Elisabeth Lockhorn – Andreas Burnier Metselaar van de wereld

Terechte herdruk boeiende biografie Andreas Burnier

Recensie door Joke Aartsen

De biografie over leven en werk van Andreas Burnier Andreas Burnier Metselaar van de wereld geschreven door Elisabeth Lockhorn kwam in oktober 2015 voor het eerst uit. Na diverse herdrukken in datzelfde jaar en in 2016 is er in september 2022 weer een herdruk verschenen, gelijktijdig met Elk boek is een gevaar, een bloemlezing in de privédomeinreeks van niet eerder gepubliceerde teksten van Burnier, samengesteld door Ronith Palache. De biografie van Lockhorn is bij de eerste verschijning in 2015 enthousiast ontvangen en overwegend positief gerecenseerd. Ze is veelomvattend, goed geschreven en nog altijd actueel en boeiend. Burniers turbulente leven en haar literaire en wetenschappelijke werk worden uitgebreid en onderbouwd beschreven. Alleen in haar beschrijving van Burniers ‘gender’ valt op Lockhorns interpretatie iets aan te merken.

Velen zullen Andreas Burnier, pseudoniem van Catharina Irma Dessaur, ze gebruikt haar hele leven haar onderduikvoornaam ‘Ronnie’, kennen als de schrijfster die vanaf de jaren zestig van de 20e eeuw diverse romans schreef. Een tevreden lach was haar debuut, Het jongensuur uit 1969 is misschien haar bekendste werk, want heel toegankelijk, dun en onder andere over de Tweede Wereldoorlog. Burniers werk is authentiek en eigenzinnig. Ze schrijft openlijk over homoseksualiteit en is heel uitgesproken over ‘seksefascisme’. Lockhorn laat in de bespreking van de romans overtuigend zien dat ze allemaal wortelen in de realiteit van Dessaurs leven. In Het jongensuur is dat onmiskenbaar haar onderduikverleden en haar besef, al van jongs af aan, dat een mens maar beter een jongetje of man kan zijn om vrijheden te hebben, kansen te maken, serieus te worden genomen in het leven. Er is in de biografie ook veel aandacht voor de ontvangst van het literaire werk en recensies van meerdere toentertijd gevestigde recensenten.

Tijd vooruit

Burnier/Dessaur blijkt een vrouw die haar tijd ver vooruit was. Ook als intellectueel en wetenschapper, filosofe en criminologe, is ze van hoog niveau, origineel, doordacht en spraakmakend. Ze wordt hoogleraar criminologie in Nijmegen waar ze regelmatig weerstand oproept door afwijkende standpunten. Ze jaagt feministen tegen zich in het harnas door kritisch te zijn over abortus, toont zich een fel tegenstander van euthanasie in de tijd waarin Nederland rijp lijkt voor legalisatie en vergelijkt deze ontwikkelingen met nazi-praktijken. Lockhorn beschrijft deze gebeurtenissen inzichtelijk, duidt de tijdgeest en laat de nuances zien die tegenstanders toen niet altijd zagen.

Kinderen of kennis

Nuances zijn er natuurlijk door Burniers levensgeschiedenis. Ze is Joodse, geboren in 1931 en dus negen jaar jong als de oorlog begint. Van 1942 tot aan het eind van de oorlog brengt ze door op zestien verschillende onderduikadressen. Ze is voor de onderduik gescheiden van haar ouders. Volgens haar ouders ‘begreep [ze] dat heel goed’, Lockhorn laat een andere kant zien. Ze haalt een personage uit een toneelstuk van Herzberg aan dat zegt ‘Jullie hadden me mee moeten nemen. Doodgaan is niet erg – losgelaten worden, dat is erg’. Dit ‘loslaten’ blijkt structureel in de familie en werkt intergenerationeel door. Burnier en haar man krijgen twee kinderen. Zij scheiden kort na de geboorte van dochter Ingeborg en als vader Emanuel kort daarna naar Duitsland vertrekt, brengt moeder Burnier de kinderen onder in een pleeggezin. Lockhorn gaat niet uitgebreid in op de relatie tussen moeder en kinderen, omdat de laatsten niet mee wilden werken en zij hun afstand wil respecteren, zoals ze in een vraaggesprek heeft aangegeven. Ze beschrijft wel hoe Burnier opleeft door de scheiding en doordat ze weer gaat studeren en werken. In de eerdergenoemde bundel van Palache, Elk boek is een gevaar, zegt Burnier in 1997, reflecterend op die periode: ‘Mijn hele leven heb ik alleen maar gezocht naar kennis, kennis die mij zou bevrijden. […] Alleen kennis zou mij kunnen verlossen uit de koker van de wereld waarin wij moeten leven.’

Metselaar

In haar zoektocht in het leven heeft de mens en professional Dessaur en de schrijfster Burnier vele wegen bewandeld. Lockhorn beschrijft uitgebreid Burniers korte christelijke toewijding, haar heilig geloof in de antroposofie en later haar weg naar belijdend Jodendom. Op wetenschappelijk gebied gaat zij eerst en vooral van puur rationeel positivistische wetenschapstheorieën uit en evolueert ze later naar bredere ethische uitgangspunten. Burnier was een rebel en een ‘lone wolf’. Ze zocht en vond zielsverwanten in ‘herenclubjes’ zoals Castrum Peregrini waarin filosofische en literaire onderwerpen besproken werden in een sfeer van kunst, vrijheid en vriendschap en later in de door haar zelf geïnitieerde cultureel-spirituele Platoclub. Lockhorn geeft veel aandacht aan de duiding, inhoud en impact van deze clubjes, al was het alleen al omdat ze Burniers idiosyncrasie illustreren: als een metselaar onophoudelijk bouwend aan een nieuw wereldbeeld voor zichzelf.

