Barbara Skarga – Na de bevrijding - Aantekeningen over de Goelag 1946-1956

Het pijnlijke verhaal van het goelaguniversum

Recensie door Ben Koops

Volgens de Russische schrijver en kampoverlevende van het Stalinisme Aleksandr Solzjenitsyn vormden de goelagkampen in psychologische zin een eigen wereld, een land bewoond door de zek, de gevangenen. En alleen wie daar geweest is kent de waarheid over die plek. Barbara Skarga, de Poolse filosoof die tien jaar in de goelag heeft doorgebracht en daarover heeft geschreven in Na de bevrijding, spreekt over het ‘goelaguniversum’. Dat vormt een wereld op zich, met een eigen taal en gebruiken, rituelen en afspraken. In dit ontluisterende verslag lezen we alles over de terreur en repressie van de Sovjetmachine.

Op 8 september 1944 wordt Skarga als ze met een andere koerier van het Armia Krajowa, een Poolse verzetsgroep, afspreekt, gearresteerd op grond van het beruchte artikel 58. Dat betekende dat ze als politiek gevangene werd beschouwd. Door de ‘mist van herinnering’ gaat Skarga op de tast van herinnering naar herinnering, hoe pijnlijk ook, om het verhaal te vertellen van die ‘kolossale absurditeit’ die haar en zovelen is aangedaan. De mens leeft bij zijn vermogen om te vergeten, schrijft Varlam Sjalamov in Berichten uit Kolyma. Het herinneren maakt voor Skarga de figuren weer even levend en zo richt zij een monument op voor alle goede mensen die ze in het kamp heeft ontmoet. Kan een mens nog leven, in deze ‘tussenruimte van het zijn’, vraagt zij zich af. De woorden doen nauwelijks recht aan deze geschiedenis, de ontmenselijking, het ontnemen van het recht om voor jezelf te denken, en de eindeloze kwellingen van de arbeid en de honger. Het is allemaal even pijnlijk om te lezen.

Het dogma van de spade

Skarga richt haar haat tegen het abstracte systeem. Ondanks alles niet tegen de mensen. ‘Een monsterlijk mechanisme dat elk mens brak die niet kon, niet in staat was, of niet bereid was de randen van zijn eigen zijn zo te polijsten dat hij toch maar in het systeem zou passen.’ Het systeem zette aan tot grote onverschilligheid tegenover alles wat niet werd voorgeschreven. Niemand verzette zich omdat ze heel goed wisten wat er gebeurde met werkweigeraars of dissidenten. Skarga omschrijft het sovjetisme als een kanker die het denken van de mens vergiftigt. Het meest afschrikwekkende was dat iemand bereid was alles te doen voor eigen voordeel, want het verblijf in de kampen brak ook langzaam de moraliteit van de gevangenen af, die zich vaak als criminelen of verklikkers ontpopten. Dan treedt langzaam de permissie voor en gewenning aan het kwaad in, wat Skarga een van de ergste gevolgen van het verblijf in het kamp noemt.

Wat men in de kampen leerde was niet de heropvoeding waar de Sovjetunie zo op hoopte, het was enkel overleven. In het kamp gold enkel de wet van de taiga en van het werk. Die werd opgelegd door het dogma van de spade en het pikhouweel. Je moest je aan de omgeving aanpassen en trachten iets van je waardigheid te bewaren. Want het werk bracht je snel om, zeker met de hongerrantsoenen die vaak net genoeg deden om je in leven te houden. Ontsnappen was een luchtspiegeling volgens Skarga. Waarheen zou je moeten vluchten in het bevroren hart van de taiga? Daarnaast was er de constante confrontatie met de lichamelijkheid van de ander. Daarom koesterde Skarga elk moment van eenzaamheid, wat tot ontroerende passages leidt.

Kamptaal en liefde

Skarga beschrijft nog een aspect van het kampleven, de unieke kamptaal. Te beginnen bij de banier die centraal in elk kamp hing: ‘Door eerlijk werken koop je je schuld af.’ Een nog meer cynische variant van het Duitse Arbeit macht Frei. De cultus van het werken werd met een fanatische gretigheid verkondigd. Zodat steeds de papieren wereld van de ideologie tegenover de werkelijkheid werd gesteld. ‘Als een mens toch eens van woorden zou kunnen leven’ schrijft Skarga, ‘zou dit het mooiste land op aarde zijn.’ Wat ook bij de kampeducatie hoorde was het sjoemelen met normen, regels en rapporten om eigen voordeel te behalen. In deze ‘zee van oneerlijkheid’ speelde de gevangene het spel handig mee. Leugenachtigheid was de standaard, maar meer als zelfverdediging dan als eigen overtuiging. Gehoorzamen aan het kampregime garandeerde in geen geval het overleven. In de ‘ketenen van de ideologie’ geklampt zal een mens zichzelf desnoods verloochenen.

