20 juni 2016

Plotseling, liefde – Aharon Appelfeld

Kafka voorbij!

Recensie door Huub Bartman

‘Om schrijver te zijn is een zeker talent voor schrijven niet de enige voorwaarde. Als je niet verbonden bent met je ouders en je grootouders, en via hen met de stam, ben je een scribent en geen schrijver’, verzucht Ernst op een avond tegen zijn huishoudster Irene. Hierin besloten ligt eigenlijk de kern van het magistrale verhaal dat Aharon Appelfeld ons vertelt. Irene leert Ernst leven, dus schrijven, door hem in contact te brengen met zijn roots.

Ernst
Ernst is een 70-jarige intellectuele man met een Joodse achtergrond afkomstig uit Gallicië, Oost-Polen. Voor de oorlog heeft hij al vroeg gebroken met de, wat hij noemt, achterlijke sjtetlmentaliteit van de wereld van zijn ouders, die zich voortdurend hullen in zwijgzaamheid en met wie hij maar geen contact kan krijgen. Hij blijkt echter te beschikken over de gave van het woord. Na het publiceren van wat romantische gedichten, sluit hij zich aan bij de communisten voor wie hij de propaganda mag gaan verzorgen, heel bijzonder voor een Joodse jongen.

Een jaar voor het uitbreken van de oorlog treedt hij in het huwelijk met zijn geliefde Tina. Samen krijgen zij een dochtertje, Helga. Als de Duitsers het land binnenvallen, vertrekt Ernst met het Rode Leger naar het oosten. Zijn ouders, Tina en de kleine Helga worden door Roemeense en Duitse militairen opgejaagd en de rivier de Boeg in gedreven om daar jammerlijk te verdrinken. Na de oorlog belandt Ernst min of meer toevallig in Jeruzalem. In de avonduren schrijft hij. Na een stormachtig huwelijk met zijn tweede vrouw gaat hij met pensioen om zich te wijden aan het schrijven. Zijn zwakke gezondheid dwingt hem huishoudelijke hulp in te roepen.

De verschijning van Irene
Irene is vlak na de oorlog geboren in een Amerikaans opvangkamp in de buurt van Frankfurt. Haar ouders, ook Polen, zijn kort na de oorlog naar Israël verhuisd. Zij heeft altijd bij hen gewoond en is ook na hun dood in het ouderlijk huis blijven wonen. Irene beschikt over de gave de geesten van de overledenen te kunnen oproepen en met hen te praten. Op deze wijze blijft zij in contact met haar ouders en zij besluit haar oude leefwijze voort te zetten in precies dezelfde setting als voorheen en met inachtneming van de Joodse tradities.  Om toch een beetje te ontsnappen aan de eenzaamheid, besluit zij een dienstje te nemen bij Ernst Blumenthal. En daar ontwikkelt zich de romance, het thema van het boek.

Toenadering
Irene geeft Ernst het leven terug door hem in staat te stellen opnieuw in contact te komen met zijn verleden, met zijn ouders en grootouders. Hij heeft deze band indertijd bewust door gesneden. Tegen zijn ouders had hij een grote wrok opgebouwd vanwege hun lijdzaamheid en eeuwig stilzwijgen. De jonge Ernst keek verlangend uit naar een nieuwe wereld in een nieuwe toekomst met een ‘nieuwe mens’ , los van remmende Joodse tradities. Het communisme leek hem die mogelijkheid te bieden. De oorlog gaf hem een doel, namelijk de bestrijding van het kwaad van het fascisme (kapitalisme). Dat dit af en toe gepaard ging met individuele slachtoffers bij de boeren in de dorpen waar het zegevierende Rode Leger langs kwam, mocht geen bezwaar zijn. De soldateske kameraderie gaf hem de warmte die hij thuis zo miste en de discipline van het leger bood de structuur die nodig was om de toekomst vorm te geven. De confrontatie met de gevolgen van de shoah bij de bevrijding van de slachtoffers in de kampen bracht zijn geordende wereldbeeld aan het wankelen: hij begreep steeds meer dat hij altijd dat joodse jongetje zou blijven. Hij wilde eigenlijk een nieuw leven opbouwen in Australië, maar het toeval bracht hem naar Jeruzalem.