In november 2015 schreef hoogleraar Marc van Oostendorp op de site van het online tijdschrift Neerlandistiek dat de biografie ‘teleurstellend’ is, omdat de lezer geen grip krijgt op loopbaan, literaire werk en leven van Burnier. Hij meent dat er ‘geen poging wordt gedaan een echte ontwikkeling in het oeuvre te schetsen, of een karakterisering te geven van haar schrijverschap [of] zelfs haar stijl’. Hiermee wordt de biografie echt tekortgedaan. Lockhorn gebruikt regelmatig citaten uit Burniers werk waarmee ze haar vaak ironische, hyperbolische, soms provocatieve stijl illustreert. Ze stipt meerdere keren overeenkomsten met Reves stijl aan en ook een overeenkomstig belang voor de ‘homosuele’ lezer. In de reacties op Burniers werk kiest Lockhorn voor uitgesproken recensenten, zoals de lucide beoordelingen van Hans Warren en doorwrochte en scherpe analyses van Maarten ’t Hart. ‘Dit boek is inderdaad anders dan alle andere boeken van Burnier’, zegt Lockhorn over De trein naar Tarascon, waarna ze aangeeft wat er anders is en hoe dit te duiden. De stenen voor het metselwerk van de biografielezer zijn overvloedig aangedragen en zelfs hier en daar wat cement.

Mensgender

Op een ander vlak moet er wel een kritische noot gekraakt worden. Lockhorn diagnosticeert Burnier bij herhaling en nadrukkelijk als een ‘transgender avant la lettre’. Ze maakt hier een denkfout. Er zijn veel vrouwen die niet in de vrouwenmal passen en er niet in wíllen. Die zich prettiger voelen als ‘one of the guys’ dan met de meisjes bij het nagellakschap van de Hema, prettiger als hockeyster in korte broek dan met een rokje, die ongelukkig worden in damesgezelschap. Zij bevinden zich niet in een verkeerd lichaam, maar in een beperkte wereld. De prachtige biografie van Jeanne Bieruma Oosting beschrijft nog zo’n vrouw die zich niet wenst te conformeren, Mariken Heitman legt het in haar roman Wormmaan ‘nog één keer’ uit, Anjet Daanje lijkt ook een lichtend voorbeeld: dergelijke vrouwen als transgender neerzetten is niet juist.

Veelzeggend is in dit verband Maarten ’t Harts reactie op Burniers essay De zwembadmentaliteit waarin hij aangeeft dat er andersom ook jongens zijn die niet in de jongensmal passen en ‘dat hij er zelf vanaf zijn vierde jaar naar verlangd heeft een meisje te zijn’. Lockhorn merkt op dat het bijna lijkt alsof hij ‘een wedstrijd aangaat met Andreas Burnier wie het meest heeft ‘geleden’. Je zou ook kunnen zien dat hij Burniers betoog weliswaar eenzijdig vindt, maar wel ondersteunt en dat zijn invalshoek een breder inzicht biedt. Het valt Lockhorn niet euvel te duiden. De wokebeweging sliep nog toen zij met haar biografie bezig was en zelfs de dames van Fixdit, het schrijverscollectief dat het seksisme in de literatuur wil ‘fiksen’, die Burniers werk enthousiast aandacht geven en Lockhorn geïnterviewd hebben, stellen hierover geen enkele kritische vraag.

Burnier was in denken, gedrag en durf haar tijd vooruit, dat heeft de biografie overtuigend laten zien. Ze heeft met haar werk en leven velen geïnspireerd en gesteund door te zijn wie ze was: een mensgender.

 

Lees hier ook de recensie uit april 2016 door Evert Woutersen over dit boek. 

 

 

Omslag Andreas Burnier Metselaar van de wereld - Elisabeth Lockhorn
Andreas Burnier Metselaar van de wereld
Elisabeth Lockhorn
Verschenen bij: Uitgeverij Atlas Contact (2022)
ISBN: 9789045047119
592 pagina's
Prijs: € 25,00

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Joke Aartsen:

Recent

Zoektocht naar herinneringen
4 april 2024

Zoektocht naar herinneringen

Over 'Jo' van Judith Herzberg
Brieven vol treffende uitspraken, ontboezemingen en observaties
3 april 2024

Brieven vol treffende uitspraken, ontboezemingen en observaties

Over 'Willem Witsen (1860-1923). Een kunstenaarsportret in brieven' van Bezorgd door Linda Modderkolk, Odilia Vermeulen, Ester Wouthuysen.
In cartoons kan alles
2 april 2024

In cartoons kan alles

Over 'Er komt altijd een ei uit' van Robert Schuit
Een prentenboek met hoopvolle boodschap
30 maart 2024

Een prentenboek met hoopvolle boodschap

Over 'Ooit, ergens' van Amanda Gorman
Klein bier
29 maart 2024

Klein bier

Over 'De wachters' van Tahar Djaout

Verwant