je De spiegel & het licht dichtslaat heb je niet alleen de geschiedenis van Cromwell gelezen; je bent er zelf bij geweest.

 

 

Omslag De spiegel & het licht - Hilary Mantel
De spiegel & het licht
Hilary Mantel
Vertaling door: Harm Damsma en Niek Miedema
Verschenen bij: Meridiaan Uitgevers (2020)
ISBN: 9789493169043
1243 pagina's
Prijs: € 39,99

steun-ons

Jaarlijks publiceert Literair Nederland ruim vierhonderd boekrecensies en literaire berichten mede dankzij donaties van lezers. Uw hulp om boekrecensies, interviews, columns en essays in de toekomst te laten verschijnen is nodig. Klik voor een bijdrage. Onze dank is groot!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *





 

Meer van Adri Altink:

Recent

6 augustus 2020

Hoe lang mag rouw duren en wie bepaalt dat

Over 'Berichten van het front' van Anna Enquist
4 augustus 2020

In het schaduwland

Over 'Het glazen hotel' van Emily St. John Mandel
31 juli 2020

Een gast op deze aarde

Over 'Tarabas' van Joseph Roth
27 juli 2020

De kracht van een nylonkous

Over 'Dragman' van Steven Appleby
23 juli 2020

Als een traag stromende meanderende rivier

Over 'Midzomer, stadsmoe' van Bernard Wesseling

Verwant

Een wonderlijk boek

Over 'Het boek van wonderlijke nieuwe dingen ' van Michel Faber