H.C. ten Berge – De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca

Een reisverhaal in vloeiende dichtregels vol klankrijm

Recensie door Mathijs van den Berg

H.C. ten Berge (1938) is altijd geïnteresseerd geweest in andere culturen. Hij vertaalde onder andere Japanse noh-spelen, Azteekse poëzie en volksverhalen uit de Eskimo-cultuur. In zijn dichtwerk is het ‘onderweg zijn’ een belangrijk thema. In De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca, dat zich afspeelt in Noord- en Midden-Amerika, worden deze interesse en thematiek met elkaar verenigd.

De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca is een reisverhaal in dichtvorm. In ‘een script in 45 scènes & een tussenspel’ beschrijft Ten Berge de avonturen van deze Spaanse edelman, alias ‘Koeienkop’ (‘Cabeza de Vaca’), een eretitel met een mythische oorsprong. Deze avonturenvonden plaats in de zestiende eeuw en begonnen met een expeditie naar toen nog onbekend land rond de Golf van Mexico. De expeditie mondde uit in een ware uitputtingsslag die bijna niemand overleefde. Na lange omzwervingen kwam Núñez terug in zijn vaderland waar hij schriftelijk verslag deed aan keizer Karel V. Ten Berge baseert zich op Núñez’ relaas en citeert hier delen uit.

Het is één lang gedicht

De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca is dus eigenlijk één lang gedicht. Aan het begin voert Ten Berge  zichzelf als verteller op:

‘Op de tuibrug naar Tampa,
 staal en beton dat fraai gelijnd en hemelhoog
 de baai boven ravottende dolfijnen

 in een lange glijvlucht overspant,
 de zon trotseert en de orkaan weerstaat,
 denk ik aan Álvar Núñez Cabeza de Vaca
      die vijf eeuwen her onder Pánfilo de Narváez
      met drie kraken en een brigantijn
      op deze blinkend witte kust verzeilde.’

Aldus een brug slaand naar het verleden. In het tussenspel keert de dichter terug, letterlijk stappend in de voetsporen van zijn helden. Althans, dat zou hij graag doen: ‘Wat trad ik graag als late nazaat/in hun weggewiste sporen –/ door niets gesteund en zonder liefde/ trok ik er, de angst verkropt, alleen op uit,/ een godvergeten minnaar van extremen.’ Uiteindelijk doet hij dat met het woord. 

Ingenieus narratief spel

Ten Berge speelt een ingenieus narratief spel met verschillende perspectieven. Alleen dit al maakt het gedicht bijzonder levendig. Zoals hij zich op Núñez baseert, verwees ook Núñez naar andere bronnen, om de keizer een zo compleet mogelijk verhaal voor te schotelen. Bijvoorbeeld over hoe het afliep met de roekeloze, zelfzuchtige expeditieleider Pánfilo de Narváez, de tegenpool van de verstandige, edelmoedige Núñez:

‘[Hernando] vertelde zijn verhaal aan Figueroa,
 die het doorgaf aan Dorantes en Castillo,
 die het overbrachten aan de nobele Álvar Núñez,
 die het later opschreef voor de vrome en gevreesde
    koning-keizer van een wereldrijk
 die men Carlos I in Spanje noemde, maar in Brussel Karel V.’

De keizer moet Núñez op zijn woord geloven. Bewijsmateriaal is soms verloren gegaan: ‘Ik vroeg hem [een boosaardige kapitein die hij ontmoette] jaar en maand en dag / waarop wij voor het eerst / weer christenen zagen / voor mij op te schrijven / (wat hij toen ook deed). / het papier is later zoekgeraakt.’ Ten Berge legt hiermee extra nadruk op de verbeelding. Niemand weet meer wat er echt is gebeurd. Aan de andere kant heeft de lezer houvast aan talloze tijdsaanduidingen, soms als noot in de kantlijn toegevoegd.

Huiveringwekkende avonturen

Núñez’ belevenissen zijn prachtige en vaak huiveringwekkende avonturen. De lezer waant zich in een jongensboek. De titel van het gedicht zegt het al: er is sprake van talloze beproevingen. Ze worden met veel gevoel voor detail opgedist: 

‘Klamme hitte. Honger. Dorst.
 De van god gezonden monniken, soldaten,
 officieren hebben koorts of lijden aan kwetsuren.
 De gewonden legt men over paardenruggen
 bij het oversteken van rivieren.
    Er wordt een Arabier gedood, het vlees verdeeld:
    een daad die men alleen bij hoge nood
    met tegenzin herhaalt.’

De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca staat vol met dit soort aansprekende anekdotes. In de scène ‘Kleine kroniek van Prikkelperenland’ (prikkelperen zijn cactusvijgen) wordt het leven van de Charruco, een volk van woudlopers, met sociologische precisie beschreven. Begrippen worden in de kantlijn verklaard of in de als bijlage opgenomen aantekeningen verduidelijkt. Waarom dit op twee verschillende plaatsen in het boek gebeurt is onduidelijk. Naar de aantekeningen wordt in het gedicht niet verwezen. Soms had er meer verklaard kunnen worden. Want wie weet dat een ‘cacique’ een opperhoofd is?

Vloeiende regels vol klankrijm

Uiteraard wordt de moeilijke verhouding tussen de Spaanse overheersers en de diverse indianenstammen beschreven, die gekenmerkt wordt door uitbuiting, wraak en onbegrip: ‘Zoals onwetende veroveraars in angst en vreze leven/ heeft de indiaan geen weet van overzeese volken/ of een wereldrijk dat inlijft en berooft.’ Núñez is in deze geschiedenis de ware adellijke held, die optreedt als heelmeester en streeft naar rechtvaardigheid voor de indianen. Het lijkt daarom rechtvaardig dat hij het overleeft, al is hij voornamelijk ‘een geluksvogel’. 

Ten Berge schrijft dit alles op in vloeiende regels vol klankrijm. Beeldspraak wordt achterwege gelaten. De verhalen spreken voor zichzelf. Dat maakt dit gedicht tot een makkelijke leeservaring. Heel anders dan je doorgaans bij deze dichter gewend bent. Erg is dit zeker niet. Daarvoor fonkelt dit gedicht meer dan genoeg, waarbij je al lezende vergeet dat het voor een groot deel aan de verbeelding van de dichter is ontsproten.

 

Omslag De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca - H.C. ten Berge
De beproevingen van Álvar Núñez Cabeza de Vaca
H.C. ten Berge
Verschenen bij: Koppernik (2019)
ISBN: 9789492313782
66 pagina's
Prijs: € 18,50

steun-ons

Jaarlijks publiceert Literair Nederland ruim vierhonderd boekrecensies en literaire berichten mede dankzij donaties van lezers. Uw hulp om boekrecensies, interviews, columns en essays in de toekomst te laten verschijnen is nodig. Klik voor een bijdrage. Onze dank is groot!

Meer van Mathijs van den Berg:

Recent

12 augustus 2020

Vreemdeling in het land van anderen

Over 'Mathilde' van Leïla Slimani
10 augustus 2020

Een spannend en goed geschreven verhaal

Over 'Een week of vier' van Laura van der Haar
6 augustus 2020

Hoe lang mag rouw duren en wie bepaalt dat

Over 'Berichten van het front' van Anna Enquist
4 augustus 2020

In het schaduwland

Over 'Het glazen hotel' van Emily St. John Mandel
31 juli 2020

Een gast op deze aarde

Over 'Tarabas' van Joseph Roth