Zoals Ernst in hun dagelijkse ontmoetingen steeds meer onder de indruk komt van de onbevangenheid, aanhankelijkheid en eenvoudige godsvrucht van Irene, zo wordt Irene steeds meer gegrepen door de inwendige strijd van deze intellectuele reus en zijn onvermogen te schrijven en eenvoudig gelukkig te zijn. Irene wist: ‘zijn strijdperk was het schrijven.’ Bijna elke nacht verscheurde hij wat hij overdag geschreven had. Hij had, sedert de breuk met zijn ouders, gestreefd naar het schrijven van het verhaal van ‘de nieuwe mens’, los van etniciteit en bekrompen provincialisme tot Irene hem deed beseffen dat literatuur ‘begint bij de bron waar je je in je kindertijd overheen buigt en de duistere angst die je dan aanstaart vanuit de diepte, bij zijn moeder, zijn vader.’ Irene liet hem terugkijken naar zijn kinderjaren bij zijn opa en oma in de Karpaten, naar zijn ouders, zijn altijd maar zwijgende ouders, en tenslotte naar Tina en Helga, die allemaal ‘leefden in de schoot van de Boeg’.  Ernst gaat steeds beter begrijpen dat het zwijgen van zijn ouders juist zo veelzeggend was. Op zijn vraag waarom haar ouders haar niet veel verteld hadden over de oorlog, vertelt Irene hem dat zij ‘van haar ouders geleerd had dat je over lijden zonder betekenis (zonder zin) beter kon zwijgen’. Ook voor zijn eigen ouders begrijpt Ernst de diepe betekenis van deze gedachte en: ‘Als hij hun stilte hoorde, kromp hij ineen en rilde’.

Plotseling, liefde
Ernst gaat steeds eenvoudiger schrijven en Irene gaat hem steeds beter begrijpen. Hij schreef oorspronkelijk in het Duits, maar mengt er steeds meer Hebreeuwse zinnen door. Dat legt zij uit als een goed teken. Aanvankelijk droomden zij beiden hun eigen dromen over hun jeugd in de Karpaten, maar tenslotte dromen zij elkaars dromen.

Kafka
Wat een prachtig boek is dit! Aharon Appelfeld zou je een meester op de vierkante millimeter kunnen noemen. In tweehonderdvijftig pagina’s weet hij in kraakheldere bewoordingen twee door de geschiedenis getekende levenslijnen ineen te vlechten tot één sterk koord. De psychologische diepgang van het boek is dan ook groot. Ernst en Irene zijn beiden slachtoffer en gevangene van hun verleden, maar hun redding is ook gelegen in de geschiedenis, hun eigen roots. Als Ernst dat beseft, durft hij weer vrijuit te schrijven. Appelfeld zegt het zo: ‘Vroeger had Kafka’s werk over Ernst geheerst en was zijn eigen stemgeluid verstikt. Godzijdank was hij onder de vleugels van de grote schrijver vandaan gekomen.’

Appelfeld schrijft omdat hij wat te zeggen heeft en dat is klasse!!

Plotseling, liefde
Aharon Appelfeld
Vertaling door: Ruben Verhasselt
Verschenen bij: Uitgeverij Ambo | Anthos
ISBN: 9789026332241
256 pagina's
Prijs: € 21,00

Meer van Huub Bartman:

7 augustus 2017

Een kanjer

Over 'De tandeloze tijd 6 : Kwaadschiks' van A.F.Th. van der Heijden
10 januari 2017

Een echt Renaissance-mens

Over 'Rusteloos en overal' van Michiel van Kempen

Recent

20 november 2017

Het leven ontwijken

Over 'Kraaien tellen' van Lucas de Waard
17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef
14 november 2017

Diepe emoties in weloverwogen zinnen met originele beelden

Over 'Binnenplaats' van Joost Baars
13 november 2017

Een aaneenschakeling van mislukkingen?

Over 'We haten elkaar meer dan de Joden' van Els van Diggele