Giorgio Bassani – Epitaaf

Naar de ziel van zijn bestaan

Recensie door André van Dijk

In tijden van intelligente lockdown blijkt nog eenvoudig gereisd te kunnen worden, bijvoorbeeld door het Italië van dichter Giorgio Bassani (1916-2000). Nu de verplaatsing van mensen op een laag pitje staat, weet deze reisleider ons mee te voeren naar plekken die voor hem de ziel van zijn bestaan betekenen. En dat doet hij op haast terloopse wijze: een plaatsaanduiding, de naam van een regio, streek, straat of villa. Veel titels van de gedichten in de bundel Epitaaf (1974) bestaan uit zo’n naam, terwijl het betreffende gedicht de emotionele associatie van de dichter verbeeld. In het gedicht Forte Antenne – een eeuwenoud fort in de Romeinse wijk Parioli – gaat dat als volgt:

‘Een tak in het bos zijn
het blaadje aan die
tak
weer worden als je was
destijds op je derde vierde
toen je geen vrouw kende
buiten je
moeder
geen andere stad dan
de jouwe’

Wat het een met het ander heeft te maken blijft onuitgesproken, maar is wel voelbaar. Er wordt een bepaalde stemming opgeroepen door in de titel zo expliciet te verwijzen naar een plek, terwijl het gedicht een persoonlijke beleving weergeeft. Zoals het doorbladeren van een fotoalbum: bij iedere foto hoort een verhaal dat door de verteller met gloed wordt verteld. De luisteraar krijgt een samengestelde situatie voor ogen, waarvan de foto het enige letterlijke beeld is. De rest bestaat uit aanvullende indrukken en details. 

Getuigenissen van liefde

Bassani doet dat met de liefde van een reiziger voor de plaatsen waar hij geweest is. Of de plaats waar hij vandaan komt. Veel terugblikken naar zijn jeugd in Ferrara, naar verschillende familieleden met hun gewoontes en eigenaardigheden. Maar bovenal is het een krachtige getuigenis van de liefde in het algemeen, die meestal in verwondering wordt weergegeven. Met gedachten die een vraagstelling tot gevolg hebben. Zoals in het gedicht Op bed:

‘Gisteravond op bed was ik
aan de rechterkant gaan liggen die zij
inneemt als ze hier is
en vanmorgen wakker wordend zag ik mij
weer links liggen waar ik slapeloos in het donker soms
het krachtige kloppen hoor van haar
aanwezigheid

Wat heeft me er derhalve toe bewogen om in de nacht
de ruimte van haar grote
afwezige lichaam
te verlaten dan de hunkering zelf ook
niets te zijn?’

De meeste verzen van Bassani zijn een weerslag van zijn eigen existentie. Hij refereert aan mensen en aan plaatsen en zet zichzelf als vraagteken middenin die constructie. De situatie is vrijwel altijd een herinnering die zijn eigen positie heeft bepaald. Of een gelegenheid om die positie te bevragen. De terloopsheid waarmee dat wordt opgeschreven zorgt voor de bijzondere beleving dat hier geen antwoorden worden gegeven maar slechts vragen worden gesteld. 

Ook het schrijven is voor Bassani geen concluderende onderneming. Hij weegt zijn woorden en blijft de beschouwende observator van zijn eigen werk. Eventuele kritiek wordt geanalyseerd, zoals in het bijtende Aan een andere criticus:

‘Als een gedicht inmiddels – naar jouw zeggen –
uitsluitend beschouwd moet worden als een simpel
communicatiemiddel
zoals zo veel andere welnu
het zij zo

Communiceren via de kunst was altijd al
mijn hoogste streven
al durfde ik daar nooit maar dan ook nooit
op te hopen zelfs niet bij jou
klootzak’

Lezen zonder houvast

Het meest opvallende aan de gedichten in Epitaaf is de gecentreerde opmaak op de bladspiegel. Alle verzen staan op een centrale as en zijn niet links of rechts uitgelijnd, waardoor de lezer als het ware moet zoeken naar het begin van de nieuwe regel. Ook het feit dat er geen interpunctie wordt gebruikt en er effectief van enjambementen gebruik wordt gemaakt, maakt dat de gedichten zich niet direct openbaren aan de lezer. De verzen moeten meerdere malen gelezen worden om tot de kern door te dringen. Een leesavontuur dat niet alleen de betekenis als doel heeft, maar ook de talige kant van de dichter benadrukt. Hier dient een groot compliment gemaakt te worden aan vertaler Jan van der Haar.

Bassani neemt de lezer mee op zijn reis, maar hij is geen openhartige reisleider. Het vereist de nodige concentratie en toewijding om hem op zijn weg te kunnen volgen. Een weg die vrijwel altijd uitkomt bij de liefde.

‘Vaak heb ik – alsof ik droomde – ons twee voor ogen naast elkaar
ruggelings op een groot bed dat veel weg heeft van het onze in Maratea
de slaapkamer blijkt eveneens nogal hetzelfde
in het witte ultramoderne meubilair in de blanke
gipswanden in het hoge raam
daar verticaal rechts achter het doffe
silhouet van je grote
uitgestrekte lichaam
en zelfs in het licht het matissiaans blauwe licht van zeven uur
’s ochtends dat al tussen de spijlen door dringt om
de lauwe schemer te verslaan’

 

 

Omslag Epitaaf - Giorgio Bassani
Epitaaf
Giorgio Bassani
Vertaling door: Jan van der Haar
Verschenen bij: Uitgeverij Koppernik
ISBN: 9789492313720
200 pagina's
Prijs: € 22,50

Meer van André van Dijk:

Recent

3 juli 2020

Intiem en openhartig verslag

Over 'De wind van morgen' van Arjen Sevenster
2 juli 2020

Het leven op een koffieplantage in Suriname

Over 'Plantage Wildlust' van Tessa Leuwsha
1 juli 2020

Gellings parafraseert de stem van de boze burger

Over 'Steden van Pandora' van Paul Gellings
30 juni 2020

Er staat veel op het spel in de verhalen van Stefan Zweig

Over 'Fantastische nacht en andere verhalen' van Stefan Zweig
29 juni 2020

In het land van de wind

Over 'Heuvel' van Jean Giono