9 maart 2011

Recensie: De Belegering van de Jonker – Karel Wasch

Recensie door: Rein Swart

Sappige impressie van een modern hoofdstedelijk milieu

Een schrijver laat altijd meer zien dan hij denkt, schrijft Marja Pruis in Kus me, straf me. Dat geldt ook voor Karel Wasch die in bedekte termen vertelt over zijn jeugd. Het is al snel duidelijk dat die zich afspeelt in Amsterdam. De Tempel waarin de gymnasiast Werner samenkomt met zijn vrienden, kan niet anders zijn dan Paradiso en ook boekhandelaar Gert Braat en zijn zoon Walter zijn vanuit de verte herkenbaar. Het gebeurt vaker dat schrijvers de ware personen of locaties verhullen, zoals Voskuil doet in Het Bureau of Thomèse in zijn laatste roman, waarin hij Haarlem aanduidt met de letter H., maar in dit geval doet het onecht aan. Datzelfde geldt voor de Gitaarheld die ooit optrad in de Tempel. In plaats van iets mythisch te verbeelden komt het nogal puberaal over.

Het verhaal begint met een initiatie van hoofdpersoon Werner, die Engelse letterkunde studeert. Hij koopt daartoe nieuwe kleren, gooit zijn oude jack in het water en bereidt zich voor op de inwijding in zijn kamer aan de Jonkergracht door het draaien van een plaat van de Gitaarheld. In de Tempel raakt hij door een pilletje in een langdurige roes maar slaat daardoor wel de eerder onbereikbare Marjan aan de haak.

In dit boek wisselen perioden uit de jeugd van Werner, waarin rivaliserende jeugdbendes optreden, zich af met gebeurtenissen tijdens de middelbare school en daarna. Het boek eindigt na de geboorte van het kind dat hij samen met Marjan krijgt. Het ouderlijk gezin van Werner bestaat uit advocaat Han, die een oogje heeft op zijn esoterische schoonzus Hedda, de huilerige moeder Hetty die in het geheim een vriend heeft en broertje Govert die altijd spelletjes bedenkt die uit de klauwen lopen. Het moderne leven kent veel relationeel rumoer. Ook de vriendenkring van Werner die samenkomt in de Tempel en na het eindexamen langzaam uiteenvalt, komt daar niet onderuit. Het zijn levende types die Wasch beschrijft, zoals hartsvriend Steef Fidius:
‘Soms praatten ze tot diep in de nacht, over literatuur, liefde, veel liefde, hun wederzijdse vrienden en filosofie. Ze rookten veel stuff, spraken in een soort geheimtaal of konden soms niets meer uitbrengen. Eénmaal hadden ze zich rücksichtslos overgegeven aan bekentenissen. Hoe erg ze zichzelf hadden opgeblazen, hoezeer ze hadden gebluft, hoe vreselijk ze gelogen hadden, hoe weinig ze eigenlijk hadden bereikt.’

Steef verloedert als zijn psychotische vrouw Maaike in een inrichting wordt opgenomen, vader Han verlaat zijn vrouw voor de alternatieve Hedda en neemt daarbij voor lief dat hij in plaats van alcohol de kruidenthee moet drinken en moeder Hetty papt aan met haar vriend.
Werners knappe vriendin Marjan komt minder goed uit de verf. Het voegt weinig aan haar verschijning toe om iedere keer te zeggen dat zij de mooiste chick is.

Werner voelt zich bedreigd door ene Zevenberg, die hij ooit op de gracht omver fietste en die een mes in zijn schouder stak. De titel verwijst daar naar. Hij voelt zich ook een bedrieger, onder andere omdat hij Marjan niet vertelt dat hij op vijftienjarige leeftijd door een veel oudere oppas werd verkracht. Hij is ook nooit vergeten dat hij in zijn jeugd samen met vakantievriendinnetje Coby zijn moeder samen met haar vriend zag neuken en dat Coby later in zee verdronk. Misschien dat Werner door deze traumatische ervaringen boek-, film- of schilderijtitels plakt op situaties waarin hij terechtkomt.

We vallen vaak middenin een scène en dat geeft vaart aan het verhaal. Het boek leest vlot weg, maar stilistisch is het minder sterk. Zinnen als ‘Het regende pijpenstelen, met bakken kwam het uit de lucht.’ en ‘Spoedig waren ze de weg afgedaald naar de vallei van herinneringen.’ doen onbeholpen aan. Ook termen als ‘met veel kruidenthee overgoten’ en ‘laken van de zee’ verdienen geen schoonheidsprijs. Soms klinkt het zelfs onbehouwen. De vele seks wordt nogal plat en met een Jan Cremer-achtige bravoure beschreven en Wasch zou kariger kunnen omspringen met dromen, want die voegen aan het verhaal weinig toe. Het poppetje van een Jonker dat broertje Govert aan het eind in tweeën breekt, staat symbool voor de afloop van het verhaal.

De gedeelten over de zwangerschap van Marjan zijn nogal voorspelbaar en het lijkt mij onwaarschijnlijk dat zij tijdens de bevalling in slaap valt. Maar het boek heeft al met al zeker potentie.

De Belegering van de Jonker

Auteur: Karel Wasch
Verschenen bij: Nymphaeum Pers
Prijs: € 15,90

Meer van :

17 oktober 2017

Van poldercrimineel tot godfather in Frankrijk

Over 'Ondijk/Punt' van Barry Smit
16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

Over 'De Tanimbar-legende' van Aya Zikken
13 oktober 2017

Leven zonder moeder

Over 'Het intieme vreemde' van Jente Jong

Recent

12 oktober 2017

Een antikrimi

Over 'De rechter en zijn beul' van Friedrich Dürrenmatt
11 oktober 2017

De stijl tekent de man

Over 'Mijn grote appartement' van Christian Oster
10 oktober 2017

Eindeloos gepieker

Over 'Parttime astronaut' van Renée van Marissing
5 oktober 2017

Op drift geraakt

Over 'Stille grond' van Sanneke van Hassel

Verwant