23 juni 2010

Het Dwaallicht – Willem Elsschot & RINCKHOUT, Eric

Laarmans uit Lijmen, Het been en Kaas vertelt

Recensie door Machiel Jansen

Antwerpen is de stad van Willem Elsschot, in ieder geval nog tot het einde van dit jaar, vijftig jaar na zijjn dood. De feestelijke herdenking is al een tijdje bezig, vanaf 2007 om precies te zijn. Toen was het 125 jaar geleden dat Elsschot als Alfons de Ridder in Antwerpen geboren werd. Afgelopen mei was er nog een groot tweedaags festival en tot het eind van het jaar zijn er nog allerlei activiteiten, waaronder een Dwaallicht stadswandeling en de tentoonstelling Dichter bij Elsschot.

Wie plezier wil beleven aan de Dwaallicht wandeling en de tentoonstelling kan zich beter thuis eerst voorbereiden. Laten we beginnen met Het Dwaallicht. Het is Elsschots laatste novelle, uit 1946, en in de uitgave van Atheneum nog geen 55 bladzijden lang. Maar het leesplezier is hier omgekeerd evenredig met de leestijd. Niet lang maar wel veel vreugde.
De geringe lengte en de leesbaarheid van Het Dwaallicht zijn ook redenen voor scholieren om het op hun verplichte leeslijst te zetten. Maar op bevel lezen is iets anders dan lezen voor het plezier of uit innerlijke behoefte. En Elsschot verdient het niet om als verplichte kost door de jonge strot geduwd te worden onder het mom dat het ergens goed voor zou zijn. Wie niet lezen wil moet de dunne boekjes van Elsschot maar links laten liggen en wachten tot honger naar mooie literatuur ontstaat.

Het Dwaallicht wordt verteld door Laarmans die we kunnen kennen uit Lijmen, Het Been en Kaas. Laarmans wordt door de oude vrouw die hem een krant verkoopt gewezen op drie ‘rijstkakkers’, door Laarmans ‘zwartjes’ genoemd. Het zijn drie oosterse matrozen van het schip de Delhi Castle. Later blijken het Afganen te zijn. Zij zijn op zoek naar een zekere Maria van Dam en Laarmans biedt aan om hen door Antwerpen te leiden. Het enige houvast dat hij heeft om Maria te vinden is een kartonnetje ‘waarin met potlood een hobbelige tekst is gegrift’: Maria van Dam, Kloosterstraat 15.
Karel van het Reve merkte op dat je van Elsschots werk onmogelijk kan zeggen dat er iets anders bedoeld wordt dan er staat. ‘Boodschappen- en symbolenzoekers slaan waarschijnlijk bij de eerste bladzijden de schrik al om het hart’, schreef hij in De miskenning van Elsschot (1979). Het merkwaardige is nu dat dit voor Het Dwaallicht helemaal niet opgaat. Hoe helder en zonder versiering Elsschot ook schrijft, toch heeft het sommigen er niet van weerhouden om in Het Dwaallicht nog veel meer te lezen dat uitgelegd moet worden. Een voorbeeld van een dergelijke analyse is die van Kees Fens in het tijdschrijft Merlyn uit 1965. Ook scholieren die op internet het verhaal samenvatten weten wel raad met de symboliek van het verhaal. Drie zwarte mannen uit het Oosten die ’s nachts op zoek zijn naar Maria, dat verwijst natuurlijk naar de drie Bijbelse wijzen uit het Oosten.

