Hanna Bervoets – Een modern verlangen

Sciencef(r)iction

Recensie door Daan Lameijer

De economische ratrace op aarde kent veel verliezers en weinig winnaars. De grootste winnaars van deze tijd, Jeff Bezos, Elon Musk en Richard Branson, tillen de ratrace naar een hoger niveau. Zij ontstijgen onze planeet voor een nieuwe krachtmeting: de ruimte koloniseren in hun geavanceerde ruimtemobiel. Marjolijn van Heemstra merkte in het NRC op dat de ruimte geen plek is om over te laten aan interplanetaire adel; er zouden regels moeten komen. Een eerste aanzet daartoe biedt Hanna Bervoets met Een modern verlangen. In deze veertien verhalen tellende bundel reserveert Bervoets er drie voor buitenaardse migratie. In groepen van vier dient de mens de onbewoonbaar geworden aarde te verlaten. Maar met wie wil je in zo’n pit reizen, gedurende veertien maanden? 

Wraakgevoelens, voorkeursposities en frustratie: ze spelen een rol in de selectieprocedure. In dit drieluik komt Bervoets’ fascinatie voor ‘Expeditie Robinson’ het sterkst naar voren en tilt ze de term ‘passief-agressief’ naar een nieuwe dimensie. Abigail schrijft haar ex Betty, die boos is omdat ze niet door haar als reisgenoot is gekozen: ‘Waar het om gaat, Betty, is dat Cory iets heeft opgegeven om met mij en twee wildvreemden een pit te kunnen delen. Van jou, daarentegen, heb ik nog helemaal niets gehoord sinds de laatste persconferentie. (…) Of ben je vooral verdrietig omdat je deze kerst wat minder cadeautjes uit te pakken hebt?’ En Bervoets kan meer: ze tovert met perspectiefwisselingen en verwoordt op unieke wijze waarom vooruitgang het verlangen niet zozeer stilt, als wel verergert.

Heeft het al likes?

Bervoets’ tweede verhaal in de bundel, Een van ons, gaat over een online community voor cavia-eigenaren. De ergste veroordeling die een lid kan krijgen, luidt: ‘Ongeschikt om cavia’s te houden.’ Langzamerhand neemt de sociale druk in de community DDR-proporties aan. Vooral nieuwkomers, die natuurlijk fouten maken, krijgen bakken kritiek: sla is te vochtig en veroorzaakt waterige ontlasting, met aardbeitjes maak je je beestjes dood en zo’n gloednieuw dak boven het verblijf mag mooi zijn, het zou de cavia’s ook kunnen verstikken. Daarbij blijft het niet: ‘Happy Home Kruidenhooi is erg lekker, mijn dametjes willen niet meer zonder, schreef Arletta, maar Nico greep in: dat spul zit vol rotzooi, stukjes biet en zo, dat hebben cavia’s helemaal niet nodig, dat eten ze in het wild ook niet. De wilde cavia bestaat niet Nico – daar was Donja alweer.’ De vertelster houdt bij hoeveel hartjes, duimpjes en ‘sympathiek’-buttons de berichtjes oogsten. Zo ook die van Meryam.

Meryams zoontje pakt cavia Fowler op en laat haar vallen, geschrokken van een grasmaaier. Terwijl zij ontroostbaar bij de dierenarts zit, speculeren de forumleden erop los: ‘Wat veel van ons wisten maar niet zeiden: dit beestje was ten dode opgeschreven. (…) nu konden we er, omwille van het beestje, niet meer omheen draaien: een cavia die niet kan lopen, rennen, vluchten of spelen, heeft geen leven. Je moet het beestje laten gaan, Meryam, dat is echt het beste nu, en de dagen daarna plaatsten we stickers onder het bericht, van kleine vlindertjes en bloemen, hartjes en beertjes, zo betoonden we ons medeleven.’ Meryam doet wat haar gezegd wordt. De community-leden zijn tevreden over hun cavialievendheid: ‘die avond zullen velen van ons hun beestje uit de kooi hebben getild om onze neus te begraven in de zachte vacht van het warmbloedige wezentje, ons voornemend dat we haar altíjd zo stevig zouden vasthouden, haar nooit, maar dan ook nooit zouden laten vallen.’

