Fatena Al-Ghorra – Neem dit lichaam

Een messcherp zelfonderzoek

Recensie door Mathijs van den Berg

Bij de mooie kleine Uitgeverij Jurgen Maas, gespecialiseerd in Arabische letterkunde, kwam de vijfde bundel uit van de Palestijnse dichteres Fatena Al-Ghorra, die haar geboortegrond ontvluchtte en nu in Antwerpen woont. Zij maakte veel indruk met haar vorige bundel God’s bedrog waarin ze in persoonlijke, en heftige gedichten verslag deed van haar worsteling met haar afkomst. In Neem dit lichaam gaat ze nog een stap verder en kruipt ze letterlijk binnen in haar huid.

Het is de eerste bundel die ze in haar nieuwe vaderland schreef. Uiteraard in het Arabisch, ook al heeft ze de ambitie te kennen gegeven ooit in het Nederlands te schrijven. De vertaling is opnieuw van Nisrine Mbarki. Opmerkelijk is dat Mbarki zich bij de vertaling de nodige vrijheden heeft gepermitteerd. In haar nawoord schrijft ze dat ze titels veranderde en zelfs gedichten heeft herschreven. Dit deed ze overigens wel in samenspraak met Al-Ghorra. Hierdoor is het een andere bundel geworden dan het origineel. Omdat Mbarki zelf ook gedichten schrijft, was dit haar wel toe te vertrouwen. Al blijf je met deze kennis in het achterhoofd, toch nieuwsgierig naar die veranderingen.

Eerder werk

Opvallend is dat er drie gedichten uit Gods’ bedrog in zijn opgenomen, ook nog eens gedichten die enkele pagina’s beslaan: ‘Vader’, ‘Wat de verteller zei’ en ‘Meisjes breng mijn lief terug’, alle in een herziene vertaling. Ook is het gedicht ‘Een marmeren gezicht’ uit de bundel Ellay uit 2010 toegevoegd. Waarom deze gedichten zijn opgenomen is onduidelijk. Waren de vertalingen niet goed genoeg? Of waren ze nodig om op een mooi afgerond getal van twintig gedichten uit te komen? Of anders om duidelijk te maken dat de nieuwe gedichten in de lijn van de oude liggen. In ieder geval is er wel sprake van een homogeen geheel.
De twintig gedichten zijn evenredig verdeeld over twee delen. Het zijn beschrijvende, pagina vullende gedichten die vaak uit korte regels bestaan en in een kale, rudimentaire stijl geschreven. Het is poëzie die direct binnenkomen:

‘Een cel van verroest ijzer is mijn hart
het hele jaar door gekleed in zwart
mijn hart lijkt op een granaatappel
gewikkeld in stevig zijde
gesmeten in een cel met uitzicht op een berg
aan de voet van de berg een stromende rivier
tjilpende vogels, dartelende herten, sluipende tijgers
de geur van nat gras doordrenkt alles
mijn hart is daar in de roestende cel.’

Afstandelijke waarnemingen

Al-Ghorra neemt de lezer in haar gedichten mee op een ontdekkingsreis door haar lichaam en geest. Ze heeft de bundel zelfs hieraan opgedragen: ‘[Aan] mijn lichaam en geest/die mij over hun geheimen leerden’. Langzaam geven ze in de gedichten deze geheimen prijs.’ De dichter bekijkt zichzelf steeds van een afstand. In het gedicht ‘Dans’ neemt ze haar hoofd letterlijk in handen en bekijkt het alsof het een aparte wereld is. Ze schrijft: ‘mijn stem gilt’ in plaats van ‘ik gil’.

‘Ruis van wezens in mijn hoofd
een stilte waarin alle woorden zitten
mijn stem gilt
in een begrijpelijke taal
ik speel met mijn hoofd in mijn handen
bekijk het bijzondere ding.’

De gedichten beschrijven vaak een problematische verhouding met de buitenwereld, die de ‘ik’ niet kan bereiken. Het kan om een geliefde gaan, maar ook over de onmacht iets aan de onrechtvaardigheid van de wereld te kunnen doen. Het hart is gevangen, ‘gekleed in zwart’. Het is ‘bewust van alles om zich heen/bewust van alles wat niet is’, maar ‘geeft niet om de drenkelingen op de stranden/of om de zwerende lichamen van gevangenen […]/of de hongerstakers/die vrijheid eisen’.
De ellende is te groot geworden om er nog iets bij te kunnen voelen. Voor de lezer wordt deze er alleen maar beter voelbaar door. Na haar hart beschrijft Al-Ghorra in ‘Motten’ haar geest: ‘Mijn geest is bezorgd/bezorgd als de hengel die ergens op steunt gedurende de dag […] zijn haak machteloos’. De geest van de dichter maakt zich zorgen over oorlog of over de letterlijk aangevreten cultuur (‘Een boek/de motten hebben het hart opgevreten’). De situatie in het Midden-Oosten gonst in deze poëzie steeds op de achtergrond mee.

