Helen Knopper – En dan nog de liedjes

Madeleine of de herinnering als tegenwoordige tijd

Recensie door Elisa Veini

In En dan nog de liedjes van Helen Knopper is de tijd een caleidoscoop. Het gaat de verteller om de aanwezigheid van al het geleefde leven – van haarzelf en bij vlagen ook dat van haar ouders. Zij draait aan de caleidoscoop, de kralen zijn er in alle kleuren, en ze schikken zich keer op keer opnieuw. Caleidoscopisch is ook de relatie van Knoppers nieuwe roman tot haar andere boeken. In haar eerder werk beschreef zij steeds een episode uit het leven van een vrouw die misschien wel maar misschien ook niet op haarzelf leek, nu beslaat de vertelling haar hele leven tot en met het achtenzestigste jaar, de tegenwoordige tijd in deze roman. En toch, als ze zichzelf neerzet als de jonge Madeleine in de derde persoon, is dat geen terugkijken, maar schrijven over een blijvend heden. 

De methode doet denken aan die van schrijvers als Annie Ernaux, die in De jaren, (Les années) het vroeger naar het heden brengt door middel van voorwerpen en beelden die niet zozeer de herinnering oproepen, maar de textuur van de herinnering ‘zijn’. Met haar rollator snelt ze aan Proust voorbij: haar Madeleine is niet de drager van een herinnering, zij is de herinnering.

De dingen zien

En passant haalt ze ook nog een associatie met Stendhal of een regel van Lorca aan, maar de meest opvallende draai maakt ze bij het aanschouwen van oude foto’s. Dan verruilt ze haar eigen laconiek-geestige vertellerstoon voor de stem van haar moeder of een ander familielid die de tijd van voor haar geboorte kent. Als in een intentionele stijlbreuk worden de zinnen stug en hoekig, het is een taal van horen zeggen die hoort bij de beelden in de doos die met gemak weer dicht kan. 

In haar autobiografische film Les Plages d’Agnes zegt de bejaarde cineast Agnès Varda: ‘Ik herinner me terwijl ik leef’. Op eenzelfde manier meandert Knoppers verteller door wat ze heeft meegemaakt, zich bewust van haar ouderdom en de bijbehorende gebrekkigheden, maar zonder eraan toe te geven. Voor zichzelf is ze zoals ze zich herinnert. Haar lichaam mag haperen, maar aan haar geheugen mankeert niets. 

Nu is zij een aspirant-kunstenaar in het wilde Amsterdam van de jaren zestig, daarna weer het meisje uit Bussum dat christelijke jongens verleidt, om vervolgens dertig, veertig, uiteindelijk vijftig jaar over te slaan om een langgerekt ommetje te maken naar haar eigen Nieuwmarktbuurt. Daar aangekomen levert ze commentaar op oude liefdes en vrienden die ze dacht uit het oog te hebben verloren en toch weer doorzakkend in de stamkroeg terugvindt. ‘De dingen zien zoals ze zijn. Daar gaat het geloof ik om,’ schrijft ze bij wijze van een terloops statement. 

De andere comeback

Er zit ironie in de koppige trots waarmee Knopper haar verteller zich laat verzetten tegen het idee dat haar tijd voorbij is, een ironie die zich tijdens haar carrière als schrijfster heeft bewezen. Ze debuteerde in 1965 en was de daaropvolgende decennia productief als schrijfster maar ook als vertaalster. Ze gold lange tijd als een vergeten schrijver, in die hoedanigheid werd ze in 2006 door Joris van Casteren geportretteerd in Zeg mijn lezers dat ik doorschrijf

Dat was een voorbarige conclusie, want tien jaar later had ze met Het loopt het ademt het leeft, weer volop de aandacht van critici en lezers. Een comeback, heette het. Niet veel later kreeg Knopper een hartstilstand en stierf bijna – bijna, want, zoals ze in En dan nog de liedjes beschrijft, ze knapte toch weer op. Dat is pas een echte comeback te noemen. 

Met een innemende levenskracht schrijft ze verder in haar teder-sarcastische proza. Zonder een oordeel te vellen doorziet ze de onvolkomenheden van anderen even goed als die van haarzelf. En dan nog de liedjes geldt als een geestdriftig protest tegen iedereen die ouderen wegzet als passief en hulpeloos. Dat protest krijgt ruggensteun van haar leitmotiv: het geleefde leven als een voorlopig voortdurend heden. Aan de lezer de schone taak zich tot dat idee te verhouden.
‘Wat is waarheid?’ vraagt Knoppers verteller aan haar boezemvriendin Mandy. ‘We zitten er middenin,’ antwoordt Mandy, waarop zij zegt: ‘Om claustrofobisch van te worden.’

 

Kijk hier voor: Zeg mijn lezers dat ik doorschrijf / Joris van Casteren.

 

Omslag En dan nog de liedjes - Helen Knopper
En dan nog de liedjes
Helen Knopper
Verschenen bij: In de Knipscheer (2021)
ISBN: 9789493214569
174 pagina's

Meer van Elisa Veini:

Recent

9 december 2022

Liefde en sterven in een mooi geschreven novelle

Over 'Als de liefde' van Theodor Holman
8 december 2022

Op zoek naar waarheid en onafhankelijkheid

Over 'De kwestie van de grilligheid van de verloren tijd ' van Rune Christiansen
7 december 2022

Smaakvol en leerzaam verhaal over hygiëne

Over 'Het mooiste boek van grote viezigheid - een onfrisse geschiedenis' van Monika Utnik-Strugata en Piotr Socha
6 december 2022

De eeuwige slang en de zachte klank van regen

Over 'Boekhandel in de bergen' van Alba Donati
5 december 2022

Het belang van de glimlach

Over 'Glimlach' van Sarah Ruhl

Verwant