Hysteria Lane

In ‘Koffiebar met een Duitse naam’ staat de verdwijning van een Poolse baby in een rijke buurt centraal. Wie let op het tempo, gemak en de souplesse waarmee Bervoets langs de wijkbewoners rondom het Poolse gezin scheert, krijgt de indruk dat ze een drone-perspectief hanteert. Bovendien diept ze alle personages met slechts een paar zinnen uit en geeft ze hun een gezicht, waar ze – helaas – na driekwart bladzijde alweer afstand van neemt. Hier verlegt ze de focus van de neurotische Teddy naar haar buurtgenoot Ruben, een oud-cadet: ‘Ja, ze was getuige van misschien wel iets vreselijks en nu moet ze lief voor zichzelf zijn, nu moet ze het loslaten, ze hoeft niet altijd de problemen van anderen op haar schouders te dragen, klaar nu – ze hoort de agenten bij haar benedenbuurman aanbellen. Stipt op tijd, constateert Ruben. Zij zijn op tijd en hij is op tijd, zo heeft hij het graag.’ 

Het maakt haar verhaal tot een stilistische parel die doet denken aan De Geruchten van Hugo Claus: een roman over de terugkerende Congo-veteraan Catrijsse, over wie heel Waregem roddelt, iedere bewoner in zijn of haar eigen kenmerkende stijl. Toch herhaalt Bervoets niet slechts het kunstje van de Vlaamse romancier, die een deugdzaam lijkend dorp laat bezwijken onder zijn eigen oorlogsverleden. Bervoets laat zien hoe ontzield de ooit zo mooie wijk is: ‘Kadirs Lunchroom had plaatsgemaakt voor een koffiebar met een Duitse naam, en waar ooit Café Raap zat keek hij nu door de ruit van een winkel die kandelaars maar ook heel dure truien verkocht. De nachtwinkel waar hij ooit snoep en later sigaretten haalde was er niet meer, wel ontdekte hij een wijnwinkel, zo stond het op het krijtbord buiten: De Wijnwinkel – en daarnaast nóg een koffiebar en daarnaast nog een…’ Gentrificatie voorziet wellicht in een behoefte aan vooruitgang, de vooruitgang is gewoon niet het antwoord op onze vragen.

Verslaafd aan verlangen

Toch is het te gemakkelijk om Bervoets’ thematiek te versimpelen tot ‘Vroeger was alles beter’. De titel, Een modern verlangen, zegt het eigenlijk al: hoe vergevorderd de technologische ontwikkelingen ook zullen zijn, de mens blijft verlangen naar wat hij niet heeft. Een verlangen is een zucht, een zucht is een verslaving. En van een verslaving kom je niet zomaar af. Of dat verlangen nu een genetisch perfect kind belichaamt, een hond die een aanrijding met een aandenderende intercity wél overleeft of een knopje met de tekst ‘anderen uitschakelen’, zodat je de hele wereld alleen voor jezelf hebt. 

De techniek reikt in het futuristische verhaal ‘Dag 1851′ zelfs zo ver dat de diepste wens van mevrouw De Clou niet begrepen wordt. De oude vrouw in de rolstoel wordt volledig bestuurd door een zakelijke robot-Ik van ggz en zegt met haar lichaam op zee gericht: ‘Rijden.’ Ik start de kar: ‘De rit naar het terrein duurt één uur en vijftien minuten.’ ‘- Nee, niet omdraaien. Ik wil dóórrijden, rechtdoor rijden.’ Dan treedt ‘het protocol’ in werking, wordt de patiënte gemuilkorfd en dompelt de goedbedoelende robot haar nog dieper onder in haar misère. Met Een modern verlangen logenstraft Hanna Bervoets de maakbaarheid van het leven. Het verfrissende is: dit ligt niet per se aan het leven, maar aan de mensen die naar maakbaarheid smachten.

 

Omslag Een modern verlangen - Hanna Bervoets
Een modern verlangen
Hanna Bervoets
Verschenen bij: Uitgeverij Pluim (2021)
ISBN: 9789083142166
240 pagina's
Prijs: € 21,99

Meer van Daan Lameijer:

Recent

16 september 2021

De kracht van fictie

Over 'Het leugenlabyrint' van Paul Binnerts
15 september 2021

Leren van een vogel hoe te leven

Over 'Vlieglessen' van Charlie Gilmour
14 september 2021

Het beste is je over te geven aan de fantasie van de schrijver

Over 'Arc ' van Richard Osinga
13 september 2021

Puzzelen aan een zondvloedverhaal

Over 'Het Drogsyndicaat' van Mischa Andriessen
10 september 2021

Liefde voor het verborgene en mysterieuze in de natuur

Over 'Vesper' van Anne Broeksma

Verwant