Aart Hoekman – Mag de sirene aan?

Stem van J.M.A. Biesheuvel klinkt nog eenmaal

Recensie door Hans Vervoort

Op 30 juli 2020 overleed Maarten Biesheuvel (1939), die in de jaren zeventig en tachtig een groot lezerspubliek verwierf met verhalenbundels zoals ‘In de Bovenkooi’, ‘De weg naar het licht’, ‘De angstkunstenaar’, ‘De verpletterende werkelijkheid’, ‘Reis door mijn kamer’. Biesheuvel was bipolair en het leek wel of het schrijven van verhalen hem geen moeite kostte: in de manische schrijfbuien die hij had, reikte zijn brein hem die aan, tot jaloezie van andere auteurs die moesten zwoegen om gebeurtenissen en personages te bedenken en op papier te krijgen. 

Biesheuvel’s verhalen werden ook een onmiddellijk succes door de onweerstaanbare combinatie van werkelijkheid en fantasie die zijn brein voortbracht. ‘Een pandemonium van ongehoorde voorvallen en halfgare wendingen’ zoals Komrij bij zijn debuut In de Bovenkooi (1972) schreef. Het verzameld werk van Biesheuvel, in 2008 uitgegeven door Van Oorschot, telt liefst 2600 pagina’s en na zijn dood vond zijn uitgever sinds 2018, Aart Hoekman nog veel ongepubliceerde verhalen op allerlei plekken in Sunny Home, het houten huis in Leiden dat Biesheuvel en zijn vrouw vele jaren bewoonden.

Zijn schrijverschap duurde eigenlijk maar kort. Al in de 2e helft van de jaren tachtig leek zijn schrijfdrang te minderen. Nadat hij in 1991 een zware inzinking kreeg en voor de vierde keer gedurende enige tijd in een psychiatrische inrichting belandde, stopte de productie vrijwel geheel. De jaren die volgden bracht hij zo goed en zo kwaad als het ging door in Sunny Home, beschermd door zijn vrouw Eva en – continu sigaartjes rokend –  in gezelschap van de vele vrienden die hem bleven bezoeken, waaronder de schrijvers Mensje van Keulen en Maarten ’t Hart. Eind 2017 ging het weer mis en belandde hij opnieuw in de psychiatrische inbrichting. 

Enerverende jaren

Deze laatste periode van zijn leven, tot aan Biesheuvels overlijden, is het onderwerp van Mag de Sirene aan? Een indrukwekkend verslag door Aart Hoekman die veertig jaar bevriend was met de schrijver die hem ook vroeg om zijn biografie te schrijven. ‘”Vroeg” is niet het juiste woord, het was meer “droeg op”. In overleg met Eva werd besloten dat ik af en toe gesprekken zou opnemen met een iPad. Uiteindelijk leverde dat een geluidsband op van ruim twintig uur. “Onthoudt dat apparaatje het allemaal wel? Hoe kán dat toch allemaal”Die gesprekken gingen meestal over andere dingen dan “mijn biografie.”‘ Uiteindelijk werd het geen biografie, deze wordt geschreven door Erik de Bruin en is gepland te verschijnen in 2024. 

‘Mag de sirene aan?’, vroeg Biesheuvel toen hij in oktober 2017 vervoerd werd naar de psychiatrische inrichting Rivierduinen (het mocht niet). En dat is dus de titel geworden van Aart Hoekmans boekje dat zich beperkt tot een zeer geserreerde beschrijving van de laatste jaren van het leven van Maarten Biesheuvel en dat daarnaast dankzij de gemaakte geluidsopnamen een mooi beeld geeft van het karakter van de schrijver.

Het waren enerverende jaren, want terwijl Biesheuvel in de kliniek verbleef en behandeld werd, kreeg Eva het idee om een keuze uit het verzameld werk te maken en die verhalen te bundelen onder de titel ‘Verhalen uit het gekkenhuis’.  Uitgeverij Van Oorschot zag daar  – schrijft Aart Hoekman – niets in en daarom werd het een uitgave van Hoekman’s uitgeverij Brooklyn. In september 2018, een week nadat Biesheuvel was ontslagen uit de kliniek werd het gespresenteerd en enkele weken later mocht hij optreden in DWDD. Dat werd een succes en van een al bijna vergeten auteur werd hij ineens weer een beroemdheid en het boek een toptien-succes. Een mooie tijd leek aan te breken maar twee maanden later kreeg Eva een hersenbloeding en overleed. Daarna hield Biesheuvel het bestaan nog een tijdlang moeizaam vol, het ene sigaartje na het andere rokend, al dan niet met vrienden. Maar een val in zijn slaapkamer was het begin van het einde, dat in juli 2020 tot zijn grote opluchting kwam.

