12 mei 2009

Onlangs verschenen: 'Het vergeten gezicht' – Solange Leibovici

In een Amsterdams verzorgingshuis ligt een oude vrouw op sterven. Haar dochter probeert het leven van haar moeder te begrijpen, onduidelijke periodes en geheimen te reconstrueren. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werkte de moeder in een Duitse munitiefabriek, in het plaatsje Zeven. Daar was ook een werkkamp waar Franse krijgsgevangenen te werk werden gesteld. De Nederlandse vrouw en een Franse man ontmoeten elkaar en worden verliefd. Als zij na de oorlog trouwen, moeten ze leren leven met hun trauma’s. Tien jaar later sterft de man in Parijs aan de gevolgen van zijn verblijf in het strafkamp. De vrouw blijft achter met twee dochters.
In Amsterdam probeert zij een nieuw leven op te bouwen, maar het verleden blijft haar achtervolgen. Angsten en schuldgevoelens bepalen de wijze waarop het verleden wordt herbeleefd. De dochter tracht de levens van haar ouders te begrijpen, maar ze moet zich tevreden stellen met een onvolledig beeld, want er zijn altijd weer stemmen die vanuit een andere invalshoek nieuwe verhalen toevoegen.

Fragment:
Zeven. Zo heet het plaatsje. Het ligt tussen Bremen en Hamburg, bij de Lüneburgerheide. Op 8 september 1944, in de dagen van paniek na Dolle Dinsdag, stapt Frederika in Amsterdam op de trein. Ze heeft een koffertje met kleren bij zich en een paar foto’s van haar ouders en haar broer Cas. Ze is bang om langer in Amsterdam te blijven, ze is ook bang om weg te gaan, maar Mussert heeft daartoe opgedragen en Bas hamert erop dat ze de bevelen moeten opvolgen. Bas zegt dat ze vast moet gaan, hij blijft nog een paar dagen rondkijken en dan komt hij. Zijn ouders zijn al naar Duitsland gevlucht. De reis is niet ongevaarlijk: verschillende treinen zijn door de Britse luchtmacht beschoten. Frederika weet niet waar ze heen wordt gebracht, maar ze is blij dat ze niet via Westerbork hoeft. Daar was eerst sprake van geweest, en ze dacht weer aan de twee Joodse meisjes bij haar in de straat. Ze gaat via Utrecht en dan naar Doetinchem, waar de groep wordt opgevangen door vrouwen van NSVO. Daarvandaan wordt gezorgd voor verdere evacuatie naar de Gau Osthannover oftewel Lüneburg. Ongeveer 65.000 mensen zijn gevlucht, 35.000 van hen zijn richting Lüneburg gestuurd.
Op 16 september wordt ze ingeschreven bij de gemeente Zeven en bij een boerin, Hildegard, gehuistvest, iets buiten het stadje. In tegenstelling tot andere bewoners van Zeven, die zich wat vijandig tegenover de nieuwe bewoners opstellen, is de boerin vriendelijk en ze kunnen het goed met elkaar vinden. Frederika helpt op de boerderij, waar Franse gevangenen aan het werk zijn, en ze leert Duits. Op 21 oktober moet ze verhuizen. Ze wordt tewerkgesteld in de munitiefabriek, de Heeresmunitionsanhalt Zeven-Aspe, de Muna, want vrouwen zonder kinderen moeten zo snel mogelijk in het arbeidsproces worden ingeschakeld. Ze wordt in het barakkenkamp bij de fabriek ondergebracht. In de barakken is geen privacy, alle nationaliteiten lopen door elkaar. In het begin slapen de vrouwen op stro, later komen er britsen. De sanitaire voorzieningen zijn zeer gebrekkig: koud water en één kraan voor vijftig vrouwen, een gat in de grond om je behoefte te doen. Er is gebrek aan eten, winterkleding en medische zorg. Maar de meeste vrouwen zijn jong en sterk en ondanks het gebrek aan voedsel en, wanneer de winter inzet, de bittere kou, wordt er ook veel gelachen.
Fredrika ontmoet vrouwen uit Rusland, Polen en Italië die daar als dwangarbeidsters werken. Zij raakt met enkelen van hen bevriend, ze leert een paar woorden Russisch. Er is één groot verschil: zij mogen het kamp niet verlaten, terwijl Frederika na het werk vrij is om de poort uit te lopen en naar Zeven te gaan. Daar is nauwelijks iets te beleven. Er zijn geen jonge mannen, die zijn naar het front. Ze ziet weleens een commando langslopen van krijgsgevangenen die onder bewaking naar hun werkplek gaan, maar daar mag je niet mee praten. Met de NSB-vrouwen wil ze niets te maken hebben. Die noemen elkaar nog altijd ‘kameraadske’ en volharden, tegen beter weten in, in hun trouw aan de grote leider. En dan die NSVO-dames, zoals die dure mevrouw Couzy, die de kampen bezoekt en vraagt of er problemen of klachten zijn. Nee hoor zegt Frederika, het is hier geweldig, net een luxe hotel, prachtige kamer, lekker eten, waar zouden we over moeten klagen? Mevrouw Couzy houdt nog een kort toespraakje: de vrouwen moeten niet omkijken naar het verleden, maar zich richten op wat er nog is. In zijn kersttoespraak heeft Mussert de verwachting uitgesproken dat het nationaal-socialisme onder leiding van de Führer de overwinning zal boeken. Ja hoor, mompelt Frederika zachtjes voor zich uit, je tante…

Solange Leibovici:
Solange Leibovici is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. Zij publiceerde op het gebied van literatuur en psychoanalyse. Als freelance medewerkster schreef zij voor de Volkskrant en De Groene Amsterdammer. Eerder publiceerde zij o.a. een autobiografische roman en een bundel literaire essays. (website Arbeiderspers)

Lezing bij de SLAA
Op 26 mei organiseert de SLAA de lezing Familiegeheimen, schrijvers over hun dilemma’s naar aanleiding van Het vergeten gezicht. Tijdens deze avond zullen Rob van Essen, Joosje Lakmaker, Solange Leibovici en Koen Hilberdink aan het woord komen. De lezing begint om 20 uur in De Balie in Amsterdam. Voor meer informatie: www.slaa.nl

Solange Leibovici, Het vergeten gezicht. Arbeiderspers, 240 p., € 19,90

Recent

16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

13 oktober 2017

Leven zonder moeder

12 oktober 2017

Een antikrimi

11 oktober 2017

De stijl tekent de man

Literair Nederland - 10 jaar geleden

22 oktober 2007

Klein boek zonder enige allure
Door Frans

Waarom gaf de commissie – Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek – aan Geert Mak de opdracht om het boekenweekgeschenk 2007 te schrijven? Vermoedelijk vanwege zijn succes met de dikke pil ‘In Europa’. Zou Mak daarom als onderwerp voor zijn boek de Galatabrug, die Europa met Klein-Azië verbindt, gekozen hebben?

Lees meer