Paul Auster (1947-2024) lezen

Ik was in Den Haag in de week dat Paul Auster overleed. In de boekenkast waar ik logeerde zag ik Bericht uit het innerlijk staan. Een autobiografie over zijn opgroeien, zijn perceptie van het leven, van Amerika. Nu hij gestorven was, zag ik pas goed dat Auster in dit boek de vorming van zijn wereldbeeld beschreef. Als een bewonderd schrijver sterft, spreken zijn boeken des te meer. Ik lees en herlees, haal ik er meer uit dan bij eerdere lezingen. De dood is de ‘final countdown’, geen dagen, geen uren, niets wordt meer toegevoegd. Auster werd zich al jong bewust van zijn eigen sterfelijkheid. Hij schreef erover in verschillende boeken, hoe een jongen tijdens een zomerkamp door de bliksem werd gedood. ‘Ik was 14 en werd mij er op dat moment van bewust hoe fragiel en onvoorspelbaar het leven is.’ Ook in Bericht vanuit het innerlijk wordt dit genoemd in een opsomming van voorvallen die hem gevormd hebben. 

‘In de zomer [van 1961] werden de Freedomridders, die met bussen door het Zuiden trokken, door blanke groepen in elkaar geslagen, pleegde Hemmingway zelfmoord, en werd op een zomerkamp in de bossen van New York State een jongen uit jouw groep dodelijk door de bliksem getroffen, de veertienjarige Ralph M., die nog geen halve meter van je afstond toen de bliksemflits uit de hemel schoot en hem elektrocuteerde, en hoewel je redelijk gedetailleerd over deze gebeurtenis hebt geschreven (Why write?) ben je altijd blijven denken aan wat er die dag is gebeurd, het is je er altijd aan blijven herinneren hoe je daarna de wereld bent gaan zien, want het was je eerste les in de alchemie van het toeval, je eerste kennismaking met de onmenselijke krachten die in een oogwenk je leven kunnen vernietigen.’

Later, toen ik thuis was, zocht ik naar het kunstboek Double Game, van de Franse kunstenares Sophie Calle. Wat had dat ook weer met Paul Auster te maken? Zo gauw ik het opensloeg, de gefotografeerde pagina’s uit Austers roman Leviathan zag, wist ik het. Een personage in Leviathan, Maria, is gebaseerd op Sophie Calle. Auster was gefascineerd door haar conceptuele kunst en gebruikte in zijn boek feiten uit haar leven, maar verzon ook kunstprojecten in de stijl van Calle’s werk. Zo laat hij Maria allerlei objecten van vreemdelingen fotograferen om daaruit de werkelijke aard van hen te reconstrueren. 

Als antwoord op hoe zij in zijn roman werd geportretteerd, maakte Calle later Double Game. Er is sprake van eenkleurige maaltijden die Maria zou bereiden, voor elke dag een andere kleur. Calle creëerde die maaltijden, voegde er dingen aan toe, fotografeerde ze. Ook fotografeerde ze pagina’s uit Leviathan waarin ze eerst met rode pen correcties had aangebracht.

 

Paul Auster schreef met vulpen op ruitjespapier (dit is belangrijk). Als hij een alinea af had, typte hij die uit op zijn tweedehands Olympia typemachine (de toewijding). Je zou zo’n schrijver (denk ook aan Brouwers) willen zijn. De getypte vellen werden door iemand anders in de computer ingevoerd, waarna Auster de prints corrigeerde. Uit Bericht vanuit het innerlijk: ‘Ik woon in mijn schrijven – het verteert mijn gedachten. Ik heb een hoop ideeën, plannen tegelijk – zodra ik maar even vrij ben, spelen ze door mijn hoofd; ik ben voortdurend aan het verfijnen, bijstellen, en concentreer me tegelijkertijd op datgene waar ik momenteel mee bezig ben…’ Er was veel waaraan hij nog wilde werken.

Ik lees Brooklyn dwaasheid, waarin Nathan, in tegenstelling tot Auster zelf, niet rookt, al jong longkanker krijgt. Een klein detail uit een roman over drie vrienden die elkaar door het leven helpen. Een van de vrienden, Tom krijgt naar het einde van het boek een nieuwe relatie die hem zo goed bevalt dat hij tien kilo aan overgewicht verliest. Zijn vrouw Honey kookte voor hem gezonde maaltijden. ‘[…] er was geen sprake van dat Honey hem uitputte, hem kort hield of zijn geest verstikte. Langzaam maar zeker veranderde ze hem in de man die hij al die tijd in potentie al was.’ Dat is mooi hoe Auster deze vrouwelijke neiging de man te corrigeren, beschreef. Uit zijn boeken spreekt een zekere tederheid.

Bij de verschijning van Austers laatste boek, Baumgartner was hij al een jaar ziek. Wat begon als longontsteking, bleek longkanker. In zijn vijftigjarig schrijverschap publiceerde Auster meer dan dertig werken, fictie en non-fictie en vertaalde verschillende boeken vanuit het Frans. Lees zijn boeken, van voor naar achter. Austers vertelkracht is groot, dingen rijgen zich aaneen, leiden je ergens heen waar je niet eerder was, uiteindelijk kom je altijd bij Auster zelf uit.

 

 

Bron: Volkskrantinterview door Hans Bouman.
Recensie van Baumgartner


Inge Meijer is een pseudoniem, schrijft over boeken en haar ontdekkingen in de marges van de literatuur.

Om Literair Nederland draaiende te houden, zijn wij afhankelijk van vrijwillige bijdragen. U kunt ons steunen via de rode knop. Waarvoor onze hartelijke dank!

Meer van Inge Meijer: