Anna Enquist – Sloop

Therapiesessie in het hoofd van de hoofdpersoon

Recensie door Andrea Kučerová

Sloop, de nieuwe roman van Anna Enquist, heeft een intrigerend kaft: een op de rug gezien, robotachtig uitgevallen meisje houdt op een wat verkrampte manier iets vast wat een springtouw moet zijn, temeer er onder haar rug haar schoenzolen te zien zijn en daar weer onder een paar donkere benen. Het is een suggestie van een springende beweging en het beeld blijkt ook inderdaad een touwtje springend meisje voor te stellen. Een door Co Westerik in 1976 gemaakte muurschildering voor het politiebureau Haagseveer in Rotterdam, een achttien meter hoog kunstwerk dat samen met het politiebureau in 1988 werd gesloopt. Hoewel van begin af aan als tijdelijk bedoeld, ‘om rotplekken in Rotterdam op te fleuren’,  zoals Westerik in een interview zei, vond hij  het ‘toen het er eenmaal af moest… wel verdomd jammer’, maar was ook weer niet bereid om het elders nogmaals te maken, al werd het hem gevraagd.

Zelfbehoud door te componeren

Enquist’ roman opent met de scène van de vernietiging van deze muurschildering. Het eerste hoofdstuk blijkt met terugwerkende kracht ook in een notendop de thematiek van de hele roman te bevatten: een vrouw vecht voor zelfbehoud door te scheppen, te componeren in dit geval, doet iets waar ze goed in is en goed voor haar is, maar ze blijkt keer op keer weerloos tegenover een groot trauma dat ze meezeult. De tegenstellingen hoofd-lichaam, denken-voelen, inspiratie die vleugels geeft en verdriet dat naar beneden trekt vormen de stellage waarop het verhaal rust. Het klinkt heel sluitend. Misschien zelfs té sluitend. Deze waargebeurde sloop krijgt bij Enquist een dramatische lading die voor zo veel betekenissen staat, dat het geconstrueerd aandoet. 

De hoofdpersoon, Alice Augustus, is aan de ene kant een hoogbegaafde musicus die van jongs af aan volledig in haar werk kan verdwijnen en fantastische, door musici en publiek bewonderde composities maakt. Aan de andere kant is ze een doodeenzame vrouw, als kind zwaar beschadigd door haar veeleisende, kille  moeder, wier vernietigende rol ze als volwassene inmiddels geïnternaliseerd heeft en onophoudelijk op zichzelf loslaat. Begrippen als berusting, mildheid voor jezelf, zelfwaardering kent ze in theorie, maar ze kan er niets mee. Haydn, haar favoriete componist en voorbeeld, waardeert ze behalve om zijn muziek ook juist om zijn gave zich aan de werkelijkheid aan te passen en waardering uit zichzelf te halen, ondanks zijn eenzaamheid en tegenslag. Zij daarentegen, succesvol, geliefd, gerespecteerd, zoekt erkenning in haar omgeving en vooral in dingen die buiten haar invloedssfeer liggen.

Verlangen naar een kind

Het is dan ook niet verrassend dat ze geobsedeerd raakt door een kinderwens, die vanzelfsprekend niet op afroep vervuld wordt wat zij volgens innerlijke voorprogrammering als eigen falen en straf voor haar slechte inborst opvat.
De roman lijkt één lange therapiesessie die plaatsvindt in het hoofd van de hoofdpersoon. Ze blijft maar rondjes draaien, schiet er niets mee op. De lezer heeft ondertussen, zonder al te veel inspanning, het probleem wel  in de gaten. Er wordt ook niet veel ruimte voor twijfel, dubbele bodems en doordenkers gelaten, en uiteindelijk blijven er gemakkelijk te slikken brokken over. Misschien wel daardoor krijgen de op zich aangrijpende gebeurtenissen een wat pathetische lading. Waar komt ‘haar onbegrijpelijk verlangen naar een kind’ vandaan ‘als je zelf zo’n ongelukkig kind geweest bent’?, vraagt Alice zich af. De vraag stellen, is hem beantwoorden. Even verder wordt dit ook klip en klaar bevestigd: ‘Opnieuw geboren worden, in mijn dochter… Een enorme, concrete herkansing.’

Het kan gek lopen

Alleen bij het componeren is Alice eigenzinnig, zelfverzekerd, vaart ze op eigen intuïtie. Ze wordt van verschillende kanten gewaarschuwd dat met de komst van een kind de ruimte in je hoofd voor kunstzinnig scheppen verdwijnt, maar schuift deze, zichzelf straffend en boos als ze is, aan de kant. Zo blijft ze een tweedimensionaal personage zonder schakeringen terwijl de anderen om haar heen of kleurloos en onbestemd zijn, of maar één dimensie kennen. Zoals haar vriendin Svea, het prototype van de liefdevolle moeder (met uiteraard ‘een vriendelijk gezicht’) te midden van een volmaakt, vijfkoppig gezinnetje.

Soms raakt het verhaal een triviale snaar: het lukt Alice niet zwanger te raken in haar  vaste relatie, noch via een langdurig voortplantingstraject, maar een toevallige onenightstand leidt tot bevruchting. Het leven kan inderdaad gek lopen. En toch, geheel volgens verwachting komt Alice in het slot, tijdens de grootse première van haar laatste werk – een symfonie genaamd ‘Sloop’, geïnspireerd op de muurschildering van het touwspringende meisje uit het eerste hoofdstuk – erachter dat ze inderdaad (en alweer) een fout heeft gemaakt. En zo is de cirkel rond, maar ook plat. Waren er wat meer vragen onbeantwoord gebleven, dan was het boek wellicht wat interessanter geworden.

 

Omslag Sloop - Anna Enquist
Sloop
Anna Enquist
Verschenen bij: De Arbeiderspers (2021)
ISBN: 9789029545136
296 pagina's

Meer van Andrea Kučerová:

Doelloos

Over 'Rusteloos' van Casper Luckerhof

Recent

9 december 2022

Liefde en sterven in een mooi geschreven novelle

Over 'Als de liefde' van Theodor Holman
8 december 2022

Op zoek naar waarheid en onafhankelijkheid

Over 'De kwestie van de grilligheid van de verloren tijd ' van Rune Christiansen
7 december 2022

Smaakvol en leerzaam verhaal over hygiëne

Over 'Het mooiste boek van grote viezigheid - een onfrisse geschiedenis' van Monika Utnik-Strugata en Piotr Socha
6 december 2022

De eeuwige slang en de zachte klank van regen

Over 'Boekhandel in de bergen' van Alba Donati
5 december 2022

Het belang van de glimlach

Over 'Glimlach' van Sarah Ruhl

Verwant