Jo Otten – Kritisch en verhalend proza – Verzameld werk deel 2

Gesignaleerd door de redactie

De Rotterdamse auteur Jo Otten (1901-1940) heeft tijdens zijn leven verschillende genres beoefend (verhalen, essays en kritieken) waarin hij zijn pessimistische kijk op een modernistische wijze vorm gaf. Otten gebruikte intuïtie, droom en verbeelding in zijn werk om zich staande te kunnen houden in een wereld die aan wetten en conventies onderworpen was. Als mens protesteerde Otten tegen een samenleving waarin men elkaars ideeën en opvattingen deelde. Zo’n wereld van eensgezindheid en gebrek aan spanning was in zijn optiek er een van een dodelijke saaiheid. En in een starre wereld van gelijkvormigheid weigerde hij te leven.

In Ottens verhalend proza hangt de angst als een waas over het onzekere bestaan van zijn verhaalfiguren. Angst bepaalt het grondthema van zijn diverse verhalen en daarmee feitelijk het spectrum van Ottens onrust. Maar hoe tegenstrijdig het mag liijken, angst ervoer hij tevens als troost, als een ‘dierbare vijandin’, die sturing gaf aan zijn leven. In dit verzameld werk deel 2 treedt de authenticiteit en eigenheid van Otten sterk naar voren.

Victor E. van Vriesland (1892-1974) benoemde het aldus: ‘De angst is voor deze auteur een ongeneeslijke, wurgende ziekte en tegelijk een soort huisdier waar hij niet meer buiten kan.’

Dit verzameld werk werd bezorgd en ingeleid door Rob Groenewegen die ook de biografie Te leven op duizend plaatsen van Jo Otten publiceerde.

 

Jo Otten, Kritisch en verhalend proza
Verzameld werk deel 2

Blz.: 248
Prijs: 18,50
Uitgeverij In de Knipscheer

 

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

16 september 2009

De woorden leven en hoe!

Over sommige boeken zou ik helemaal niets willen zeggen om er niets over te verklappen, maar er alleen op wijzen of er desnoods iets over te zingen, net zoals in dit boek de potige vader Jay en later ook de moeder Laura doen voor hun zoon op een gestikte deken in de achtertuin.

‘Meestal werd er dan niet gesproken, ze luisterden maar wat naar de geluidjes en keken omhoog naar de sterren en voelden zich heel erg kalm en blij en droevig tegelijk, en dan zette zijn vader opeens heel zachtjes in, haast alsof hij voor zichzelf zong: ‘Daal neer,’

Lees meer