Prachtig memoir

Je weet over de ontbossing van het Amazonewoud. Door houtkap, bosbranden. Je tekent petities, doneert aan Greenpeace. Daarna ga je over tot de orde van de dag. Doet de dingen die je doen moet. Dat zegt iets. Over de erge dingen die er in de wereld gebeuren, maar die je niet direct raken. Elke ochtend sta je op, maakt koffie, laat de kat buiten, maakt een boodschappenlijstje, verstuurt een appje. Dat is jouw realiteit. Dan lees je de ‘memoir’ van een Braziliaanse oud-trucker, door de zoon opgetekend. De vader genoot als kind een paar jaar onderwijs, ging toen op het land werken. ‘Ik heb dus van mijn zevende tot mijn veertiende op de trekker gewerkt, van mijn veertiende tot mijn eenentwintigste ongeveer als automonteur en op mijn tweeëntwintigste ben ik gestopt als monteur en de baan op gegaan.’

De zoon (1984) is gepromoveerd, doceert sociologie en politiek aan de universiteit van São Paolo. Hij heeft zes lange gesprekken met zijn vader gevoerd. ‘Ik hoor hem graag praten over alledaagse zaken, over de indrukken en kleine dingen van het leven.’ Hij zoekt naar ‘het wezen van de geest’.

Een boek over een vader, verweven met de infrastructuur van het grootste land van Zuid-Amerika, Brazilië. Zoals het grootste project dat Brazilië vooruit moest helpen. ‘De Rodavia Transamazônica (BR-230), een megalomaan project om de Atlantische Oceaan over land te verbinden met de Stille Oceaan, beloofde het land in het begin van de jaren zeventig op te stuwen naar grote hoogte.’  

De vader vertelt: ‘Om ‘n truck te besturen in ‘t Amazonegebied, in de tijd dat de boel daar werd ontsloten, moest je ‘n avonturier zijn. Restaurants en winkels waren er bijna niet, alleen van die kraampjes langs de weg.’ En ook: ‘Eind jaren zestig waren d’r al veel houtzagerijen, maar toen er meer wegen kwamen, ontplofte de houthandel zowat. Als je [in die tijd] door Acre reed, zag je alleen maar van die lange colonnes vrachtwagens met boomstammen, overal. (…) Ik vond toen al dat ze de boel naar de knoppen hielpen. ‘t Leek me geen goeie zaak, maar in die tijd zei niemand er wat van, iedereen dacht dat het regenwoud niet kapot kon.’ 

De zoon weet: ‘Aan de arbeiders die werden aangetrokken door deze uitdijende grenzen werd het kappen van het regenwoud verkocht als de onvermijdelijke route naar collectieve vooruitgang en een beter leven.’ De vader raakte tijdens de halve eeuw dat hij met zijn vrachtwagen Brazilië doorkruiste aan de belangrijke zaken die het land zo verdeeld hebben. ‘Mijn vader heeft in het begin van de jaren zeventig tientallen keren door het gebied langs de rivier de Araguaia gereden. Daar, tussen het zuidoosten van Pará en Tocantins, woedde een schrijd tussen het militaire bewind en een stel jong revolutionairen en plaatselijke boeren, die resulteerde in een van de bloedigste hoofdstukken van de Braziliaanse dictatuur.’

De mengeling van de onopgesmukte verhalen van de vader en de wetenschappelijke visie van de zoon maken het tot een bijzonder boek. Het zijn de verhalen van de vader die je wakker schudden. Alsof er een kaart wordt opengevouwen, de geografie van een man en zijn land zichtbaar wordt. Dit boek is een prachtig essayistisch memoir. Een liefdevol portret van een vader, een kritische beschouwing van Brazilië. Lees het.

 

 

Wat van mij is / José Henrique Bortoluci / vertaling Marilyn Suy / De Arbeiderspers


Inge Meijer is een pseudoniem. Zij schrijft over boeken als steunpilaren van het leven en over ontdekkingen in de marges van de literatuur.

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Inge Meijer :