Daisy Johnson – Onder het water

Onafwendbaar onheil

Recensie door Reinier van Houwelingen

Er komen diverse fantasiewoorden voor in Daisy Johsons debuutroman, zoals ‘sjeesjtijd’, ‘sproenken’ en ‘harpiedoedel’.  Een grote rol speelt ‘de Bonak’, die staat voor datgene waar we bang voor zijn. Is de Bonak een reële dreiging of creëren wij zelf het gevaar?

De Britse auteur Daisy Johnson (1990) won met haar verhalenbundel Veenland uit 2016 direct diverse prijzen en was twee jaar later een van de jongste genomineerden voor de Man Booker Prize met Onder het water, nu vertaald door Callas Nijskens. Deze roman stopt mythologische angsten in een modern jasje. Het verhaal van Gretel, die de hoofdpersoon is maar toch een buitenstaander blijft bij het drama dat zich onder haar neus heeft afgespeeld, fungeert als omhulsel voor oeroude thema’s.

Opdiepen en terugroepen

Eén van de troeven van het boek is de manier waarop informatie over de personages slechts geleidelijk onthuld wordt. Het begint allemaal lichtjes verwarrend en voordat je iedereen bij naam kent en de onderlinge relaties begrijpt ben je al een goed eind op weg in de roman. Johnson reikt een leeswijzer aan door middel van de hoofdstuktitels, die zich telkens herhalen: ‘De rivier’, ‘Het huisje’ en ‘De jacht’. Onder de noemer ‘Het huisje’ vallen die gedeelten waarin Gretel terugkijkt. Ze spreekt haar moeder aan, die ze na jaren van afwezigheid heeft teruggevonden maar die nu schijnbaar kampt met een vorm van alcoholdementie. ‘Het vertellen van jouw verhaal lijkt eerder een daad van opdelven dan van simpelweg vastleggen. Er zijn momenten dat je stilletjes luistert. Er zijn momenten dat je me onderbreekt en dat onze twee vertellingen zich verweven, samenvallen.’

Gretel zit eerst en vooral met de vraag waarom ze op zestienjarige leeftijd werd achtergelaten door haar moeder Sarah. Terwijl de twee altijd samen waren opgetrokken, vooral in de tijd dat ze op een woonboot aan de rivier woonden, zonder bemoeienis van buitenaf. Zelfs de taal waarmee Gretel opgroeide was er een die niemand anders sprak, vol vreemde, verzonnen woorden, een taal die Sarah haar meegaf. Deze moedertaal isoleerde haar van de buitenwereld. Wellicht is het overcompensatie dat Gretel, inmiddels volwassen, nu woordenboekdefinities herschrijft en zich zo in dienst stelt van de officiële, door iedereen erkende wijze van uitdrukken.

Oog in oog met de mythe

Geleidelijk aan blijkt dat de langdurige verdwijning van Sarah in verband staat met een derde personage, Marcus. Deze Marcus woonde ooit gedurende een maand op de woonboot bij Gretel en Sarah. Het was tijdens een winter waarin andere rivierbewoners een voor een hun standplek verlieten omdat de omgeving niet langer veilig leek. Iets broeide er onder het wateroppervlak, dreiging hing in de lucht. Waar de jonge Gretel vooral het concrete gevaar ziet van een onbekend watermonster, de Bonak, die ze probeert in de val te lokken, draagt de mysterieuze Marcus een geheim met zich mee over onheil dat veel dieper gaat. Op knappe wijze weet Daisy Johnson lang in het midden te houden wat hiervan waar is en wat ingebeeld. ‘Wat het ook was dat door het kalme, koude water bewoog die winter, dat zich om onze dromen heen wikkelde en zijn geklauwde voetafdrukken in onze gedachten achterliet. Ik wil je vertellen dat hij misschien nooit was verschenen als wij hem niet verzonnen hadden.’

De intrige van Onder het water grijpt uiteindelijk terug op een bekende Griekse mythe, waarbij een zelfvervullende voorspelling fungeert als drijvende kracht achter het drama. Aan de lezer om te ontdekken hoe alles in elkaar grijpt. Thema’s als het lot en de vrije wil komen voorbij maar worden niet echt uitgewerkt. Modern is de feminiene gedaante die het oerverhaal aanneemt en ook actueel is de rol van transgender identiteit, hoewel hiervoor net zo goed geldt dat nadere uitdieping achterwege blijft. Meer dan een inhoudelijke toevoeging zijn het elementen die de mythologische vertelling naar het nu trekken. Het gaat wat ver om het, net als de handvol verwijzingen naar sprookjes (zoals de naam Gretel), louter sfeerelementen te noemen, maar je kan het zien als bouwstenen om het oude in een nieuwe vorm te gieten. Johnson schrijft het keurig op, in een taal waar weinig op aan te merken valt, behalve dat de beelden niet altijd even treffend zijn. Kraaien die zich verzamelen om dan weer uiteen te breken ‘als puzzelstukjes’, dat overtuigt bijvoorbeeld niet.

Oud en nieuw

Onder het water is een verdienstelijke debuutroman, die goed verteld wordt maar niet weet door te boren tot de diepste lagen van de thematiek. Daisy Johnson onderscheidt zich, mede daardoor, niet radicaal in de stapel van jonge auteurs waaruit te kiezen valt. Desondanks is het hybride-karakter van het boek, de mythische onderstroom die zich manifesteert in een hedendaagse verhaalvorm, best interessant en geslaagd.

 

Omslag Onder het water - Daisy Johnson
Onder het water
Daisy Johnson
Vertaling door: Callas Nijskens
Verschenen bij: Uitgeverij Koppernik (2019)
ISBN: 9789492313744
280 pagina's
Prijs: € 22,50

Meer van Reinier van Houwelingen:

Recent

10 augustus 2020

Een spannend en goed geschreven verhaal

Over 'Een week of vier' van Laura van der Haar
6 augustus 2020

Hoe lang mag rouw duren en wie bepaalt dat

Over 'Berichten van het front' van Anna Enquist
4 augustus 2020

In het schaduwland

Over 'Het glazen hotel' van Emily St. John Mandel
31 juli 2020

Een gast op deze aarde

Over 'Tarabas' van Joseph Roth
27 juli 2020

De kracht van een nylonkous

Over 'Dragman' van Steven Appleby

Verwant