Lezen doe je in stilte. Het is een ideale bezigheid voor mensen die de eenzaamheid verkiezen. Het cliché luidt overigens dat je bij het lezen nooit alleen bent: je bent immers in gesprek met de schrijver. Het fijnste is om op een mooie zomerdag buiten te lezen. Onder de parasol of – beter nog – onder een boom, als je die in je tuin hebt staan. Het is iets om je op te verheugen: de badwaterwarmte van de atmosfeer, een zacht zomerbriesje dat af en toe een beetje koelte aanwaait, de dromerigheid van zo’n zomerdag die zich vermengt met woorden.

Enthousiast installeer ik mij op zo’n dag in een oude tuinstoel met het zorgvuldig uitgekozen boek en dan weet ik opeens weer hoe het werkelijk is. Buren krijgen bezoek waarbij er om het hardst moet worden gepraat en gelachen. Het zwembadje wordt opgepompt en de lucht even daarna gevuld met uitzinnig kindergekrijs. Het springkussen is een standaard bron van onrust. De opdringerige geur van de barbecue kringelt algauw mijn neusgaten binnen. Het gezinsleven is meer dan ooit een kermis.
Al die tijd probeer ik me te concentreren op mijn roman. Er komt niets terecht van het gesprek met de schrijver: flarden geleuter komen tussen zijn goed geplaatste woorden terecht. Ik zou willen dat er geluidswallen om mijn tuin stonden in plaats van houten schuttingen.

Dan besluit ik er iets van te zeggen, weer later toch maar niet. Het is per slot niet altijd zomer. Hoewel, met de zomers van tegenwoordig? De dag daarop is het weer raak. Urenlang. Ik krop mijn woede op. Val ik hén soms lastig? Mijn verbeelding wordt nu alleen nog maar aangewakkerd door de buren en neemt steeds onfrissere vormen aan. Het begint met de tuinslang om de overlast weg te vegen met dikke waterstralen. De meurende barbecue te blussen.
Maar natuurlijk ga ik op een gegeven moment gewoon naar binnen. Het is er koel. De boeken uit mijn boekenkast staren me onbewogen en verstandig aan. Er gaat een enorme rust van uit. Voordat ik mij ongestoord in mijn boek verdiep, denk ik nog even aan Maarten ’t Hart, die het meest van de maand november houdt. Dan kun je ongestoord lezen. Buiten valt druilerige regen of hangt een kille mist waarin niemand zich waagt. Ook dat is mijmerweer.

 


Mathijs van den Berg volgt de literaire ontwikkelingen op de voet, maar laat zich evengoed inspireren door schrijvers en dichters uit het verleden.