Man Booker International Prize voor Omaanse schrijfster Jokha Alharthi

door Ingrid van der Graaf

De Omaanse auteur Jokha Alharthi heeft met Celestial Bodies, vertaald door Marilyn Booth, de Man Booker International Prize gewonnen. Daarmee gaat voor het eerst de prijs naar een boek dat uit het Arabisch naar het Engels vertaald is. Alharthi gaf na de prijsuitreiking te kennen het geweldig te vinden dat met deze erkenning ‘een deur wordt geopend naar de rijke Arabische cultuur’. Jurylid Bettany Hughes sprak tijdens de plechtigheid in Londen van: ‘Een boek dat zowel het hoofd als het hart verovert’.

Celestial Bodies gaat over drie zussen die getuigen over de langzame evolutie van de Omaanse samenleving na het koloniale tijdperk en waarin slavernij een rol speelt, welke in Oman in 1970 werd afgeschaft.
Vertaalster Booth zei in een interview, nadat bekend was dat Celestial Bodies op de longlist was geplaatst, dat ze verheugd was dat de Omaanse literatuur door deze nominatie onder de aandacht kwam van een breder publiek.Waar ze aan toevoegde dat Arabische fictie geneigd werd te zien als: ‘a road map to the Arab world rather than first and foremost as art, as imaginative writing, pushing the boundaries of what can be thought and said’.

De overige vijf genomineerden waren: The Years van Annie Ernaux, The Pine Islands van Marion Poschmann, Drive Your Plow Over The Bones Of The Dead van Olga Tokarczuk, The Shape Of The Ruins van Juan Gabriel Vásquez en The Remainder van Alia Trabucco Zerán.
De Dood van Murat Idrissi van Tommy Wieringa stond op de longlist van dertien genomineerde boeken, maar haalde de top zes niet.

De prijs wordt jaarlijks uitgereikt aan de schrijver van een boek dat vertaald is in het Engels. Het is de enige literaire prijs waarbij schrijver en vertaler gelijkelijk worden beloond. Dit jaar krijgt ieder de helft van het prijzengeld van 50.000 Britse pond (58.000 euro).

 Afbeelding: L. Jokha Alharthi; R. Marilyn Booth

 

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

16 oktober 2009

Over Engelse en Tasmaanse hartstocht

De Tasmaanse Flanagan noemt dit boek geen historische roman, maar hij liet zich wel ínspireren door bepaalde personen en gebeurtenissen uit het verleden, zoals Charles Dickens en een verdwenen pool-expeditie van John Franklin. Het verhaal speelt zich behalve in Londen af op de eilanden rond en op Tasmanië in de tijd van de kolonisatie en de kerstening van de Aboriginals (1850).
Hoofdpersoon van de tweede verhaallijn is het meisje Mathinna, dochter van een stamhoofd, die door de regent Robinson wordt gekaapt, nadat een eerdere verzoeningstocht op niets is uitgelopen.

Lees meer