Effectieve beelden

Al-Ghorra onderwerpt zich voortdurend aan een messcherp zelfonderzoek. Voortdurend is er de spanning tussen de afstandelijke beschrijving van haar lichaam en de heftige emoties die haar geest doormaakt. Zo beschrijft ze haar bloed: ‘Rood zoals het hoort/stromend […] trekt aan de draden van mijn ziel/als mijn lichaam beeft van zijn schreeuw’. Ze probeert de pijn te bevatten: ‘Ik houd ervan mijn twee vingers/op de kleine snee te leggen/om het stromen te stoppen/of misschien zodat ik weet hoe het komt/waarvandaan, dat robijnrood/en zijn pijn die mijn ziel niet kan omvatten/alleen verdoving kan mij redden’. Een andere keer is ze wel stellig: ‘Niets meer dan een gat in mijn borst/helpt mij om elke ochtend op te staan/dezelfde vraag/de eentonigheid/de dagelijkse gebeurtenissen zoals ze zijn’. De metafoor van gaten en holtes in haar hart of lichaam komt vaak in de bundel terug. Er spreekt een enorme eenzaamheid uit de gedichten.

‘Neem dit lichaam
voorzichtig
bedek het
dekens zijn niet nodig
twee handen voldoen
zodat alles kan beginnen
je zult veel gaten en holtes vinden
maak je geen zorgen en laat je niet storen
kleine kooltjes vielen erop
niemand raapt ze op
misschien lijkt het wat koud en kil
maar dat zijn de gevolgen van de aanhoudende herfst.’

Isolement en wereldleed

Andere beelden die terugkeren zijn het stof waaronder ze is bedolven en dat moet worden weggeveegd, of de spiegels waarin ze zich gereflecteerd ziet. Weinig originele beelden, maar wel effectief. Steeds wordt er het gevoel van isolement mee aangegeven, dat alleen doorbroken kan worden door een geliefde.

Neem dit lichaam is een intense leeservaring. Soms wat veel van het goede, want wil je als lezer wel zo afdalen in het lichaam en de ziel van de ander. Gecombineerd met de grote emoties (er wordt geschreeuwd, gegild, gejankt) is het voor de lezer paradoxaal genoeg moeilijk om afstand te nemen. Je kunt je alleen met haar vereenzelvigen. Daarvoor moet je bijna over dezelfde ervaring beschikken. Soms is het wel erg van dik hout zaagt men planken: ‘ik steek mijn hand uit naar passanten/niemand ziet mij/ik heb stront gegeten/volgens een traditioneel en volks recept/ik heb tussen adders geslapen/ik heb geijld van de koorts/ik heb besmet spuug gedronken/met mijn nagels heb ik lagen van mijn huid verwijderd/je gaf geen kik.’

In het laatste gedicht, ‘Welkom’, fantaseert de dichter over een vrijage met de dood: ‘Als de dood naar me toe komt/wil ik me voorbereiden/als een geliefde voor haar lief’ […] ‘Zoals een prostituee zich voorbereidt bereid ik me voor’, ‘Ik zal de dood verwelkomen als een echtgenote […] ligt midden op bed/klaar voor haar plicht’. De bizarre apotheose van een intieme en krachtige bundel.

 

Omslag Neem dit lichaam - Fatena Al-Ghorra
Neem dit lichaam
Fatena Al-Ghorra
Vertaling door: Nisrine Mbarki
Verschenen bij: Jurgen Maas (2019)
ISBN: 9789491921568
64 pagina's
Prijs: € 17,95

Meer van Mathijs van den Berg:

Recent

21 november 2019

Wijnberg maakt op overtuigende wijze het winnende doelpunt

Over 'Afscheidswedstrijd' van Nachoem M. Wijnberg
20 november 2019

Er is de voltooiing en er is het falen

Over 'Waagstukken ' van Charlotte Van den Broeck
19 november 2019

Wandelen langs de rivier

Over 'Dodeneiland' van Gerhard Meier
18 november 2019

Ingehouden roekeloosheid

Over 'De grom uit de hond halen' van Iduna Paalman
14 november 2019

Hoe te reageren op de belediging die seksueel misbruik is

Over 'Vallen is als vliegen' van Manon Uphoff

Verwant