Laarmans zelf ziet die vergelijking ook wel en hij spot er voortdurend mee. Bijvoorbeeld, als het viertal gelooft Maria gevonden te hebben staat er: ‘Nu kan Maria ieder ogenblik verschijnen, want in de grot van Lourdes is het wonder ook gebeurd.’ Het kartonnetje met Maria’s adres wordt gekscherend Mariaboodschap genoemd. Heel serieus kun je de vergelijking met het Bijbelverhaal toch niet nemen, en wie dat wel doet zal toch ook tegelijkertijd moeten glimlachen. Ik ben geneigd Karel van het Reve gelijk te geven en te concluderen dat er inderdaad niet meer bedoeld wordt dan er staat. En dat is mooi genoeg.
Maria van Dam lijkt ook in niets op de moeder van de Goddelijke zoon die zich vrijwillig aan het kruis liet nagelen. In een hilarische dialoog in een café probeert Laarmans zijn drie metgezellen de essentie van het Christendom uit te leggen, maar de drie moslims begrijpen er niet veel van. Laarmans tekent voor hen de gekruisigde Christus waarop één van de matrozen vraagt: ‘wordt dat hier veel gedaan?’
Maria van Dam doet me meer denken aan de droomvrouw in het verhaal van een andere zeeman: Larios van Slauerhoff. Een vrouw waar alles voor aan de kant wordt gezet nadat ze alleen maar in een flits voorbij is getrokken, die gevonden wordt om onmiddellijk weer te worden verloren en waar altijd naar wordt gesmacht. Zo hoog als de romantische golven bij Slauerhoff gaan ze voor Elsschots matrozen niet. En ook Laarmans laat zich uiteindelijk niet verleiden tot een romantisch of seksueel avontuur en kiest ervoor om toch maar naar huis te gaan, naar vrouw en kinderen. ‘Een pad dat tot inkeer leidt’.
Het Dwaallicht blijft een magnifiek korte novelle. In de nieuwe uitgave van Atheneum is er de stadswandeling van Erik Rinckhout aan toegevoegd en het kleine boekje is makkelijk mee te nemen. De beschrijving van de wandeling bestaat niet uit een saaie opsomming van straten uit het verhaal maar probeert inzicht te geven in hoe de wereld van Laarmans er nu precies uitzag. Het dwingt je toch nog even de tekst te herkauwen en dat is niet onaangenaam. Zo komen we dicht bij Elsschot.

Dicht bij Elsschot is ook de naam van de tentoonstelling die het hele jaar nog te zien is in het Antwerpse Letterenhuis. Uitgeverij Atheneum heeft het gelijknamige boek uitgegeven. De tekst is geschreven door de curator van de tentoonstelling, Wieneke ’t Hoen, en beschrijft bondig maar niet te kort Elsschots levensloop. Het is een prachtig fotoboek dat iedere Elsschotliefhebber niet kan laten liggen. Het bevat foto’s van de schrijver en zijn familie, maar ook van manuscripten, documenten en brieven. Veel is afkomstig uit het literaire en zakelijke archief dat in 2009 door het Letterenhuis is aangekocht.
Dicht bij Elsschot kom je inderdaad door dit boek en je beseft weer eens dat Laarmans zo erg op Elsschot lijkt. Net als Laarmans uit Het Dwaallicht had Elsschot zes kinderen, was hij liever buiten de deur dan dat hij zwijgend thuis zat en dronk hij soms ‘om het hoofd te doen draaien’, zoals het in Het Dwaallicht staat. Met zijn huwelijk had hij het zwaar. Het beroemde gedicht Het huwelijk schreef hij overigens in Rotterdam na twee jaar getrouwd te zijn. Het boek bevat een foto van de handgeschreven versie.
Dichter bij Elsschot kom je vooral door hem te lezen. Maar afstand kan bedriegelijk zijn zo valt ook in Het Dwaallicht te lezen. ‘Het is vlak in de buurt, maar de straat schijnt mij opeens zo veraf te liggen, eindeloos ver, zo ver als enige plaats waar de dingen zijn die men nooit bereiken zal.’
Op naar Antwerpen!


 

Het Dwaallicht
Willem Elsschot & RINCKHOUT, Eric
met stadswandeling van Eric Rinckhout
Verschenen bij: Athenaeum Polak & Van Gennep
ISBN: 9789025367664
104 pagina's
Prijs: € 9,95

1 reactie





 

Meer van Machiel Jansen:

26 februari 2014

Zoutloze wansmaak

Over 'En dan komen de foto's' van A.H.J. Dautzenberg
29 januari 2014

Parallellen met een hoofdpersoon 

Over 'Te veel geluk' van Alice Munro

Recent

23 november 2017

Weidse landschappen, bekraste zielen

Over 'Idaho' van Emily Ruskovich
21 november 2017

Reizen in een binnenwereld

Over 'en toen aten we zeehond' van Nicoline Timmer
20 november 2017

Het leven ontwijken

Over 'Kraaien tellen' van Lucas de Waard
17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef

Verwant

23 juni 2010

Recensie door: Joost van der Vleuten

Over 'Schrijven over kijken naar schilderijen uit het Rijksmuseum' van Willem Elsschot & RINCKHOUT, Eric
23 juni 2010

Cryptisch puzzelproza in poëtische stijl

Over 'Nedjma ' van Willem Elsschot & RINCKHOUT, Eric