30 december 2009

Dictatuur van de normaliteit

Door Jessica Brouwer

Het klinkt te mooi om waar te zijn: een maatschappij waarin ziekte uitgebannen is, pijn en lijden tot de collectieve vergetelheid behoren, en de mens niet langer gekweld wordt door angsten over aandoeningen die lichaam en geest aantasten. En dat is het ook. Want niet alleen zachte heelmeesters maken stinkende wonden, zo blijkt wel uit Corpus delicti ? Een proces (2009) van Juli Zeh. De maatschappij waarvan in deze roman verhaald wordt, is er één waarin de lichamelijke en geestelijke gezondheid tot wet is verklaard, het welzijn van het lichaam tot rechtsbeginsel is verheven, en intellect en emotie uit de registers zijn verdreven. De parlementaire democratie is afgeschaft en vervangen door de allesoverheersende Methode die een streng gezondheidsregime oplegt, verplicht tot sport-, slaap- en eetrapportages, controle uitoefent via een chip in de bovenarm van iedere burger en levenspartners dicteert op basis van immunologische compatibiliteit.

Mia Moll, een vooraanstaand biologe en een trouw volgster van de Methode, komt in aanraking met justitie wanneer zij versaagt de voorgeschreven plichten te vervullen in de rouwperiode die volgt op de zelfdoding van haar broer Moritz. Hoewel aanvankelijk een mineure zaak, krijgt Mia’s proces aanzienlijk meer gewicht wanneer tijdens haar rechtsgang blijkt dat er een grove fout is gemaakt tijdens het eerdere proces van haar broer. Op grond van DNA onderzoek was hij schuldig bevonden aan verkrachting en moord, hoewel hij zijn onschuld had volgehouden. Maar niet alleen Moritz blijkt te zijn geofferd ‘op het altaar van […] verblinding’. Mia wordt als ‘corpus delicti’ de inzet van de legitimiteit van de Methode en ziet zich gedwongen de strijd aan te gaan met rechtsdragers en media-iconen. De confrontatie met het systeem mondt uit in mentale en fysieke marteling en een meedogenloze veroordeling.

Zeh slaagt er niet in haar personages tot leven te wekken. Zij blijven vlak en enkelvoudig, nauwelijks meer dan personificaties van tegengestelde wereldbeelden. Maar zou niet eenieder kleur en reliëf verliezen in een totalitaire staat waarin het recht op anders zijn en tegendraadsheid, zelfs op alles dat neigt naar individualisme, taboe is? Des te realistischer is de wereld waarin de personages opgevoerd worden. De geportretteerde samenleving riekt vervaarlijk naar de hedendaagse, lijkt daaruit voort te komen. Tendensen in de huidige maatschappij zijn uitvergroot, actuele preoccupaties met gezondheid en privacy hebben doorgezet. Het resultaat is een bewakingsstaat waarin het collectief heeft gezegevierd over het individu, afwijkingen en excessen niet getolereerd worden en de staat zich onder het mom van veiligheid en welzijn het recht heeft toegeëigend persoonlijke levens binnen te dringen. Daarin slaagt Zeh wonderwel: het scheppen van een angstaanjagende dystopie die zomaar eens werkelijkheid zou kunnen worden.

Juli Zeh, ‘Corpus delicti ? Ein Prozess’ (2009), Schöffling & Co. Verlagsbuchhandlung GmbH, 272 p. Vertaald door Hilde Keteleer: ‘Corpus delicti ? Een proces’ (2009), Ambo|Anthos uitgevers, 217 p.

Recent

16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

13 oktober 2017

Leven zonder moeder

12 oktober 2017

Een antikrimi

11 oktober 2017

De stijl tekent de man

10 oktober 2017

Eindeloos gepieker

Literair Nederland - 10 jaar geleden

22 oktober 2007

Klein boek zonder enige allure
Door Frans

Waarom gaf de commissie – Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek – aan Geert Mak de opdracht om het boekenweekgeschenk 2007 te schrijven? Vermoedelijk vanwege zijn succes met de dikke pil ‘In Europa’. Zou Mak daarom als onderwerp voor zijn boek de Galatabrug, die Europa met Klein-Azië verbindt, gekozen hebben?

Lees meer