Menno Wigman nieuwe stadsdichter van Amsterdam

Donderdag jl. werd  de nieuwe stadsdichter van Amsterdam, gekozen door het Amsterdamse stadsdeel Centrum, bekend gemaakt. Menno Wigman (1966) zal voor de komende twee jaar de stad en de gebeurtenissen in de stad in dichtvorm becommentariëren en boekstaven. Wigman is hiermee de vijfde stadsdichter en daarmee de opvolger  van F. Starik, Mustafa Stitou, Robert Anker en Adriaan Jaeggi (1963-2008).

Het eerste optreden van Wigman als stadsdichter was direct vrijdagavond 27 januari al, tijdens VerseBeats 2.0 in The Sugar Factory. Deze avond nam burgemeester Eberhard van der Laan afscheid van Starik en stelde Roeland Rengelink, lid van het Dagelijks Bestuur stadsdeel Centrum, de nieuwe stadsdichter officieel aan. Waarbij Wigman zijn eerste gedicht in deze nieuwe functie voordroeg:

Waar ik woon

Het sneeuwt. De grachten zijn, al sneeuwt het, goor.
Het afvalwater, lees je, zit vol coke.
De heupen van de stad zijn warm en vol.
Een dronken Duitser geeft een pakje door.
Drugs hebben honger. Onze driften ook.

Het sterft van meisjes, mooi en slim en strak,
die eeuwig als de Amstel naar de stad
toe trekken, koppig is hun stroom en steil
hun droom van hartstocht en een beter bed.
Zo ruikt elk uur naar seks en intellect.

Het sneeuwt. De kroegen zijn vol kansgezichten.
Drugs hebben honger. Onze lusten ook.
Wat ik niet kréég. Wat ik niet nám. De stad
waar ik de liefde openreet en steeds
gedichten schreef, die stad heet Amsterdam.

Wigman won tien jaar geleden de Jan Campert-prijs en de gedichtendagprijs voor Zwart als Kaviaar. Onlangs verscheen van hem Mijn naam is legioen.

 

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

18 juli 2008

Leven na een moord

Door Pauline van der Lans

Zoals de in het begin van de serie Desperate Housewives overleden Mary Alice Young met een alziende blik de gebeurtenissen in Wisteria Lane weergeeft, zo vertelt in Alice Sebolds roman De wijde Hemel de vermoorde tiener Susie Salmon hoe het haar achterblijvers vergaat.

Lees meer