Zelfs in de kampen bloeide er nog iets van liefde op. Er was de opportunistische soort gericht op bevrediging van lusten, en de meer idealistische variant die bekend stond als het kamphuwelijk. Ook prostitutie tierde welig in het kamp en met de vrije burgers daarbuiten.  Skarga beschrijft ook lesbische relaties met veel drama en afhankelijkheid, en zelfs een vrouw die zich als man identificeerde en kleedde. Toch was de kampliefde maar een surrogaat volgens Skarga, een strohalm om zich aan vast te klampen. Het liefhebben was een manier om menselijk te blijven. ‘De liefde is de menselijke opflakkering van de ziel in deze onmenselijke wereld.’

Filosofische blik

Als het gewone leven dan als een droombeeld eindelijk terugkeert, lijkt het leven in het kamp voor Skarga bijna reëler. Het Polen waar ze naar terugkeerde op 11 december 1955 was niet meer het land dat ze kende. De werkelijkheid en de geest waren beide gekoloniseerd door de Grote Broer. Gedreven door haar plichtsgevoel om te herinneren komt Skarga tot ontnuchterende conclusies. In het Rusland van die tijd volstond de kleinste misstap of onvoorzichtigheid om veroordeeld te worden. Denken zelf was bijna een misdrijf. ‘Welk land ontdoet zich zo van zijn eigen rijkdom?’ vraagt Skarga zich af. Miljoenen mensen werden voor lange tijd uit hun vaderland verplaatst. Sommigen keerden slechts terug als schaduwen van de personen die zij geweest waren, ‘maar,’ zegt Skarga ‘zelfs een schaduw kan de waarheid vertellen.’

Met een zekere distantie gaat ze langs de ontstellende feiten. Skarga is zeer gedetailleerd in haar beschrijvingen en nauwgezet in haar analyse. Dat is het meest waardevolle van Na de bevrijding, dat het zowel een persoonlijk verslag van de binnenkant van de goelag biedt als een goed doorwrocht onderzoek van wat het systeem ziek maakte. Skarga hanteert geen chronologie, maar diept langzaam beelden op uit de donkerte, beginnend bij het helderste in een prachtige, beeldende taal doorspekt met Russisch en het stigma van de kamptaal. Ze loopt er niet voor weg om alles in het harde licht van de werkelijkheid te bezien en heeft zelfs ruimte voor medelijden met de beulen. Die konden immers niet voor zichzelf denken.

Vanuit een filosofisch perspectief tracht Skarga nog enig licht te werpen op de beweegredenen en politieke omstandigheden die schuilgaan achter de processen. Ze ontrafelt en ontzenuwt de propaganda, maar zingeving kan ze in het systeem niet ontdekken. Een zekere verbittering maakt zich soms wel van haar meester, al benadrukt ze dat je moet blijven vechten voor de menselijke kracht. Door haar indrukwekkende getuigenis word je eraan herinnerd wat het betekent om mens te zijn onder onmogelijke omstandigheden. Als denker oriënteerde Skarga zich voornamelijk op het probleem van het kwaad. Onder invloed van onder andere Levinas, verkondigde ze vooral de waardigheid van het individu. Daarnaast is haar werk een pleidooi voor de waarde van de kunst en de troost van de literatuur.

Zelfs achter prikkeldraad kan men de menselijke wil niet volledig breken. Deze onverzettelijke wil is een triomf en een bron van kracht. Skarga bevrijdt zichzelf als het ware door haar werk. Al keert ze terug als een soort banneling en al vergaat de humor haar soms, ze kiest voor de filosofie en wordt hoogleraar. Daarmee biedt ze hoop aan volgende generaties en ‘hoop is de horizon van ons leven’ zo schrijft Alicja Gescinska in het verhelderende voorwoord. Dat zijn bepaald geen lege woorden.

 

 

Omslag Na de bevrijding - Aantekeningen over de Goelag 1946-1956 - Barbara Skarga
Na de bevrijding - Aantekeningen over de Goelag 1946-1956
Barbara Skarga
Vertaling door: Steven Lepez
Ingeleid door Alicja Gescinska
Verschenen bij: Uitgeverij De Bezige Bij 2022
ISBN: 9789403107226
432 pagina's
Prijs: € 34,99

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Ben Koops:

Recent

Aangrijpend mooi zelfportret van een buitenbeentje
18 mei 2024

Aangrijpend mooi zelfportret van een buitenbeentje

Over 'Oever' van Ludwig Volbeda
Zusterschap zonder macht van klasse of ras
17 mei 2024

Zusterschap zonder macht van klasse of ras

Over 'Feminisme is voor iedereen (herziene editie)' van bell hooks
Twee aan twee
15 mei 2024

Twee aan twee

Over 'De tranen van de stad' van Leo Pauw
Diepgravend onderzoek overschaduwd door zweverigheid
14 mei 2024

Diepgravend onderzoek overschaduwd door zweverigheid

Over 'Zwijgende vaders' van Tim Overdiek
Obsessief verlangen het verleden te reconstrueren
13 mei 2024

Obsessief verlangen het verleden te reconstrueren

Over 'Dit is jouw tijd' van Bertram Koeleman

Verwant