Aya Zikken – De Tanimbar-legende

Nooit meer los van Indië

Recensie door Rob Molin

Uit ‘het bewogen leven’ van Aya Zikken zoals haar biograaf Kees Ruys het kenschetst, valt Nederlands-Indië niet weg te denken. Die binding heeft zij gemeen met vele andere belangrijke schrijfsters zoals Hella Haasse, Maria Dermoût en Beb Vuyk. Aya Zikken groeide op in het interbellum waarvan een duidelijke neerslag zit in haar bekendst geworden roman De Atlasvlinder (1958). Zeer biografisch getint is ook het pas heruitgegeven De Tanimbar-legende (1992) die zich in een latere periode in Nederlands-Indië afspeelt. Het boek opent met een kort voorwoord van de auteur waarin zij stelt dat kinderen ‘hun ouders net zomin’ kennen ‘als ouders hun kinderen […] Wel hebben ze een beeld van elkaar. In deze roman gaat het om dat heel persoonlijke beeld.’

Kees Ruys toont in een nabeschouwing dat De Tanimbar-legende op autobiografische feiten teruggaat. In 1939 komt Aya met haar familie terug naar Nederland. Het gezin vertrekt weer naar Indië terwijl Aya achterblijft. Pas na de oorlog ziet ze haar familie – die allen in jappenkampen hebben gezeten – weer terug. In een verlangen naar het Tempo Doeloe van de jaren twintig en dertig, vertrekt haar vader vervolgens voor lange tijd naar de Oost. Zoals talloze landgenoten kon hij geen afscheid nemen van de intrigerende kolonie.

Na de Bevrijding van Nederland in mei 1945 maakte men zich op voor een nieuwe oorlog. De imperialistische Japanners hadden Indië verlaten en het gezag in de kolonie diende te worden hersteld. Uit de kampen doken de Hollandse ambtenaren weer op en verschenen de legertroepen uit Nederland ten tonele. Ook nieuwkomers in het bestuur stroomden toe die net als alle blanken een ongewisse toekomst tegemoet gingen. Vanuit deze achtergrond is De Tanimbar-legende geschreven. Bij monde van de uit Holland kersvers gearriveerde werktuigbouwkundige Jasper vertelt Aya Zikken vol ‘Dichtung und Wahrheit’ de geschiedenis van zichzelf, gesitueerd op het Molukse Kei Doela en Tanimbar, ver van het centraal gelegen Java en andere grote eilanden.

Van krijgsgeweld is in dit deel van de zogenoemde gordel van smaragd niets te bespeuren. Niettemin beseft Jasper dat het einde van een tijdperk nadert. Het door de wol geverfde duo kolonialen, de controleur Haantjes en de onderwijzer Johannes Morse op wie Jasper dagelijks is aangewezen, sluiten vaak de ogen voor de realiteit. Zij zijn verankerd in hun vertrouwde Nederlands-Indië en in koloniale belangen. Jasper daarentegen ziet dat de bevolking die belangen niet langer wenst te dienen. Eerder zwijgend dan openlijk maken zij kenbaar waardoor Jasper tot zijn teleurstelling ook met de eilandbewoners niet echt in contact treedt.

Op het punt van het verlangen naar volkomen communicatie sluiten het voorwoord van Zikken en passages in Ruys uitvoerige biografische aantekeningen bij elkaar aan. Ook het begin en het slot van de roman staan in zulk een ‘cyclische’ verbinding vanwege het accent op de vader-zoon relatie (lees vader-dochter). De vertelster-verteller bewaart in de eerste hoofdstukken een afstand tot de ambitieuze onderwijzer Morse vanwege de associatie met de al te eigenzinnige vader. In het laatste hoofdstuk ligt Morse op sterven en is er heel even een innige handreiking alsof van de eigen vader afscheid wordt genomen.

Zowel de schrijfster als haar biograaf onderstrepen het essentieel belang van autobiografische aanknopingspunten in De Tanimbar-legende aangaande de intentie van het boek. Door haar vader is zij uiteindelijk geworden wie zij is. Aan hem is een met Nederlands-Indië verbonden gespleten leven te wijten en te danken, als Fundgrube voor haar oeuvre.

In het werk van Aya Zikken draait het om schaarste aan verbintenis tussen mensen. Het is een thema dat Ruys in zijn schets van het latere leven van de schrijfster niet onderbelicht laat. Haar isolement in de oorlog, toen zij ver gescheiden van haar familie in Nederland bleef, leidde in de rest van haar leven tot eenzelvigheid en een daaruit voortvloeiende behoefte aan verstandhouding. Zo, weet Ruys, zonderde zij zich geregeld af op een geheim adres om te schrijven en hield zij haar reguliere woning aan om er terug te keren voor de broodnodige sociale contacten.

De Tanimbar-legende is opnieuw uitgegeven ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van reisboekhandel ‘De Evenaar’ in Amsterdam. Zowel de eerste druk van de roman als de oprichting van de zaak dateert uit 1992. Kees Ruys schreef ook een biografie over Zikken. Het bijna duizend pagina’s tellende boek, Alles is voor even. Het bewogen leven van Aya Zikken, werd in 2013 eveneens bij In de Knipscheer gepubliceerd, in het jaar dat de schrijfster op 93-jarige leven overleed.
Voor wie niet bekend is met het werk van Zikken, wachten – na het lezen van De Tanimbar-legende –  nog zo’n dertig titels en beslist ook haar lijvige biografie.

 

 

 

Omslag De Tanimbar-legende - Aya Zikken
De Tanimbar-legende
Aya Zikken
Nawoord door: Kees Ruys
roman
Verschenen bij: Knipscheer
ISBN: 9789062659609
228 pagina's
Prijs: € 17,50

Meer van Rob Molin:

Recent

22 juni 2018

Een bijzondere mengeling van absurditeit, humor en mystiek

Over 'Flesjes knallen' van Yu Hua
21 juni 2018

Mild vernisje over het schrijnende bestaan

Over 'De gulheid van de zeemeermin' van Denis Johnson
20 juni 2018

Joke van Leeuwen over de zin en onzin van het sluiten van grenzen

Over 'Hier' van Joke van Leeuwen
19 juni 2018

De verdediging van een wingewest

Over 'Koloniale oorlogen in Indonesië' van Piet Hagen
18 juni 2018

Gezin gezien door de ogen van de jongste zoon

Over 'Daal neder, engel' van Thomas Wolfe