20 maart 2017

Goudvissen en beton – Maartje Wortel

De zee in Tilburg

Recensie door Martenjan Poortinga

Tijdens het TILT-festival in 2016 (het grootste literaire festival in het zuiden van het land) was Maartje Wortel Writer in Residence in Tilburg. Naar aanleiding daarvan schreef ze de tekst Goudvissen en beton: geen verhaal, geen novelle, geen roman, maar wat dan wel? Inderdaad, een tekst.

Goudvissen en beton is een prachtig vormgegeven, klein boekje. Omslag, zetwerk en alle illustraties zijn door de Tilburgse kunstenaar Janine Hendriks gemaakt, in blauw, dezelfde kleur als de auto waarmee Maartje naar Tilburg is gereden en waarover ze in een interview zegt dat het haar huiskamer en haar inspiratiebron is.

De kern is Tilburg. Dat is waar alles omheen beweegt.
Je moet er gewoon ingaan. Anders snap je er niets van.
Tilburg: de stad die is als een dekbed waaruit jij net bent opgestaan.’

Goudvissen en beton wordt verteld door een ik-personage dat vertelt dat haar vader per toeval (hij ontkent dat) in Tilburg is terechtgekomen. Hij gelooft in ketendenken. Daarom begint de ik bij hem; zonder hem kende ze de jij aan wie ze dit verhaal vertelt, niet. ‘De ene waarheid vloeit voort uit de andere waarheid.’
Haar vader vestigt zich in Tilburg, hij ontmoet in de kroeg gelijkgestemden, voelt zich er thuis en blijft. En nu is de ik hier en vertelt ze het verhaal aan de jou, die uiteindelijk haar geliefde wordt/blijkt te zijn/is.

Deze tekst is, behalve een ode aan de stad Tilburg en een hommage aan de vader van de ik, ook nog een liefdesverhaal. Het beschrijft de ontmoeting tussen twee geliefden. Ze worden verliefd bij een werk van Anish Kapoor, het geverfde zwarte gat op de grond in Museum De Pont in Tilburg. De ik ontdekt het kunstwerk, gaat keer op keer terug: ‘Hoe ruimte en tijd daarin verdwenen, alsof het een geheime opening was.’. Bij een van die gelegenheden staat de jij opeens naast haar en kijken ze samen: ‘We keken allebei naar het gat en ik weet dat jij de eerste was die precies hetzelfde zag als ik.’.

Daarnaast verwerkt de ik de invloed van haar vader op haar leven; ze schaamt zich voor hem, maar is ook trots op hem. In veel opzichten lijkt ze op hem. En ze verwerkt de dood van haar moeder, die tegelijkertijd een leegte en een troost achterlaat. Ze beschrijft hoe verloren ze zich voelt na haar moeders dood, totdat ze haar geliefde ontmoet.

De tekst stelt veel filosofische vragen en werpt raadsels op, bijvoorbeeld: ‘Wat als je niet denkt: ik kom naar huis. Is je huis dan nog wel je huis?’ Of: ‘Ik kan laten bestaan wat je niet kunt zien, zoals de zee in Tilburg.’ Of: ‘Er zit een groot verschil tussen echt willen en het denken dat je het wilt.’
Het mag dan weliswaar een korte tekst zijn (nog geen 50 pagina’s), de lezer wordt gedwongen aandachtig te lezen: de denktijd is lang. Het is een tekst die heel erg associatief is: gebeurtenissen volgen elkaar niet logisch op, maar worden veroorzaakt door ideeën, gedachten, observaties en herinneringen.

De aandacht die van de lezer wordt gevraagd, of zo je wilt, het meespringen in herinneringen en tijd, vergt veel concentratie. Dat maakt deze tekst lastig, maar ook boeiend. Als je het boekje uit hebt, ben je nog net zo ver als aan het begin en toch ook niet: je bent meegevaren op iets wat door iemand als heel persoonlijk is ervaren; je deelt in een privé-gebeurtenis.
De tekst is geschreven in een soort lichamelijke taal: alle zintuigen en lichaamsdelen spelen een rol, krijgen hun eigen taal en geven sfeer aan de tekst. Je weet niet alleen wat de ik voelt en ziet en hoort, maar ook hoe anderen ruiken, hoe situaties binnenkomen, hoe anderen kijken en zien.
Deze tekst is dus niet een lekker verhaaltje voor het slapen gaan: het is een oefening in geduld en concentratie.

Lezers die eerder werk van Maartje Wortel hebben gelezen, zoals de verhalen in Dit is jouw huis of de roman IJstijd, zullen even moeten schakelen. Maar als je je overgeeft, er ‘in’ gaat zoals de schrijver van je vraagt, en mee kunt bewegen met de schrijver, staat je een bijna ontroerende ervaring te wachten.

‘…uiteindelijk blijft er niets over dan goudvissen en beton, wat heel mooi klinkt, maar moet je eens kijken hoe zoiets uiteindelijk gaat.’

Kijk op www.tilt.nu voor meer activiteiten. Yves Petry is de nieuwe Writer in Residence.

Goudvissen en beton
Maartje Wortel
Verschenen bij: Das Mag Uitgeverij
ISBN: 9789492478030
50 pagina's
Prijs: € 4,95

Meer van Martenjan Poortinga:

12 september 2017

Belcampo revisited

Over 'Verrassing' van Etgar Keret
22 juni 2017

Een lekker tussendoortje

Over 'De spionne' van Jean Echenoz

Recent

21 november 2017

Reizen in een binnenwereld

Over 'en toen aten we zeehond' van Nicoline Timmer
20 november 2017

Het leven ontwijken

Over 'Kraaien tellen' van Lucas de Waard
17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef
14 november 2017

Diepe emoties in weloverwogen zinnen met originele beelden

Over 'Binnenplaats' van Joost Baars