Waar kwamen die verhalen vandaan

‘Ik praat wel veel, hè?’, kan de lezer beamen als hij de hoofdstukken leest met fragmenten uit de 20 uur geluidsopnamen die Hoekman maakte. Maar het zijn wel boeiende teksten. Pratend over zijn schrijverschap is het net alsof Biesheuvel zelf ook niet snapt waar al die 2600 pagina’s verzameld werk vandaan zijn gekomen. Zoals hij het vertelt lijkt het alsof er ‘artificial intelligence’ in zijn hoofd zat, de computer-intelligentie die zó een paar dozijn verhalen voor je schrijft in elke gewenste stijl en op elk thema dat je opgeeft. Hij is er wel trots op dat ze hem ‘beroemd’ hebben gemaakt, maar de ontstaansgeschiedenis is hem – op een uitzondering na –  niet duidelijk meer. Dat maakt het ook begrijpelijk dat hij en Eva van veel verhalen na hun publicatie domweg het spoor bijster waren totdat in de jaren tachtig een jonge bewonderaar, Aart Hoekman, een bibliografie maakte van alle gebundelde en nog niet gebundelde verhalen. 

Mag de sirene aan? geeft ook een goed beeld van de persoonlijkheid van de schrijver. Een onberekenbare, want bi-polaire persoon die geen enkele empathie met anderen toont, eigenlijk alleen met zichzelf bezig is en zich ook op een hoog voetstuk zet als ‘beroemd schrijver’, dat is iemand waar velen met een grote boog omheen zouden lopen. Maar het boek laat zien dat heel veel mensen om hem gaven. Kennelijk was Biesheuvel in de omgang aardiger (en misschien ook hulpbehoevender) dan uit de geluidsopnamen blijkt.  

Stem van de schrijver weerklinkt

Toch blijft het wonderlijk dat zoveel mensen accepteerden door Biesheuvel behandeld te worden zoals Hoekman beschrijft, hemzelf inbegrepen: Hem niet durven tegenspreken, stompen van hem krijgen zonder ze te retourneren, weggestuurd en weer teruggeroepen worden, hij beschrijft het droogjes ,als iets normaals. Hoe centraal het welzijn van Biesheuvel kennelijk voor iedereen stond is te lezen op pagina 62. Eva is opgenomen in het ziekenhuis en Hoekman schrijft: ‘Het bleek een hersenbloeding te zijn. Maarten is zaterdag, zondag en maandag bij  Eva op bezoek geweest in het LUMC. Die zondag reden we samen naar het ziekenhuis. Aansluitend schreef ik op de groepsapp die in allerhaast was aangemaakt voor vrienden en familie: “Maarten houdt zich bewonderenswaardig kranig.”‘ Over Eva’s conditie van dat moment geen woord. Het schetst de gewoonte om vooral Biesheuvels conditie in de gaten te houden. En vermoedelijk zou Eva dat ook doen als ze het op dat moment had gekund.

Mag de sirene aan? telt slechts 95 pagina’s, maar het is Aart Hoekman in dat kleine bestek goed gelukt Maarten Biesheuvel weer tot leven  te brengen via zijn eigen uitspraken. Hoekman zelf blijkt een uitstekend schrijver te zijn, geen woord te veel of te weinig. Zie de beschrijving van de laatste momenten van Maarten na het toedienen van de euthanasie-medicatie: ‘Veertig jaar eerder rookte ik mijn eerste sigaartje met hem. Nu rookt hij zijn laatste sigaartje met mij. Hij zakte meer en meer weg. Roken ging niet meer. Wel bracht hij nog een keer zijn trillende, lege rechterhand naar zijn mond een tuitte zijn lippen. Hij gleed weg.’ Mooi boek.

 

 

Omslag Mag de sirene aan? - Aart Hoekman
Mag de sirene aan?
Aart Hoekman
Verschenen bij: uitgeverij Brooklyn
ISBN: 9789492754400
95 pagina's
Prijs: € 13,50

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Geef een reactie





 

Meer van Hans Vervoort:

Recent

Kleinkunst, maar dan groots
4 januari 2024

Kleinkunst, maar dan groots

Over 'Ruitjesblues' van Jan Beuving
Den Ouden lees je kwispelstaartend
27 december 2023

Den Ouden lees je kwispelstaartend

Over 'Visioenen' van Martijn den Ouden
Beste boeken van 2023
26 december 2023

Beste boeken van 2023