In memoriam Armando 1929 – 2018

Dichter, prozaïst, muzikant, theatermaker, schilder en beeldhouwer Armando  is op zondag 1 juli overleden in Potsdam, hij was 88 jaar. Armando (18 september 1929) kreeg bij geboorte de naam, Herman Dirk van Dodeweerd mee maar heeft die nooit willen gebruiken. Zijn Italiaanse grootmoeder en zijn moeder noemden hem van kleins af Armando. En zo is het gebleven.

Geboren in Amsterdam verhuisde Armando in 1939 met zijn ouders naar Amersfoort. Daar, waar eerst alleen heide en bos was waar hij als jongen speelde, werd in de oorlog door de Duitsers een concentratiekamp gebouwd. Het geweld dat in het concentratiekamp gebruikt werd en tot ver buiten het kamp werd waargenomen, waren van grote invloed op Armando’s werk. Hij deed daarvan verslag in het boek De straat en het struikgewas, waarvoor hij de Multatuli-prijs (1988) kreeg. In 1979 breekt hij internationaal door als kunstenaar en in datzelfde jaar verhuist hij naar Berlijn waar hij tot 2004 zal blijven wonen. In 2008 verhuist hij opnieuw naar Duitsland, nu naar Potsdam.

Armando beoefende meerdere kunstdisciplines maar werd bij het grote publiek vooral bekend door de tragikomische serie Herenleed (1971-1994), die hij samen met Cherry Duyns en Johnny van Doorn maakte voor de VPRO. En wellicht door de brand in 2007 in de Ellenboogkerk in Amersfoort, waar het Armando Museum gevestigd was. Door die brand is veel van zijn werk verloren gegaan. Er werd wel gezegd dat Armando te goed was om de lieveling van het publiek te worden.

Maar zijn thema’s over goed en kwaad, dader en slachtoffer reikten verder dan de oorlog. De tragiek van de mens en het weten dat elk mens, als deze van hogerhand de permissie krijgt een ander te onderdrukken, dat ook zal doen, daar was Armando van doordrongen. ‘Je moet niet veel van de mensen verwachten.’ zei hij in een interview met Trouw (2014): ‘Wreedheden zitten óók in de mens.’ En in landschappen, hoe idyllisch ook. Schuld en onschuld was ook en belangrijk onderwerp in zijn werk en waar het gedicht ‘Getuigen’ uit zijn laatste bundel Liever niet (2017) en verschenen bij Atlas Contact uitdrukking aan geeft.

‘er zijn geen getuigen meer
getuigen van de dingen die ze zagen
die ze moesten zien maar niet meer willen zien
getuigen die steeds blijven zwijgen
getuigen die vertellen over dingen die ze graag gezien hadden
getuigen die niets zagen die nooit iets gemerkt hebben
getuigen van zon en schemer van dampige gestalten
getuigen die geen getuigen zijn omdat ze te laat naar voren drongen.’

Als dichter debuteerde hij in 1953 in ‘Podium’, pas in 1964 debuteerde hij met een bundel, die hij de titel meegaf ‘Verzamelde gedichten’. In de jaren zestig sluit hij zich aan bij de Nul-beweging en ontwikkelt zich in die jaren ook als fanatiek bokser. Daarover publiceert hij een drietal cycli gedichten ‘Boksers’, de Engelstalige reeks ‘Fighters’ en ‘September in de trein’. Als kunstenaar en schrijver stond hij bekend als tegendraads. In Berlijn werkte hij jarenlang in het oude atelier van nazi-beeldhouwer Arno Breker. In zijn schilderwerken domineert het zwart, maar ook het rood, in plakkaten aangebracht gebruikte hij graag. Hij schilderde verkoolde bomen, zwarte vlaggen en landschappen in monumentale afmetingen. Over zijn ervaringen in Berlijn schreef hij columns voor NRC Handelsblad, die later werden gebundeld.

Hij muntte de term ‘schuldig landschap’, als ook, ‘schuldige bomen en bossen’ die de thematiek van zijn werk behelsde. De natuur zag hij als getuige van gruwelijke oorlogshandelingen en andere misdaden. In elke idylle hield zich een kern van het kwaad verborgen, volgens Armando. ‘Het bos heeft alles gezien en toegelaten, zonder een woord te zeggen. En het staat er nog: onbewogen als altijd.’ (uit: Aantekeningen over de vijand, 1981).

Er stond een overzichtstentoonstelling in de steigers voor het jaar 2019, waarin hij negentig zou worden. De onderhandelingen met directeur Suzanne Swarts van Museum Voorlinden waren in volle gang. Aan dood gaan dacht Armando niet. Hij had nog veel ideeën, om te schilderen te schrijven. De laatste jaren liet zijn gezondheid te wensen over, zijn rechterarm kon hij niet meer gebruiken en hij werd afhankelijk van een rolstoel.

Armando was een veelzijdig man en behoorde tot een van de belangrijkste naoorlogse Nederlandse kunstenaars. Nationaal en internationaal werd hij gewaardeerd als beeldend kunstenaar, schrijver, documentairemaker en violist. In 2010 portretteerde Cherry Duyns Armando in de documentaire  Armando, portret van een vriend, over de tragiek van de mens en het gevecht met de eeuwigheid. ‘Kunst maken is niet leuk,’ aldus Armando in de film.

Zijn werk werd met verschillende prijzen bekroond. Voor zijn gebundelde column Machthebbers (1983) ontving hij de F. Bordewijkprijs en Multatuliprijs. Voor zijn hele oeuvre ontving hij in 1985 de Jacobus van Looyprijs voor dubbeltalenten.

In Komrij’s Nederlandse Poëzie (15/16e druk) is Armando opgenomen met twee gedichten, waaronder: ‘Waarom zouden we wat we gedaan hebben om vergeving vragen’.

om vergeving vragen waarom
hebben we gedaan wat we moesten doen

we deden wat we konden om niet
te weten dat we leefden

 

Foto: Conny Meslier

 

Omslag  -

Recent

15 november 2018

Het zoeken naar de juiste context

Over 'De verzuimcoördinator' van Nicole Montagne
13 november 2018

Schuld en geluk na val van de trap

Over 'Afgelegen' van James Wood
12 november 2018

Zwanger van dood

Over 'De lange droogte' van Cynan Jones
9 november 2018

Deze roman is een fantastische reflectie op het schrijverschap

Over 'Als de schaduw die verdwijnt' van Antonio Muñoz Molina
7 november 2018

Alzheimer en andere teloorgangen

Over 'Kleine helden zijn wij' van Stijn van der Loo

Verwant